SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2012-2013 Zitting 2012-2013
________________
22 novembre 2012 22 november 2012
________________
Question écrite n° 5-7304 Schriftelijke vraag nr. 5-7304

de Cindy Franssen (CD&V)

van Cindy Franssen (CD&V)

au secrétaire d'État à l'Environnement, à l'Énergie et à la Mobilité, adjoint à la ministre de l'Intérieur et de l'Égalité des Chances, et secrétaire d'État aux Réformes institutionnelles, adjoint au premier ministre

aan de staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit, toegevoegd aan de minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen, en staatssecretaris voor Staatshervorming, toegevoegd aan de eerste minister
________________
Octroi automatique de droits - Demandes d'informations Automatische toekenning van rechten - Opvragen van informatie 
________________
pauvreté
droits sociaux
prestation sociale
prix réduit
catégorie sociale défavorisée
armoede
sociale rechten
sociale uitkering
gereduceerde prijs
sociaal achtergestelde groep
________ ________
22/11/2012 Verzending vraag
10/9/2013 Antwoord
22/11/2012 Verzending vraag
10/9/2013 Antwoord
________ ________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7291
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7292
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7293
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7294
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7295
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7296
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7297
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7298
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7299
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7300
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7301
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7302
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7303
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7305
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7306
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7307
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7308
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7309
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7291
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7292
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7293
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7294
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7295
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7296
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7297
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7298
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7299
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7300
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7301
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7302
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7303
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7305
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7306
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7307
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7308
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-7309
________ ________
Question n° 5-7304 du 22 novembre 2012 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-7304 d.d. 22 november 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Toute une série de droits ne sont accordés à des citoyens qu'après une procédure administrative durant laquelle leurs revenus et/ou leur fortune sont évalués et calculés. Pour les bénéficiaires, cela signifie beaucoup de tracas administratifs doublés de diverses émotions : honte, culpabilité, incompréhension... L'attribution automatique de droits simplifierait ces procédures et mettrait les citoyens plus à l'aise.

Dans l'accord de gouvernement fédéral 2011-2014 figure l'engagement suivant en matière de lutte contre l'exclusion et pour l'intégration sociale : « Partout où c'est possible, le gouvernement accélérera l'ouverture automatique de droits sociaux de type tarif social pour les personnes qui répondent aux conditions prévues (notamment énergie, eau, communications, SNCB). Il promouvra l'échange d?informations en la matière et communiquera suffisamment sur les droits sociaux accordés aux bénéficiaires. » La secrétaire d'État à l'Asile et la Migration, à l'Intégration sociale et la Lutte contre la pauvreté, Maggie De Block, a confirmé cet engagement dans sa note de politique générale du 12 janvier 2012.

On lit aussi dans le Plan fédéral de lutte contre la pauvreté (PFLP) que le gouvernement fédéral est prêt à faciliter l'accès des citoyens aux services publics :« Rendre les services publics accessibles à tous les citoyens signifie aussi identifier les citoyens les plus vulnérables et rendre automatiques les droits auxquels ils peuvent prétendre.». Les différents volets du PFLP indiquent que cette attribution automatique se fera dans plusieurs domaines : tarif social pour les fournitures d'énergie (action 32), traitement optimisé de l'information par le SECAL (action 50), simplification et accélération de l’octroi de l’intervention majorée de l’assurance maladie (action 78), etc.

Le gouvernement flamand a décidé que chacun de ses membres chargerait ses administrations respectives de formuler, le cas échéant, des propositions permettant l'attribution automatique de droits dans les domaines relevant de leurs compétences. Cette mesure favorise l'accessibilité de chaque département et l'attribution automatique des droits à tout citoyen qui peut y prétendre. En d'autres termes, on a opté pour une stratégie intégrée. Une telle approche se fait encore attendre au niveau du gouvernement fédéral.

Je souhaiterais apprendre du/de la ministre/secrétaire d'État :

1) À l'échelon fédéral, qu'entend-on spécifiquement par « attribution automatique de droits » ? Quelles mesures et quels aspects correspondent-ils à ce concept ?

