Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-62

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Buitenlandse Zaken

Vraag nr. 3-3994 van de heer Destexhe d.d. 29 december 2005 (Fr.) :
Handel in lichte wapens. — Standpunt van BelgiŽ en van de Europese Unie.

Wat is het standpunt van BelgiŽ inzake de handel in lichte wapens ?

Bestaat er een gemeenschappelijk standpunt van de Europese Unie ?

Wat is BelgiŽ van plan te doen op dat vlak ?

Antwoord : 1. Wanneer men het heeft over de wapenhandel, dient een onderscheid gemaakt te worden tussen de aspecten met betrekking tot de legale of de illegale handel enerzijds en de handel in kleine en lichte wapens en deze in alle soorten wapens anderzijds. Ik veronderstel dat de vraag betrekking heeft op de illegale handel in kleine en lichte wapens. Dit onderwerp komt aan bod in het Actieplan van de VN inzake de illegale handel in kleine en lichte wapens in al zijn aspecten, gelanceerd in 2001 en beschikbaar op de website van het VN Departement voor Ontwapeningskwesties (http://disarmament.un.org). Dit actieplan bevat een aantal politieke aanbevelingen en oriŽntaties voor alle VN lidstaten. Het lanceren van dit VN Actieplan gebeurde in de periode dat ons land het voorzitterschap waarnam van de EU. In deze hoedanigheid heeft BelgiŽ een zeer prominente rol gespeeld bij het verwoorden van de EU posities tijdens de VN conferentie. De EU had voordien reeds een degelijk acquis uitgebouwd inzake de legale wapenhandel vooral onder de vorm van de EU Gedragscode inzake de wapenexport, die aanvaard werd in 1998. De EU gaat ervan uit dat de strijd tegen de illegale wapenhandel baat heeft bij het zo precies mogelijk omschrijven van correct gedrag inzake de legale wapenhandel. Op dit vlak biedt de EU Gedragscode vandaag de meest geavanceerde multilaterale aanpak en het is wenselijk dat deze ook door zoveel mogelijk landen buiten de EU zou gedeeld worden.

2. In 2002 heeft de EU een Gemeenschappelijke Actie gelanceerd ter uitvoering van het VN Actieplan. Hierdoor werden middelen vrijgemaakt om op concrete wijze de objectieven van het VN Actieplan te helpen realiseren. Tevens heeft de EU aangedrongen op de convocatie van een VN expertenpanel over de problematiek van het markeren en traceren van kleine wapens met de bedoeling hierover een juridisch bindend internationaal instrument uit te werken. In 2005 hebben de werkzaamheden van het VN expertenpanel geleid tot de aanvaarding van een politiek instrument dat voor het eerst aanbevelingen bevat inzake markeren en traceren. Alhoewel niet alle ambities van de EU daarin aan bod konden komen, was het toch opportuun deze vooruitgang vast te klikken. Hierop volgend heeft de EU gepleit voor de convocatie van een VN expertenpanel over de problematiek van de tussenhandel (brokering). Als gevolg daarvan zal in de loop van 2006 gestart worden met de werkzaamheden van dit panel. Uit deze dťmarches kan afgeleid worden dat de EU via concrete en gerichte acties poogt de internationale consensus over de strijd tegen de illegale handel in kleine en lichte wapens op een geleidelijke en doeltreffende wijze te verbreden. In deze aanpak ligt het accent eerder op werkbare en vastberaden diplomatieke actie eerder dan op megafoondiplomatie. Dit belet niet dat de EU ook een duidelijke en ambitieuze visie heeft voor de toekomst. De Europese Raad van december 2005 lanceerde de EU strategie tegen de accumulatie en de illegale handel in kleine en lichte wapens en hun munitie. Via deze strategie wil de EU een consensus bevorderen tussen alle wapenexporterende landen over de noodzaak om wapenhandel afhankelijk te maken van een aantal restrictieve criteria van regionale en internationale aard. De EU strategie kan geconsulteerd worden op de website (http://europa.eu.int/european_council/index_nl.htm).

3. Eind juni 2006 zal de eerste toetsingsconferentie van het VN Actieplan doorgaan. De EU heeft hiervoor een aantal gemeenschappelijke oproepen gelanceerd voor intensief debat. Deze werden reeds meegedeeld naar aanleiding van de voorbereidende conferentie die op 20 januari jl. werd afgesloten met een procedureel document voor de Toetsingsconferentie. De EU is vastberaden om deze conferentie echte inhoud te geven zowel inzake de evaluatie van de naleving van het Actieplan van 2001 als voor een aantal nieuwe initiatieven terzake. Zonder alle thema's te willen opsommen, kan vermeld worden : transfers van wapens, grenscontrole, controle op munities, certificaten van eindbestemming, rol van niet-statelijke actoren. Zonder te willen vooruitlopen op de resultaten van de Toetsingsconferentie, dient gezegd dat de discussies op de Voorbereidende Conferentie hebben aangetoond dat de internationale consensus maar gedeeltelijk en stapsgewijze zal kunnen verbreed worden.

4. BelgiŽ zal actief deelnemen aan de VN Toetsingsconferentie en zich hierop grondig voorbereiden via overleg met alle betrokken overheidsactoren alsook met de civiele samenleving. Ons land kan bogen op een aanzienlijke ervaring zowel op wetgevend vlak als inzake internationale assistentie. De wet van 25 maart 2003 over de tussenhandel (brokering) en de wet van 26 maart 2003 over de verstrenging van de criteria voor het verlenen van exportvergunningen plaatsen zich resoluut in de uitvoering van het VN Actieplan. Andere wetgevende initiatieven worden overwogen door de bevoegde instanties. De speciale wet van 12 augustus 2003 die de bevoegdheid inzake exportvergunningsbeleid overdraagt van het federale naar het gewestelijke niveau heeft ertoe geleid dat de gewestelijke autoriteiten vandaag hun eigen rol opnemen en dat zij in functie daarvan worden betrokken bij de werkzaamheden in de Europese en internationale fora.

5. Een specifieke vermelding verdient de aandacht die ons land schenkt aan de VN Toetsingsconferentie in het licht van ons huidig voorzitterschap van de OVSE. De OVSE heeft de laatste jaren een belangrijke bijdrage geleverd op het domein van de kleine wapens, zoals blijkt uit een aantal beslissingen inzake certificaten van eindbestemming en inzake brokering. Ons land meent dat het opportuun is dat de OVSE haar ervaringen op dit vlak deelt met de andere deelnemers aan de VN Toetsingsconferentie en aantoont dat, mits voldoende politieke wil, het mogelijk is alvast in een regionaal kader deugdelijke internationale afspraken te maken in de strijd tegen de illegale handel in kleine en lichte wapens. Derhalve wenst ons land een tweeledige boodschap van de OVSE voor te bereiden : enerzijds een overzicht van alle realisaties binnen de OVSE sinds de lancering van het VN Actieplan in 2001, en anderzijds een indicatie van toekomstige actie na 2006. Hieraan wordt vandaag gewerkt binnen de OVSE en in het licht van het resultaat zal het Belgische OVSE voorzitterschap deze boodschap naar buiten brengen tijdens de komende VN Toetsingsconferentie.