Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-43

ZITTING 2001-2002

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 1547 van de heer Steverlynck d.d. 12 september 2001 (N.) :
Malafide reclameronselaars. ≠ Informatiecampagne. ≠ Middelen. ≠ Vervolgingen.

Reeds vele jaren klagen zelfstandige ondernemers over oneerlijke reclameronselaars, in het bijzonder over diegenen die in naam van allerlei officieel klinkende instanties advertentieruimte aansmeren. In sommige gevallen is er sprake van regelrechte oplichting. Aan de secretaresse wordt gevraagd ≠ op het ogenblik dat de zaakvoerder afwezig is ≠ om snel haar handtekening te plaatsen terwijl haar op het hart gedrukt wordt dat de zaakvoerder de publiciteit heeft toegezegd. In andere gevallen is er minstens van misleiding sprake. Reclameronselaars houden mondeling hun klant voor dat de publiciteit in een plaatselijk blad zal verschijnen maar in werkelijkheid verschijnt de publiciteit in een totaal onbekende uitgave.

Voor de Economische Inspectie en de politiediensten is het niet altijd even gemakkelijk om over hard bewijsmateriaal te beschikken. Daardoor is het niet eenvoudig om malafide reclameronselaars strafrechtelijk te vervolgen.

Unizo, de Unie van zelfstandige ondernemers, voelt al jaren strijd tegen deze oneerlijke praktijken. Recent opende Unizo ook een meldpunt. In de maand juli en augustus stonden in het KMO-vakblad Z.O. opnieuw heel wat getuigenissen van gedupeerde zelfstandige ondernemers.

Graag had ik van de geachte minister het volgende vernomen :

1. Is hij op de hoogte van het probleem en erkent hij het probleem ?

2. Hebben de tijdschriften die de naam dragen van Straatgendarm, Ambulance Magazine, de Brandweer enig uitstaans met de officiŽle organisaties naar waar ze verwijzen ?

Hoe zijn de raden van bestuur samengesteld van de VZW's die deze tijdschriften uitgeven ?

3. Kunnen reclameronselaars zomaar de naam van rijkswacht, politie, belastingen, financiŽn gebruiken ?

4. Heeft de geachte minister plannen om dit probleem aan te pakken ?

5. Overweegt hij een informatiecampagne op te zetten waarbij aan zelfstandige ondernemers duidelijk wordt gemaakt hoe ze de malafide reclameronselaars van de eerlijke kunnen onderscheiden ?

6. Beschikt de Economische Inspectie over voldoende middelen om deze plaag te kunnen aanpakken ?

7. Overweegt de geachte minister overleg te plegen met de minister van Justitie met het oog op een doeltreffende en gecoŲrdineerde vervolging over het hele land van de malafide reclameronselaars ?

8. Kan de geachte minister mij meedelen over hoeveel officiŽle klachten het parket beschikt ?

Aan hoeveel procent van de klachten werd effectief gevolg gegeven en hoeveel procent van de klachten werd geseponeerd ?

Kan de minister de redenen van seponering meedelen ?