Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-488

van Cindy Franssen (CD&V) d.d. 3 december 2010

aan de minister van Binnenlandse Zaken

Leerplichtcontrole - Domicilieadres in het Rijksregister - Overleg tussen de federale en de Vlaamse overheid

Rijksregister van de natuurlijke personen
domicilie
schoolplicht

Chronologie

3/12/2010 Verzending vraag
7/3/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-488 d.d. 3 december 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het derde rapport "Wie is er NIET als de schoolbel rinkelt?" van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming (depotnummer D/2010/3241/100) gaat over de evaluatie van de leerplichtcontrole van het schooljaar 2008-2009 en bevat verschillende aanbevelingen.

Zo herneemt het rapport, met betrekking tot de controle op de inschrijvingen in het basis- en secundair onderwijs, een aantal aanbevelingen uit het vorige rapport. Het gaat om aanbevelingen die ook zijn opgenomen in het Jaarverslag 2008 van het Agentschap voor de Onderwijsdiensten, zoals onderstaande aanbeveling over kinderen die in het buitenland verblijven:

"Ouders zijn er meestal niet van op de hoogte dat zij het Ministerie van Onderwijs en Vorming daarover moeten inlichten. Een informatiebrochure, eventueel in samenwerking met de federale overheid, zou dat kunnen oplossen. Die brochure zou dan kunnen worden verdeeld via de gemeentebesturen en het ministerie van Buitenlandse zaken (federaal niveau)."

De heer Pascal Smet, Vlaams minister van Onderwijs, heeft mij met betrekking tot de follow-up van bovenvermelde aanbeveling meegedeeld (Vlaams Parlement, schriftelijke vraag nr. 541) dat het spoor van een informatiebrochure is verlaten. In dat kader hebben in april 2010 wel enkele vertegenwoordigers van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming samengezeten met de Federale Overheidsdienst (FOD) Binnenlandse Zaken, meer specifiek met betrekking tot de gegevens in het Rijksregister. Bij het uitvoeren van de controle op de inschrijvingen blijkt immers dat een aantal leerlingen meer dan twee schooljaren na elkaar door de gemeenten en steden wordt doorgegeven als zijnde verhuisd naar het buitenland. Het domicilieadres in het Rijksregister wordt echter niet aangepast. Volgens Vlaams minister Pascal Smet is er met de FOD afgesproken dat zij de gemeenten hierover zullen aanspreken en hen zullen aanmoedigen om hun bevolking te sensibiliseren.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Is de minister bovenvermelde afspraak nagekomen en zijn de gemeenten aangemoedigd om hun bevolking te sensibiliseren? Zo ja, op welke wijze is dit gebeurd? Zo neen, waarom niet en hoe en wanneer zal de minister uitvoering geven aan die afspraak?

2) Is er in het kader van bovenvermelde problematiek na april 2010 nog contact geweest met de Vlaamse overheid? Zo ja, met wie en welke zijn de gemaakte afspraken? Zo neen, is er nog verder overleg gepland en desgevallend wanneer?

Antwoord ontvangen op 7 maart 2011 :

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op haar vraag.

1.-2. Als gevolg van een vraag van het Vlaams ministerie van Onderwijs en Vorming heeft een vergadering met mijn diensten plaatsgevonden. Bij deze gelegenheid, heeft mijn administratie de formaliteiten die een burger die naar het buitenland verhuist, moet verrichten, toegelicht. Hij moet namelijk zijn vertrek aangeven bij de bevolkingsdienst van de gemeente waar hij in de bevolkingsregisters staat ingeschreven. Daarna wordt hij afgeschreven uit de bevolkingsregisters voor het buitenland. Deze informatie wordt automatisch overgenomen in het Rijksregister.

Mijn diensten hebben op de vergadering aan het Vlaams ministerie Onderwijs en Vorming concrete gegevens gevraagd met betrekking tot de situatie waarbij kinderen die reeds een hele tijd verhuisd zijn naar het buitenland niet uit de bevolkingsregisters werden geschrapt. Deze gegevens werden tot heden niet overgemaakt. Ik weet niet of de vergadering geleid heeft tot een actie van sensibilisatie van de ouders om hun vertrek voor het buitenland alsook het vertrek van hun kinderen te melden bij het gemeentebestuur in het kader van de leerplicht.