Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-104

van Guido De Padt (Open Vld) d.d. 3 september 2010

aan de minister van Justitie

Zedendelicten en pedofiel gedrag - Aantallen - Recidivisme - Strafbeleid

pedofilie
seksueel misdrijf
officiŽle statistiek
geografische spreiding

Chronologie

3/9/2010 Verzending vraag
25/10/2010 Rappel
28/2/2011 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-105

Vraag nr. 5-104 d.d. 3 september 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In Geraardsbergen werd recentelijk een man opgepakt waarvan in de media gesteld werd dat hij "geregistreerd" stond als pedofiel en waarbij men zich vragen stelde bij het feit dat hij (na een verhuis vanuit een andere provincie) in de onmiddellijke nabijheid van een kinderspeeltuin kon gaan wonen.

Na een incident dat eerder in Blankenberge plaatsvond, pleitte een gerechtspsychiater voor een betere follow-up van gekende pedofielen, omdat het risico op recidivisme te hoog zou zijn. Groot-BrittanniŽ geeft ouders de kans om hun kinderen te beschermen tegen pedofielen. De ouders mogen via een publiek register natrekken of in de buurt volwassenen met een pedofiel verleden wonen.

Begin oktober 2009 stond in de pers het volgende bericht te lezen: "Luttele dagen na de moord op een 42-jarige vrouw door een recidive verkrachter, heeft de Franse regering besloten om een wetsvoorstel in te dienen dat chemische castratie mogelijk zou maken bij bepaalde categorieŽn van verkrachters en pedofielen. Polen keurde vorige week al een dergelijke wet goed. Momenteel wordt chemische castratie in Frankrijk al toegepast op mensen die daar zelf mee instemmen, wat onder meer ook in Zweden en Denemarken gebeurt. De nieuwe wet zou die vrijwilligheid inperken.ÖIn november 2004 besloot Frankrijk al om chemische castratie uit te testen. De aanleiding daarvoor was de vaststelling dat het aantal zedendelicten dramatisch was gestegen. Zaten er in 1980 1 100 mensen voor strafbare feiten in deze categorie in de cel, dan waren dat er een kwarteeuw later al bijna acht keer zoveel. Experts menen evenwel dat de grotere bespreekbaarheid van zedenfeiten in de maatschappij minstens ťťn reden is voor die toename. Bovendien worden veel vraagtekens geplaatst bij de efficiŽntie van chemische castratie. Het Expertisecentrum Forensische Psychiatrie in Utrecht boog zich samen met wetenschappers uit Canada, Duitsland en BelgiŽ ook al over het onderwerp, en stelt dat chemische castratie geen zin heeft. De hersenen van mensen die zich seksueel aangetrokken voelen tot kinderen werken anders dan die van andere volwassenen. Tot op heden zijn pedoseksuelen niet te genezen en bestaat er nog steeds groot gevaar dat zij opnieuw in de fout gaan als ze vrijkomen.".

Een en ander leidt tot reflectie -waarbij de noodzaak van een betere follow-up ons een evidentie lijkt te zijn- en een aantal vragen:

1. Hoeveel zedendelicten of pogingen daartoe (opsplitsing naargelang het ging om aanrandingen of pedofiel gedrag en opsplitsing naar gerechtelijk arrondissement) werden vastgesteld in 2007, 2008, 2009 en 2010?

2. Hoeveel mensen zaten voor dergelijke feiten in de cel, met de opsplitsing en de jaren zoals vermeld in vraag 1.

3. Welk navolgbeleid en specifiek strafbeleid bestaat er in ons land ten aanzien van zedendelicten?

4. Is er bij de verhuis van een gekende dader van zedendelicten een specifieke en uitdrukkelijke notificatie aan de lokale overheden van de nieuwe woonplaats van de betrokkene? Zo neen, acht de minister het niet aangewezen een dergelijke procedure uit te werken?

5. Overweegt de regering een strenger strafbeleid ten aanzien van pedoseksuelen? Zo ja, waarin zou dat dan kunnen bestaan? Zo neen, waarom niet?

Antwoord ontvangen op 28 februari 2011 :

Op basis van de inlichtingen die mij door de bevoegde diensten werden verschaft, kan ik u volgende elementen van antwoord aanreiken.

1) Antwoord op vraag 1

Cijfers opgevraagd bij de statistisch analisten van het College van Procureurs-generaal. Op heden nog geen cijfers mogen ontvangen.

2) Antwoord op vraag 2

Op basis van de inlichtingen mij verschaft door het directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen (DG EPI), verwijs ik naar cijfers in bijlage.

3) Antwoord op vraag 3

Sinds 1998 bestaan er samenwerkingsakkoorden inzake de behandeling en begeleiding van daders van seksueel misbruik, gesloten tussen Justitie en het Waals Gewest en de Vlaamse Gemeenschap. Een jaar later kwam ook een gelijkaardig akkoord tot stand tussen justitie en de gemeenschappelijke gemeenschapscommissie en de Franse gemeenschapscommissie in Brussel.

Deze samenwerkingsakkoorden moeten een concreet en duidelijk kader bieden voor de voor de effectieve uitvoering van de bepalingen van de wet van 13 april 1995 betreffende seksueel misbruik van minderjarigen. Deze wet heeft een gespecialiseerde voorafgaandelijke adviesverlening en een verplichte begeleiding en behandeling voorzien in het geval van een voorwaardelijke invrijheidstelling van gedetineerden of een invrijheidstelling op proef van geïnterneerde daders van een seksueel misdrijf gepleegd op de persoon van de minderjarigen of met hun deelneming. In deze wet is met andere woorden een eerste wettelijk kader geschapen voor een “verplichte behandeling” of een “behandeling onder gerechtelijk mandaat” bij een vervroegde invrijheidstelling en dit met het oog op het vermijden van recidive door pedofielen.

