BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2011-2012
________
20 maart 2012
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-5928

de Yves Buysse (Vlaams Belang)

aan de eerste minister
________
Staatshoofd - Koning - Buitenland - Ondertekening wetten en besluiten - Kostprijs transport
________
Koning en Koninklijke familie
wetgevende procedure
________
20/3/2012 Verzending vraag
19/4/2012 Antwoord
________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-5929
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-5928 d.d. 20 maart 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In het Belgisch Staatsblad verschijnen regelmatig wetten en koninklijke besluiten die door het Staatshoofd getekend zijn vanuit een of ander verblijf in het buitenland.

1) Vanuit welke buitenlandse oorden en op welke data werden wetten en koninklijke besluiten in 2009, 2010 en 2011 ondertekend door het Staatshoofd ?

2) Hoeveel heeft het de Staatskas in respectievelijk 2009, 2010 en 2011 gekost (vliegtuigkosten en andere) om wetten en koninklijke besluiten ter ondertekening voor te leggen aan het Staatshoofd dat zich in het buitenland bevond ?

3) Acht de geachte minister geen maatregelen noodzakelijk om deze kosten tot een absoluut minimum te beperken?

Antwoord ontvangen op 19 april 2012 :

In samenspraak met de minister van Landsverdediging, kan ik de volgende elementen van antwoord aan de geachte senator verstrekken:

1. Het gaat om gegevens die door de publicatie van de betreffende wetten en besluiten in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt worden.

De detailgegevens gevraagd door de geachte senator vallen onder statistische inlichtingen, die overeenkomstig artikel 69, 2c), van het reglement van de Senaat niet moeten geleverd worden.

2. De kosten voor deze vluchten bedroegen respectievelijk :

  • voor 2009 : 31 514,30 euro;

  • voor 2010 : 19 306,86 euro;

  • voor 2011 : 30 678,49 euro.

3. Met het oog op een beperking van de kosten en het aantal opdrachten worden de Federale Overheidsdiensten tijdig geïnformeerd om de stukken te verzamelen die verzonden worden tijdens de periodes van afwezigheid van het Staatshoofd.