Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2769

van Yves Buysse (Vlaams Belang) d.d. 15 juli 2011

aan de minister van Binnenlandse Zaken

Rijksregister - Gegevens - Verklaring van afstand van nationaliteit - Belgische identiteitskaart

Rijksregister van de natuurlijke personen
Belgen in het buitenland
identiteitsbewijs
dubbele nationaliteit
bevolkingsregister

Chronologie

15/7/2011 Verzending vraag
3/11/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2769 d.d. 15 juli 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Een man die als Belgisch militair lang in Duitsland was gestationeerd, gehuwd was met een Duitse vrouw en daarna gescheiden, ging met zijn dochter die recent naar België kwam wonen naar het plaatselijk gemeentehuis om een Belgische identiteitskaart aan te vragen.

De beambte keek in het rijksregister en zag dat de dochter effectief als Belg was ingeschreven. Er werd nota genomen van het feit dat de dochter haar domiciliëring voorlopig bij haar vader zou nemen, zij moesten wachten op het bezoek van de wijkagent en dan zou alles in orde komen.

Op dat moment echter mengde zich een andere beambte in het gesprek, die zei dat er eerst één en ander moest nagekeken worden. Zo werd de "juridische dienst FOD afdeling nationaliteit" (sic) gecontacteerd, waar werd gesteld dat de dochter inderdaad de Belgische nationaliteit bezit indien ze geen verklaring had afgelegd tot afstand van de Belgische nationaliteit in een diplomatieke post.

Vervolgens werd dan gemaild naar de Federale Overheidsdienst (FOD) Buitenlandse Zaken met de vraag of de dochter al dan niet een dergelijke verklaring tot afstand van de Belgische nationaliteit had afgelegd.

De bevestiging dat dergelijke verklaring niet was afgelegd kwam vrij snel en alles kwam in orde.

Onze concrete vragen:

1) Welke gegevens worden precies geregistreerd in het rijksregister?

2) Wanneer een Belgische onderdaan een verklaring tot afstand van de Belgische nationaliteit aflegt in een diplomatieke post, zou dit toch moeten resulteren in een schrapping uit het rijksregister, of minstens een vermelding van de verklaring tot afstand? Of niet?

3) Is het de normale procedure dat telkens de FOD Buitenlandse Zaken moet gecontacteerd worden indien een Belg die steeds in het buitenland woonde en terugkeert naar ons land een Belgische identiteitskaart aanvraagt?

4) Is er in het rijksregister een vermelding van dubbele nationaliteit?

5) Wanneer worden mensen echt geschrapt uit het rijksregister?

Antwoord ontvangen op 3 november 2011 :

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vraag.

1) De gegevens die worden vermeld in het Rijksregister zijn uitdrukkelijk bepaald in artikel 3 van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van het Rijksregister van de natuurlijke personen. Voor ieder persoon wordt volgende informatie opgenomen in het Rijksregister; naam en voornamen, de geboorteplaats en – datum, het geslacht, de nationaliteit,de hoofdverblijfplaats, de plaats en datum van overlijden, het beroep, de burgerlijke staat, de samenstelling van het gezin, het bestaan van identiteit -en handtekeningcertificaat, de wettelijke samenwoning, de verblijfstoestand voor de vreemdeling. Op verzoek van een gemeentebestuur kan andere informatie in het Rijksregister opgenomen worden. Deze mag slechts medegedeeld worden aan de overheid die ze verstrekt heeft. De informatiegegevens worden bewaard gedurende dertig jaar te rekenen van de dag van het overlijden van de persoon op wie zij betrekking hebben. Ter uitvoering van deze wetgeving kan worden gewezen op het koninklijk besluit van 16 juli 1992 tot vaststelling van de informatie die opgenomen wordt in de bevolkingsregisters en in het vreemdelingenregister.

2) Ik vestig de aandacht van het geachte lid erop dat het bijhouden van de consulaire registers in een diplomatieke of consulaire post onder de bevoegdheid valt van mijn collega, de minister van Buitenlandse Zaken.

3) Indien een Belg, die steeds in het buitenland gewoond heeft, terugkeert naar ons land, moet de burger zijn nieuwe hoofdverblijfplaats aangeven bij het gemeentebestuur van de plaats waar hij zich gaat vestigen. Het is niet de voorgeschreven procedure om in dit geval telkens de Federale Overheidsdienst (FOD) Buitenlandse Zaken te contacteren. Contactname met dit departement is echter aangewezen wanneer er onzekerheid is over bepaalde identiteitsdocumenten of bij vermoeden van identiteitsfraude.

4) Er is een informatietype in het Rijksregister dat voorziet in het opnemen van de meervoudige nationaliteit, en dit voor Belgen die vrijwillig een vreemde nationaliteit verkrijgen.

Een Belg kan dus zijn Belgische nationaliteit behouden wanneer hij op vrijwillige basis de nationaliteit van een ander land verwerft.

In alle gevallen moet het bijgevolg gaan om een vrijwillige verwerving van een vreemde nationaliteit, met behoud van de Belgische nationaliteit. Belgische onderdanen die oorspronkelijk een andere nationaliteit hadden omwille van hun geboorte in het land van herkomst of omwille van de nationaliteit van hun ouders kunnen niet in aanmerking komen. De kennisgeving van de vrijwillige verwerving van een vreemde nationaliteit zal afhangen van de buitenlandse overheden. In bepaalde gevallen is voorzien in een verplichting tot het mededelen van deze informatie aan de Belgische overheden, met name aan de FOD Buitenlandse Zaken, krachtens een internationale overeenkomst ,bilaterale overeenkomst of diplomatieke relaties met bepaalde landen. Voor verdere toelichtingen hieromtrent verwijs ik naar mijn collega, de minister van Buitenlandse Zaken.

5) De afvoeringen (of schrappingen) uit de bevolkingsregisters en dus in het rijksregister gebeuren op basis van volgende modaliteiten. Bij overlijden, zal de afvoering aanvang nemen op datum van overlijden.

Bij vertrek naar het buitenland zal de afvoering aanvang nemen op de datum van aangifte van vertrek.

Er kan ook worden overgegaan tot een afvoering van ambtswege wanneer wordt vastgesteld dat een burger zijn hoofdverblijfplaats - waar hij staat ingeschreven in de bevolkingsregisters- heeft verlaten zonder dat hij hiervan aangifte heeft gedaan en wanneer het onmogelijk blijkt te zijn de nieuwe hoofdverblijfplaats van betrokkene op te sporen. De afvoering gebeurt in dit geval op de datum van de beslissing ter zake van het College van Burgemeester en Schepenen.

Er wordt eveneens overgegaan tot de afvoering van ambtswege in de gevallen waarbij een vreemde onderdaan zijn verblijfsrecht verliest. Dit verlies van verblijfsrecht kan het gevolg zijn van een beslissing van de Dienst Vreemdelingenzaken genomen in uitvoering van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, maar dit kan ook voortvloeien uit het feit dat de betrokken vreemdeling zijn recht op terugkeer niet heeft uitgeoefend binnen de wettelijke termijn.