Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-7483

van Cindy Franssen (CD&V) d.d. 7 december 2012

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken

De vrouwenrechten in het buitenland

Mensenrechtenraad van de VN
rechten van de vrouw
discriminatie op grond van geslacht

Chronologie

7/12/2012 Verzending vraag
15/4/2013 Antwoord

Herkwalificatie van : vraag om uitleg 5-2268

Vraag nr. 5-7483 d.d. 7 december 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In IndonesiŽ wordt geopperd minirokjes te verbieden omdat ze 'pornografisch' zijn en omdat, volgens de voorzitter van het parlement, 'zich veel verkrachtingen en andere immorele zaken hebben voorgedaan doordat vrouwen geen passende kleding droegen'.

In Marokko pleegde een jong meisje onlangs zelfmoord omdat ze wettelijk gedwongen werd met haar verkrachter te trouwen. Deze 'traditie' vindt men trouwens terug in vele islamitische en Afrikaanse landen.

In Afghanistan werden 150 schoolmeisjes onlangs met opzet vergiftigd. Anderen worden op weg naar school met bijtend zuur aangevallen.

In Egypte werden vrouwelijke protestanten onderworpen aan maagdelijkheidstests.

En zo kan ik blijven doorgaan.

Overal ter wereld blijven vrouwen nog steeds het slachtoffer van genderdiscriminatie, of het nu om restricties qua klederdracht, het beperken van onderwijs voor meisjes of om schadelijke tradities gaat.

Ook de minister haalt in zijn beleidsnota aan dat vrouwenrechten een prioriteit moeten zijn voor het Belgische beleid in het buitenland.

Graag had ik van de minister het volgende vernomen:

1) Kaart BelgiŽ deze problematiek systematisch aan bij bilaterale gesprekken met partnerlanden?

2) Dringt BelgiŽ er ook bij de EU en niet-partnerlanden op aan om deze problematiek au sťrieux te nemen en bilateraal aan te kaarten? Wat is het EU-standpunt rond deze aangegeven voorbeelden?

3) Zal BelgiŽ, bij het bespreken van de Universal Periodic Review van landen waar vrouwenrechten geschonden worden, de grove schending van vrouwenrechten systematisch aanhalen?

4) Welke andere kanalen gebruikt BelgiŽ om de problematiek van vrouwenrechten aan te kaarten op nationaal en internationaal niveau?

Antwoord ontvangen op 15 april 2013 :

1. Ik verwijs naar het antwoord op uw parlementaire vraag n° 5-2268.

Tijdens de bilaterale gesprekken met de 18 partnerlanden maakt België systematisch gewag van deze problematiek betreffende de bevordering van vrouwenrechten. Het vormt een deel van onze prioriteiten op het bilaterale niveau met de partnerlanden, zoals het verslag 2011 over de mensenrechtensituatie in de 18 partnerlanden van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking aantoont.

2. Mensenrechten zijn vaak het voorwerp van demarches en worden in het kader van de politieke dialoog aangesneden, zowel op Europees als op bilateraal niveau. De rapporten van de diplomatieke posten tonen aan dat de politieke dialoog die door België wordt gehouden met zijn partnerlanden op het bilaterale niveau, in de Europese context of in het kader van de Mensenrechtenraad, gemengde resultaten oplevert. Een meer geconcerteerde actie met onze partners zou namelijk meer gewicht hebben. Op dat vlak verwelkomt België in het bijzonder de Communicatie van de Europese Commissie, gepubliceerd in 2011, De impact vergroten van de ontwikkelingspolitiek van de Europese Unie : een programma voor verandering.” In die communicatie onderlijnt de Commissie dat de doelstellingen van ontwikkeling, democratie, verdediging van de mensenrechten en “good governance”, en de veiligheid onafscheidelijk verbonden zijn met elkaar. Op dat niveau verwelkomt ons land de recente uitwerking van de Europese strategieën voor de mensenrechten gericht op elk land individueel.

3. Ik kan inderdaad bevestigen dat vrouwenrechten een prioriteit voor het Belgische beleid blijft. Gezien het belang van de problematiek van de vrouwenrechten in het algemeen, komt België tussen daar waar nodig. Immers, bijna alle partnerlanden hebben de Conventie voor de eliminatie van alle vormen van discriminatie tegen vrouwen (CEDAW) ondertekend en alle partnerlanden hebben aanbevelingen geaccepteerd op vlak van gender-gelijkheid en vrouwenrechten tijdens het Universeel Periodiek Examen (UPR) in het kader van de Verenigde Naties-Mensenrechtenraad.

De situatie van de vrouwen wordt natuurlijk ook aangekaart met de niet-partnerlanden van onze ontwikkelingssamenwerking, hetzij tijdens bilaterale gesprekken of in internationale fora zoals de Mensenrechtenraad.

Tijdens het Universeel Periodiek Examen van Pakistan in oktober jongstleden heeft onze delegatie een deel van de Belgische tussenkomst besteed aan de problematiek van de vrouwen. In mei waren we wij ook tussenkomen in het geval van Marokko. Ik zou veel andere voorbeelden kunnen geven om te tonen dat Buitenlandse Zaken alle gelegenheden grijpt om de vrouwenrechten te bevorderen in al die landen

4. De door België gebruikte kanalen voor de bevordering van de vrouwenrechten zijn op het nationale niveau : het “Nationale Actieplan ter uitvoering van de “Resolutie 1325”. Op het internationale niveau is België lid van de Commissie voor de status van vrouwen (CSW) om op te treden voor het respect van de principes en de regels met betrekking tot vrouwenrechten. De donors erkennen meer en meer de nauwe banden die bestaan tussen de schendingen van de mensenrechten, conflicten, discriminaties, kwetsbaarheid en armoede. Naast de specifieke maatregelen moeten mensenrechten een structurele prioriteit zijn.