2) Comment garantit-on actuellement que chaque ministre ou secrétaire d'État fédéral(e) veille, dans sa sphère de compétence, à l'attribution automatique de droits ? Si aucune mesure n'a encore été prise, va-t-on le faire ? Pourquoi ou pourquoi pas ?

3) Dans quels domaines de compétence des droits sont-ils attribués automatiquement ? Je souhaiterais un relevé, par domaine relevant des compétences du/de la ministre/secrétaire d'État, de tous les droits attribués automatiquement.

4) Dans vos domaines de compétence où l'attribution automatique de droits se pratique déjà, procède-t-on à une évaluation de l'accès aux procédures administratives, de la satisfaction du citoyen et de l'efficacité de cette attribution automatique ?

Si oui, quand ? Sous quelle forme et de quelle manière ? Quels en sont les résultats ?

Si non, pourquoi pas ? Une évaluation est-elle prévue ? Quand ?

5) Comment le/la ministre/secrétaire d'État permet-il/elle à ses services de se procurer les informations nécessaires pour les procédures sans devoir les demander au citoyen ? Comment identifie-t-on les citoyens vulnérables et/ou qui peuvent faire valoir un droit déterminé ?

 

Heel wat rechten van burgers worden pas toegekend na een administratieve procedure waarbij het inkomen en/of het vermogen van de burgers wordt berekend en onderzocht. Dat betekent voor de burger heel wat administratieve beslommeringen en vaak brengt het ook heel wat emoties met zich: schaamte, schuld, onbegrip… Door rechten automatisch toe te kennen kunnen die administratieve procedures eenvoudiger en aangenamer worden voor de burger.

De federale regering engageert zich in het federale regeerakkoord 2011-2014 om, inzake de strijd tegen sociale uitsluiting en voor maatschappelijke integratie, "overal waar mogelijk de automatische opening van sociale rechten van het type "sociaal tarief" voor personen die aan de voorwaarden voldoen (onder meer energie, water, communicatie, NMBS) te versnellen. Zij zal de uitwisseling van informatie terzake aanmoedigen en voldoende communiceren over de sociale rechten toegekend aan de begunstigden." Staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke integratie en Armoedebestrijding, Maggie De Block bevestigde dit engagement eveneens in haar Algemene Beleidsnota van 12 januari 2012.

Ook in het Federaal Plan Armoedebestrijding (FPA) lezen we dat de federale regering bereid is om de overheidsdiensten toegankelijker te maken voor de burgers: "De overheidsdiensten toegankelijk maken voor alle burgers houdt dus in dat de meest kwetsbare burgers worden geïdentificeerd en dat de rechten waarop ze aanspraak kunnen maken automatisch worden toegekend." Uit verschillende acties van het FPA blijkt dat die automatische toekenning van rechten op verschillende domeinen een plaats zal krijgen: een sociaal tarief voor energieleveringen (actie 32), efficiëntere informatieverwerving bij de werking van de DAVO (actie 50), snellere en eenvoudige toekenning van de verhoogde tegemoetkoming van ziekteverzekering (actie 78)…

De Vlaamse regering gelast alle Vlaamse ministers om hun betrokken administraties op te dragen om waar nodig voorstellen tot aanpassing uit te werken om de automatische toekenning van rechten op hun respectieve beleidsdomein te verwezenlijken. Via deze maatregel wordt verzekerd dat elk departement toegankelijk is voor alle burgers en dat de rechten automatisch worden toegekend aan elke burger die er recht op heeft. Er wordt met andere woorden voor een integrale aanpak geopteerd. Binnen de federale regering is een dergelijke maatregel echter nog niet terug te vinden.

Graag had ik van de minister/staatssecretaris vernomen:

1) Wat wordt binnen het federale beleid specifiek verstaan onder een "automatische toekenning van rechten"? Uit welke verschillende maatregelen en aspecten bestaat die automatische toekenning?

