SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2008-2009 Zitting 2008-2009
________________
11 mai 2009 11 mei 2009
________________
Question écrite n° 4-3466 Schriftelijke vraag nr. 4-3466

de Louis Ide (Indépendant)

van Louis Ide (Onafhankelijke)

au ministre de la Justice

aan de minister van Justitie
________________
Doubles nationalités - Nombre Dubbele nationaliteiten - Aantallen 
________________
double nationalité
statistique officielle
dubbele nationaliteit
officiële statistiek
________ ________
11/5/2009 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 11/6/2009 )
25/11/2009 Dossier gesloten
11/5/2009 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 11/6/2009 )
25/11/2009 Dossier gesloten
________ ________
Heringediend als : schriftelijke vraag 4-5637 Heringediend als : schriftelijke vraag 4-5637
________ ________
Question n° 4-3466 du 11 mai 2009 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 4-3466 d.d. 11 mei 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Dans mes questions écrites n° 4-2930 et 4-2931, j’interrogeais les ministres de la Défense et de l’Intérieur sur le nombre de doubles nationalités et l’obligation militaire qui en découle, éventuellement à l’étranger. Tous deux m’ont répondu que cette matière ne relevait pas de leur compétence.

Pour les questions relatives aux doubles nationalités, le ministre De Padt m’a renvoyé au ministre de la Justice, comme le montre cet extrait de sa réponse : « Cette question est interprétée comme relative aux ressortissants étrangers ayant acquis la nationalité belge et possédant la double nationalité. Je voudrais souligner que la double nationalité est liée à l’état d’une personne et qu’elle dépend de la législation sur la nationalité du pays dont l’intéressé est originaire (cela implique l’application de la législation étrangère en matière de nationalité, entraînant des conséquences plus ou – éventuellement – moins favorables pour l’étranger concerné). Cette matière relève de la compétence de mon collègue, monsieur le ministre de la Justice. »

C’est pourquoi je souhaite poser au ministre les questions suivants.

1. Combien de personnes possédant la double nationalité la Belgique comptait-elle en 2007 et 2008 ?

2. Le ministre peut-il ventiler les chiffres fournis en réponse à la question 1 par « double nationalité » (par exemple, Belgo-Français, Belgo-Turc, etc.) ?

 

Schriftelijke vragen nrs. 4-2930 en 4-2931 van mijn hand peilden bij ministers van Landverdediging en de minister van Binnenlandse Zaken naar het aantal dubbele nationaliteiten en de daaraan gekoppelde legerdiensten, al dan niet in het buitenland. Ik kreeg van beiden het antwoord dat ze niet bevoegd waren voor deze materie.

Doch, voor de vragen omtrent de dubbele nationaliteiten verwees minister De Padt me naar de minister van Justitie, zoals blijkt uit volgend fragment uit zijn antwoord: “ Deze vraag wordt geïnterpreteerd als zijnde de vreemde onderdanen die de Belgische nationaliteit hebben verkregen en die een dubbele nationaliteit bezitten. Ik wens te benadrukken dat de dubbele nationaliteit samenhangt met de staat van een persoon, en afhangt van de nationaliteitswetgeving van het land van die personen (dit veronderstelt de toepassing van de vreemde nationaliteitswetgeving, met al dan niet gunstig gevolg voor de vreemdeling). Hiervoor is mijn collega, de heer minister van Justitie, bevoegd. ”

Daarom heb ik voor de geachte minister volgende vragen:

1.Hoeveel personen met een dubbele nationaliteit waren er in België in de jaren 2007 en 2008?

2.Kan de geachte minister de cijfers uit vraag 1 opsplitsen per “ dubbele nationaliteit “ (bijvoorbeeld: Belg-Fransman, Belg-Turk, …)?