Het betreft hier een “tweesporenbeleid”, gericht op een globale aanpak. De ambulante begeleiding en behandeling zijn toevertrouwd aan de hulpverlening, terwijl de controle en het toezicht tot de taken van justitie behoort. Daarbij is een gecoördineerde aanpak aangewezen, zijnde een structurele afstemming tussen justitiële en hulpverlenende interventies zodat afspraken inzake overleg, samenwerking en informatie-uitwisseling zijn geformaliseerd in deze samenwerkingsakkoorden.

Volgens de memorie van toelichting van de samenwerkingsakkoorden streeft men een dubbele doelstelling na. Justitie streeft de toepassing van de wet na, het vermijden van recidive en het bewerkstelligen van de reïntegratie van de delinquent in de maatschappij. De hulpverlening dient het welzijn, de gezondheid en de ontplooiing van de bevolking na. Om deze dubbele doelstelling met elkaar te verzoenen, hebben de samenwerkingsakkoorden voorzien in een duidelijke rolafbakening, duidelijke taakstellingen en verantwoordelijkheden van de verschillende betrokken actoren. Er is nood aan wederzijds overleg en een evenwaardig partnership, waarbij men respect heeft voor eenieders competenties en bevoegdheden.

Momenteel zijn de samenwerkingsakkoorden meer dan tien jaar oud en maken zij het voorwerp uit van een uitvoerige evaluatie, die door mijn dienst voor het Strafrechtelijk beleid in samenwerking met DG EPI en DG Justitiehuizen is uitgevoerd en bijna afgerond is.

4) Antwoord op vraag 4

De problematiek van de informatie-uitwisseling tussen politie, parket en justitie-assistenten maakt het voorwerp uit van besprekingen over een nieuwe circulaire in de schoot van het Expertisenetwerk Strafuitvoering.

5) Antwoord op vraag 5

Gelet op de situatie van een regering in lopende zaken, ben ik momenteel in onmogelijkheid om nieuwe wetgevende initiatieven terzake te nemen.

Penitentiaire populatie met hechtenistitel voor misdrijf van seksueel karakter (op 1 oktober 2007-2010)






(excl. ET, statuut “Everberg”)











misdrijf van seksueel karakter: verkrachting, aanranding van de eerbaarheid, openbare zedenschennis, ontucht, prostitutie



















 

2007

Totaal

2008

Totaal

2009

Totaal

2010

Totaal

 

T.a.v.
minderjarigen

Niet t.a.v.
minderjarigen

2007

T.a.v.
minderjarigen

Niet t.a.v.
minderjarigen

2008

T.a.v.
minderjarigen

Niet t.a.v.
minderjarigen

2009

T.a.v.
minderjarigen

Niet t.a.v.
minderjarigen

2010

Merksplas

93

46

139

92

51

143

102

54

156

116

59

175

Wortel (Tilburg)

 

1

1

 

3

3

 

3

3

37

26

63

Antwerpen

39

22

61

38

22

60

28

16

44

20

13

33

Mechelen

14

7

21

14

8

22

12

4

16

9

3

12

Turnhout

26

8

34

22

12

34

27

11

38

23

8

31

Hoogstraten

38

7

45

36

2

38

34

7

41

31

10

41

St. Gillis / St. Gilles

31

29

60

31

28

59

29

33

62

28

33

61

Leuven Centraal

41

20

61

43

21

64

56

19

75

52

24

76

Forest / Vorst

33

34

67

29

32

61

28

29

57

32

34

66

Leuven Hulp

13

9

22

16

5

21

12

5

17

12

8

20

Nivelles

18

5

23

9

13

22

16

9

25

16

12

28

Berkendael

3

5

8

2

2

4

2

 

2

1

3

4

Ittre

27

40

67

25

45

70

28

33

61

39

32

71

Brugge

136

52

188

131

40

171

110

37

147

94

28

122

Ieper

11

4

15

7

2

9

14

3

17

12

4

16

Ruiselede

9

1

10

11

1

12

4

1

5

11

 

11

Gent

32

10

42

37

13

50

37

17

54

45

17

62

Oudenaarde

21

8

29

30

12

42

17

10

27

11

7

18

Dendermonde

16

2

18

22

4

26

20

8

28

14

7

21

Mons

27

22

49

35

16

51

38

18

56

36

21

57

Mons EDS

2

 

2

2

 

2

3

 

3

3

 

3

Tournai

23

9

32

29

8

37

28

8

36

33

14

47

Tournai EDS

133

38

171

135

38

173

135

33

168

126

35

161

Jamioulx

37

15

52

34

12

46

20

14

34

20

14

34

Marneffe

35

6

41

33

4

37

37

6

43

33

12

45

Lantin

49

41

90

53

32

85

67

40

107

55

43

98

Verviers

26

17

43

26

18

44

26

16

42

28

17

45

Huy

8

1

9

7

5

12

8

5

13

13

3

16

Paifve

54

14

68

54

15

69

50

12

62

52

16

68

Hasselt Nieuw

46

28

74

51

23

74

48

21

69

30

19

49

Tongeren Nieuw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

 

1

Arlon

10

9

19

11

8

19

9

6

15

10

8

18

St. Hubert

64

14

78

70

16

86

62

11

73

66

12

78

St. Hubert jeunes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

 

1

Namur

20

9

29

13

9

22

20

8

28

23

13

36

Dinant

7

2

9

13

2

15

18

2

20

17

2

19

Andenne

48

41

89

47

44

91

38

39

77

34

42

76

Totaal

1190

576

1766

1208

566

1774

1183

538

1721

1184

599

1783