Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2039

van Yves Buysse (Vlaams Belang) d.d. 7 april 2011

aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven

Bevordering van ambtenaren - Regering in lopende zaken

aftreden van de regering
ambtenaar
bevordering in een loopbaan
bevoegdheid van de uitvoerende macht

Chronologie

7/4/2011 Verzending vraag
18/7/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2039 d.d. 7 april 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Tijdens de hoorzitting van 7 mei 1993 over de invulling van het begrip " lopende zaken " merkte professor Van Orshoven dat " lopende zaken " een gewoonterechtelijke constructie is. Hij wees er ook op dat het dagelijks bestuur en de afwerking van eerder ingezette en beleidsmatig reeds besliste procedures zeker onder lopende zaken valt.

In de huidige, zeer langdurige periode van " lopende zaken " werd het begrip zeer vaak tot het uiterste opgerekt, en volgens sommigen zelfs uitgehold. De regering trekt steeds meer bevoegdheden naar zich toe die vroeger nooit tot " lopende zaken " gerekend werden. Op andere punten blijft men dan weer binnen de traditionele krijtlijnen.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Hoe interpreteert de geachte minister het concept " lopende zaken " in verband met het bevorderen van ambtenaren?

2) Worden alle gebruikelijke bevorderingsexamens ingericht?

3) Bestaan er juridische of feitelijke regels voor het bevorderen van geslaagde deelnemers aan zulke examens in een periode van lopende zaken?

4) Wordt het bevorderen van ambtenaren die met succes aan een bevorderingsexamen deelnamen, beschouwd als " de afwerking van eerder ingezette en beleidsmatig reeds besliste procedures "?

5) Zijn er gevallen waarin het bevorderen van zulke ambtenaren beschouwd wordt als " een dringende aangelegenheid die geen uitstelt duldt "? Zo ja, welke?

6) Zijn er ambtenaren van wie de normale bevordering vertraagd of uitgesteld is doordat er alleen een regering in lopende zaken is? Zo ja, hoeveel van elke taalrol?

Antwoord ontvangen op 18 juli 2011 :

1. Het concept “lopende zaken” bestaat voor de regeringen van de gemeenschappen en de gewesten, in artikel 73, tweede lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, zonder dat echter de precieze inhoud ervan bepaald is. Op federaal niveau is er daarentegen geen enkele grondwettelijke, wettelijke of reglementaire bepaling. Het betreft een vast gebruik.

Op de dag dat de regering ontslag nam, heeft de Eersteminister een omzendbrief betreffende de lopende zaken ondertekend.

Daarin wordt het volgende gepreciseerd in punt 5) “Inzake bevorderingen…, is de grootste voorzichtigheid geboden” en “behalve in gevallen van hoogdringendheid, tekent de Koning overigens geen besluiten tot bevordering”.

2. De bevorderingsproeven voor de overgang naar niveau B en C werden onverminderd voortgezet. Zo werd er in 2010 de tweede bijzondere proef georganiseerd voor de overgang naar niveau C en wordt er in 2011 de overgangsproef naar niveau B georganiseerd.

Het sectoraal akkoord van 2009 – 2010 voorzag voor wat betreft de modaliteiten van de overgang naar niveau A een grondige reflectie. Met een regering in lopende zaken werden de besprekingen over een nieuwe aanpak voor de overgang naar niveau A opgeschort. De afstemming van dit proces op de competentiegerichte aanpak van andere selecties en overgangsselecties kwam hiermee in het gedrang.

Selor heeft ondertussen wel het initiatief genomen om het meest relevante gedeelte en eveneens het slotstuk van de huidige procedure te hervatten, met name het openstellen van de functiegerichte assessment. Deze is competentiegericht en geeft aan dat zij die de nodige brevetten hebben de mogelijkheid hebben, bij slagen, om de overstap te doen. Deze proeven werden eind 2010 aangekondigd. De personen die in aanmerking komen voor deze overgangsproef kunnen zich tot eind januari inschrijven bij hun personeelsdienst. De eigenlijke assessments worden voorzien vanaf 15 mei 2011.

3. Zoals ik in mijn eerste antwoord al verduidelijkte, bestaat er op federaal niveau geen enkele grondwettelijke, wettelijke of reglementaire bepaling betreffende de lopende zaken. De omzendbrief van de Eersteminister bevat daarentegen instructies inzake bevorderingen.

Wat betreft de ambtenaren die geslaagd zijn voor een selectie voor de overgang naar het hogere niveau, kan ik u echter meedelen dat artikel 29bis van het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 22 november 2006 het volgende bepaalt: “In afwijking van artikel 6bis van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel en binnen de achttien maanden na de datum van het proces-verbaal van afsluiting van een vergelijkende selectie voor overgang naar het hogere niveau, wordt de vacantverklaring van een aantal betrekkingen dat minstens gelijk is aan het aantal geslaagden van de selectie, bekendgemaakt aan deze geslaagden volgens de modaliteiten die zijn vastgelegd in artikel 72, § 2, eerste tot derde lid van voormeld koninklijk besluit van 2 oktober 1937.”.

Met andere woorden, de personeelsdiensten moeten voortaan elke geslaagde kandidaat binnen de achttien maanden volgend op de datum van het proces-verbaal van afsluiting van een vergelijkende selectie voor overgang naar het hogere niveau een bevorderingsfunctie aanbieden.

Als dat niet gebeurt, moeten de geslaagde ambtenaren ambtshalve bevorderd worden op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de termijn van achttien maanden verstrijkt.

Ik wil echter wijzen op het feit dat dit automatisme alleen geldt als de administratie de geslaagden geen bevorderingsfunctie heeft aangeboden. Als dat wel het geval is, worden de geslaagden immers alleen bevorderd als hun aanpassingsperiode gunstig wordt afgesloten.

4. Die vraag doet niet ter zake. Zoals ik in mijn derde antwoord immers heb verduidelijkt, hebben de geslaagden van een overgangsexamen naar het hogere niveau de garantie dat ze benoemd worden binnen de achttien maanden volgend op de datum van het proces-verbaal van afsluiting van een selectie, in het geval dat de administratie hen geen bevorderingsfunctie heeft aangeboden.

5. Aangezien het gaat om bevorderingen die verbonden zijn aan het slagen voor een examen, is het helemaal niet nodig om zich te beroepen op een hoogdringendheid. Het bevorderen van geslaagden van een vergelijkende selectie voor overgang naar het hogere niveau valt onder de normale toepassing van de statutaire regels. Die bevorderingen, die men uiteraard niet mag verwarren met de bevorderingen naar de hogere klasse binnen niveau A, hebben geen enkele vertraging opgelopen.

6. Gezien de antwoorden op de vorige vragen doet die vraag niet meer ter zake.