2) Op welke manier wordt momenteel verzekerd dat elke federale minister of staatssecretaris erover waakt dat de rechten binnen zijn beleidsdomein automatisch worden toegekend? Indien hierrond nog geen maatregel bestaat, zal zo'n maatregel worden genomen? Waarom wel/niet?

3) Op welke beleidsdomeinen worden rechten automatisch toegekend? Graag een overzicht van alle rechten die automatisch worden toegekend per beleidsdomein onder de bevoegdheid van de betreffende minister/staatssecretaris.

4) Wordt bij de beleidsdomeinen waarbij de automatische toekenning van rechten reeds wordt gehanteerd een evaluatie uitgevoerd inzake de toegankelijkheid van administratieve procedures, de tevredenheid van de burger en de efficiëntie van de automatische toekenning?

Zo ja, wanneer wordt ze uitgevoerd? Hoe krijgt de evaluatie vorm en hoe wordt ze georganiseerd? Wat zijn de resultaten van de evaluatie?

Zo neen, waarom niet? Zal een evaluatie worden gepland? Wanneer?

5) Op welke manier geeft de minister/staatssecretaris de diensten onder zijn/haar bevoegdheid de mogelijkheid om de nodige informatie voor de administratieve procedure te verkrijgen zonder dat zij dit moeten opvragen aan de burger? Op welke manier worden de kwetsbare burgers en/of de burgers die aanspraak kunnen maken op een bepaald recht geïdentificeerd?

 
Réponse reçue le 10 septembre 2013 : Antwoord ontvangen op 10 september 2013 :

En ce qui concerne le Service public fédéral (SPF) Mobilité:

La Société nationale des chemins de fer belges (SNCB) offre la possibilité de voyager à un tarif social au voyageur qui est en possession d'une carte de réduction « Intervention Majorée ». Actuellement, cette carte doit être demandée au guichet sur la base d'une attestation (qui est délivrée par les diverses mutualités).

La SNCB prévoit que la mise en œuvre d’une première collaboration avec la Banque Carrefour sera réalisée au cours du premier semestre de 2013. Cela signifie que les personnes socialement défavorisées ne devront plus demander une attestation auprès de leur mutualité, mais pourront obtenir une carte de réduction directement au guichet de toute gare SNCB.

Via ses canaux d'information généraux (comme par exemple ses différentes brochures et son site web), la SNCB fera en outre connaître l'existence de la carte de réduction et du tarif réduit qui y est associé.

Pour ce qui concerne le SPF Santé Publique et Environnement:

Ces questions ne sont pas applicables pour le SPF Santé publique.

Pour ce qui concerne le SPF Économie :

1. L’attribution automatique de droits peut être effectuée de différentes façons. La méthode de l’automatisation, la plus radicale, garantit que le citoyen ne doive plus entreprendre de démarches lui-même. Un exemple d'une telle automatisation complète se retrouve dans l'automatisation du tarif social pour le gaz naturel et / ou d'électricité. C'est le SPF Économie qui est responsable du processus d'automatisation et qui avise les fournisseurs quant aux clients auxquels ces fournisseurs doivent accorder le tarif social, pour quelle période et pour quel point de raccordement.

En outre, les droits peuvent être également partiellement automatisés. Dans ce cas, le citoyen doit déclarer vouloir faire appel à un droit social. Je songe ici à la demande au fonds social chauffage introduite par le citoyen auprès du Centre public d’action sociale (CPAS). Après l’introduction de la demande, le CPAS effectue une enquête pour déterminer si le citoyen est susceptible de bénéficier d’une certaine catégorie de prestations. Cela signifie que le citoyen n’a pas à prouver qu'il appartient à une catégorie, mais que le CPAS vérifie à travers un programme électronique si le demandeur a droit à une intervention majorée de l’assurance maladie -invalidité et que son revenu n'est pas trop élevé. Si un résultat positif ressort de cet examen, le citoyen peut bénéficier de l’allocation.

