BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2009-2010
________
9 maart 2010
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-7138

de Ann Somers (Open Vld)

aan de vice-eersteminister en minister van Begroting
________
Overheidsdiensten en -bedrijven - Personeel - Vergrijzing - Maatregelen
________
ministerie
overheidsapparaat
oudere werknemer
aanwerving
taalgebruik
leeftijdsverdeling
officiŽle statistiek
________
9/3/2010Verzending vraag
15/4/2010Antwoord
________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7134
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7135
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7136
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7137
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7139
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7140
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7141
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7142
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7143
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7144
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7145
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7146
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7147
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7148
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7149
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7150
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7151
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7152
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7153
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-7154
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-7138 d.d. 9 maart 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Uit een artikel in De Standaard van 13 augustus 2009 (" Helft ambtenaren op Arbeid is ouder dan 50 ") is gebleken dat het ambtenarenkorps bij de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg zo snel vergrijst dat het aandeel werknemers ouder dan vijftig " onrustwekkende proporties " heeft aangenomen. Dat beweerde althans topambtenaar Pierre-Paul Maeter. Concrete cijfers van de minister van Werk en Gelijke Kansen in antwoord op mijn schriftelijke vraag nr. 4-5476 tonen inderdaad een voortschrijdend verouderingsproces aan. Naar verluidt is het een gegeven dat zich ook in andere overheidsdiensten manifesteert of zal manifesteren.

Bijgevolg stelde ik graag de volgende vragen met betrekking tot het personeel werkzaam in de overheidsadministraties of overheidsbedrijven die onder uw bevoegdheid vallen:

1) Hoeveel ambtenaren, opgedeeld volgens taalgroep, niveau, geslacht en statuut (statutair of contractueel), zijn er werkzaam:

a) tussen 20 en 30 jaar;

b) tussen 30 en 40 jaar;

c) tussen 40 en 50 jaar;

d) tussen 50 en 60 jaar;

e) ouder dan 60 jaar?

2) a) Hoeveel Nederlandstalige en Franstalige ambtenaren zijn er in de periode van 2006 tot heden jaarlijks afgevloeid?

2) b) Hoeveel van deze afvloeiingen waren statutaire ambtenaren? Graag kreeg ik de cijfers per taalgroep.

3) a) Hoeveel Nederlandstalige en Franstalige ambtenaren zijn er in de periode 2006 tot heden jaarlijks aangeworven?

3) b) Hoeveel van deze aanwervingen waren statutaire ambtenaren? Graag kreeg ik de cijfers per taalgroep.

4) Hoeveel van de Nederlandstalige en Franstalige ambtenaren ouder dan vijftig werkt:

a) voltijds;

b) halftijds;

c) vier vijfde;

d) in een ander deeltijds regime?

5) Welke diensten dreigen op termijn het slachtoffer te worden van de verregaande vergrijzing?

6) Acht de minister interne hervormingen in de administratie nodig om de werking van de diensten op termijn te garanderen?

Antwoord ontvangen op 15 april 2010 :

1) Verdeling over leeftijdsgroepen

Leeftijdsgroep

taalgroep

niveau

geslacht

statuut

NL

FR

A

B

C

D

M

V

ST

C

20-30

11

11

14

3

3

2

14

8

13

9

31-40

22

17

28

6

4

1

17

22

34

5

41-50

22

24

24

13

4

5

22

24

39

7

51-60

19

22

18

17

1

5

20

21

37

4

>60

4

3

5

0

1

1

4

3

5

2

2) a) + b) Afvloeiingen sinds 2006: 30


statuut

taalgroep

ST

C

NL

10

4

FR

15

1

3) a) + b) Aanwervingen sinds 2006: 60


statuut

taalgroep

ST

C

NL

20

8

FR

25

7

4) Werkregime voor ambtenaren ouder dan 50: 48

taalgroep

werkregime


100%

50%

80%

0%

NL

12

6

5

0

FR

21

2

1

1

5) Het aantal ambtenaren ouder dan 50 bedraagt 48; dit betekent 30,97% van het totaal. Deze ambtenaren zijn verspreid over de verscheidene diensten en voor geen enkel van de diensten is dit onrustwekkend.

6) De situatie is niet onrustwekkend van aard maar is en blijft een belangrijk aandachtspunt bij de personeelsplanning voor de volgende jaren. Door een gerichte recrutering en interne verschuivingen wordt deze uitstroom beheerd. Bovendien wordt een aantal structurele acties genomen betreffende kennismanagement en kennisoverdracht.