Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2331

van Yves Buysse (Vlaams Belang) d.d. 16 mei 2011

aan de minister van Justitie

Gevangenissen van Brugge en Sint-Gillis - Aankoop van tandartsinstallaties - Openbare aanbesteding - Respect van de regelgeving

strafgevangenis
tandheelkunde
overheidsopdracht voor leveringen
overheidsopdrachten

Chronologie

16/5/2011 Verzending vraag
29/11/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2331 d.d. 16 mei 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Volgens mijn informatie werd een tijdje geleden overgegaan tot de bestelling van nieuwe tandartsinstallaties en alle toebehoren voor de medische kwartieren van de gevangenissen in Brugge en Sint-Gillis.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Klopt het dat het lastenboek slechts aan een beperkt aantal firma's werd overgemaakt?

2) Indien ja, waarom werd de gangbare openbare procedure niet gevolgd?

3) Indien ja, hoe en door wie werd de selectie van de firma's gemaakt?

4) Bij welke firma en voor welke totaalprijs werd uiteindelijk een bestelling geplaatst?

Antwoord ontvangen op 29 november 2011 :

In de eerste plaats wens ik te preciseren dat deze nieuwe tandartsinstallaties werden geïnstalleerd te Brugge en te Jamioulx. Er werd geen nieuw materiaal geïnstalleerd te Sint-Gillis.

1., 2. en 3. Overeenkomstig artikel 17, §§ 1 en 2, van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en overeenkomstig artikel 120 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken, werd de betrokken overheidsopdracht gerealiseerd door een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking.

De aanbestedende overheid moest dan ook, indien mogelijk, meerdere aannemers, leveranciers of dienstenverleners van haar keuze raadplegen en over de voorwaarden van de opdracht onderhandelen met één of meer van hen.

Deze onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking kan worden toegepast voor zover, zoals in casu, het goed te keuren bedrag, zonder belasting over de toegevoegde waarde, niet hoger ligt dan 67 000 euro.

De gekozen procedure is meermaals gecontroleerd, inzonderheid door de inspecteur van financiën, de controleur van de vastleggingen en het Rekenhof.

4. Op grond van artikel 51 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 wordt dergelijke informatie niet openbaar meegedeeld.