2. Au sein du SPF Économie, la Direction Générale de l’énergie participe au séminaire « attribution automatique des droits » du service d’aide de la lutte contre la pauvreté. Au sein de ce séminaire, plusieurs SPF se rencontrent pour déterminer ce qui existe déjà pour l'automatisation des droits et ce qui peut être automatisé ou étendu à l’avenir. De cette façon, la Direction Générale de l'énergie veille à ce que l'automatisation des droits progresse.

3. Depuis le 1er juillet 2009, le SPF Économie a entièrement automatisé le tarif social pour l’électricité et/ou le gaz naturel.

4. Une évaluation permanente d'un système automatique est évidemment considérée comme très importante. C’est la raison pour laquelle le SPF Économie organise au moins chaque trimestre une consultation technique au sein du service afin de discuter de l'état d'avancement du système. De cette façon, des problèmes éventuels peuvent rapidement être détectés et résolus. Le SPF Économie organise en outre, chaque trimestre, une plate-forme de communication impliquant tous les acteurs concernés (institutions sociales, la Banque Carrefour de la sécurité sociale (BCSS), les fournisseurs d'énergie et le SPF Économie) et où ils peuvent indiquer en quoi le processus peut être amélioré. De cette façon, aucune étape du processus d'automatisation est omise dans le processus d'évaluation. Cette pratique renforce une coopération qui s’avère indispensable, puisqu’il faut tout de même coopérer sous des angles très différents. Il s'agit d'un premier résultat important ; le résultat le plus important concerne réside toutefois dans les améliorations appliquées aux programmes, aux données fournies et aux méthodes de travail. L'automatisation du tarif social a donc déjà connu plusieurs phases.

5. Pour l'automatisation du tarif social pour l'électricité et / ou le gaz naturel, le SPF Économie est en relation avec la BCSS qui collecte les données des institutions sociales. Pour bénéficier de ce tarif plus avantageux, un citoyen doit faire partie d'une catégorie qui bénéficie d'un avantage du SPF Sécurité Sociale, Direction générale des personnes handicapées, de l’ONP ou du CPAS. Pour identifier les clients qui appartiennent à une catégorie, le SPF Économie doit également recevoir les données des clients de tous les fournisseurs d'énergie et des gestionnaires de distribution. Étant donné que la BCSS ne travaille pas avec les données des clients, mais avec des données personnelles, le SPF Économie reçoit également les des données du registre national. Les données provenant de ces diverses institutions sont reliées entre elles de sorte que les citoyens n'ont pas à entreprendre des démarches pour l’obtention du tarif social.

Voor wat de Federale Overheidsdienst (FOD) Mobiliteit betreft:

De Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS) biedt de mogelijkheid om te reizen aan een sociaal tarief indien de reiziger in het bezit is van een kortingkaart ‘Verhoogde Tegemoetkoming’. Momenteel dient deze kaart aangevraagd te worden aan het loket aan de hand van een attest (dat wordt afgeleverd door de diverse mutualiteiten).

NMBS voorziet dat in het eerste semester van 2013 een eerste samenwerking met de Kruispuntbank gerealiseerd zal worden. Dit betekent dat de sociaal zwakkeren niet langer een attest dienen aan te vragen bij hun mutualiteit, maar rechtstreeks een kortingkaart kunnen verkrijgen aan het loket van elk NMBS-station.

Verder communiceert NMBS via haar algemene informatiekanalen (zoals onder meer in haar verschillende brochures en website) over het bestaan van de kortingkaart en het daaraan gekoppelde kortingtarief.

Voor wat FOD Volksgezondheid en Leefmilieu betreft:

Deze vragen zijn niet van toepassing voor de FOD Volksgezondheid.

Voor wat FOD Economie betreft:

1. Het automatisch toekennen van rechten kan op verschillende manieren ingezet worden. De meest verregaande wijze van automatiseren zorgt ervoor dat de burger zelf geen enkele stap dient te ondernemen. Een voorbeeld van zulke volledige automatisering kan je terug vinden bij de automatisering van het sociaal tarief voor aardgas en/of elektriciteit. Het is de FOD Economie die instaat voor dit automatiseringsproces en aan de leveranciers meedeelt aan welke klanten zij het sociaal tarief moeten toekennen voor welke periode en voor welk aansluitingspunt.

Daarnaast kunnen rechten ook deels geautomatiseerd zijn, waarbij een burger moet aangeven aanspraak te willen maken op een sociaal recht. Hierbij denk ik aan de aanvraag tot het sociaal verwarmingsfonds die de burger indient via zijn Openbaar Centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW). Na de indiening van de aanvraag voert het OCMW een onderzoek naar het al dan niet behoren tot een bepaalde categorie die van de uitkering kan genieten. Dit houdt in dat de burger zelf niet hoeft te bewijzen dat hij of zij tot een categorie behoort, maar dat het OCMW via een elektronisch programma nagaat of de aanvrager recht heeft op een verhoogde verzekeringstegemoetkoming van de ziekte- en invaliditeitsverzekering en dat zijn of haar inkomen niet te hoog is. Wanneer een positief resultaat uit dit onderzoek voortvloeit, kan de burger genieten van de toelage.

2. Binnen de FOD Economie neemt de Algemene Directie (AD) Energie deel aan het werkseminarie “Automatische opening van rechten” van het steunpunt tot bestrijding van armoede. Binnen dit seminarie komen verschillende FOD’s samen om na te gaan wat er reeds bestaat aan automatisering van rechten en wat er in de toekomst nog geautomatiseerd kan worden of uitgebreid kan worden. Op deze manier wordt er binnen de AD Energie verzekerd dat er schot blijft in het automatiseren van rechten.

3. De FOD Economie heeft sinds 1 juli 2009 het sociaal tarief voor elektriciteit en/of aardgas volledig geautomatiseerd.

4. Een permanente evaluatie van een automatisch systeem wordt binnen de FOD Economie als vanzelfsprekend erg belangrijk beschouwd. Daarom organiseert de FOD Economie minstens ieder trimester een technisch overleg binnen de dienst om een bespreking te houden van het verloop van het systeem. Op deze manier kunnen eventuele problemen snel gedetecteerd en opgelost worden. Daarnaast organiseert de FOD Economie ieder trimester een communicatieplatform waarbij alle betrokken actoren (sociale instellingen, de Kruispuntbank Sociale Zekerheid (KSZ), de energieleveranciers en de FOD Economie) samen komen en kunnen aangeven waar het proces aan verbetering toe is. Op deze manier wordt er geen enkele stap in het automatiseringsproces over geslagen in het evaluatieproces. Deze handelswijze versterkt een samenwerkingsband dat onontbeerlijk blijkt, aangezien er toch uit zeer verschillende invalshoeken samen gewerkt moet worden. Dat is al een eerste belangrijk resultaat Het belangrijkste resultaat echter betreft de verbeteringen die aan programma’s worden aangebracht, aan de beleverde gegevens en de methoden van werken. De automatisering van het sociaal tarief heeft dan ook al verschillende fasen doorlopen.

5. Voor de automatisering van het sociaal tarief voor elektriciteit en/of aardgas staat de FOD Economie in verbinding met de KSZ die de gegevens van de sociale instellingen verzamelt. Om recht te hebben op dit gunstiger tarief moet een burger namelijk behoren tot een categorie die een uitkering geniet van de FOD Sociale Zekerheid, Directie-generaal personen met een handicap, de rijksdienst voor pensioenen of het OCMW. Om na te gaan welke klanten behoren tot een categorie, moet de FOD Economie daarnaast ook de klantgegevens van alle energieleveranciers en distributienetbeheerders ontvangen. Gelet op het feit dat de KSZ niet werkt met klantgegevens, maar wel met persoonsgegevens, ontvangt de FOD Economie eveneens gegevens van het rijksregister. De gegevens van deze verschillende instellingen worden met elkaar gekoppeld zodat de burger zelf geen enkele stap moet ondernemen om het sociaal tarief te genieten.