Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2000

van Bert Anciaux (sp.a) d.d. 6 april 2011

aan de minister van Justitie

Rechtbank van koophandel van Brussel - Aantal behandelde zaken - Werkdruk - Verdeling tussen de arrondissementen

commerciŽle rechtspraak
gerechtelijke achterstand
Hoofdstedelijk Gewest Brussels

Chronologie

6/4/2011 Verzending vraag
1/12/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2000 d.d. 6 april 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Al eerder werd ik gewezen op grote problemen in de rechtbank van koophandel te Brussel. Ik ondervroeg de geachte minister daar reeds over. Hij verwees me naar een noodzakelijke meting van de werklast.

Ik heb hierbij enkele vragen:

1) Hoeveel zaken waren er aanhangig in de rechtbank van koophandel te Brussel in de jaren 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010?

2) Wat zijn voor deze rechtbank de vooruitzichten qua werklast voor 2011?

3) Wat was de werklast voor alle handelszaken in ons land in de jaren 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010?

4) Is de geachte minister op de hoogte van het bewust verplaatsen van maatschappelijke zetels van bedrijven naar het gerechtelijk arrondissement Brussel om zo te ontsnappen aan een correcte behandeling van de gerechtelijke procedure bij faillissement?

5) Is het aantal rechters in handelszaken op een correcte wijze verdeeld tussen de verschillende arrondissementen? Hoe beoordeelt hij de verdeling van de werkdruk over de arrondissementen?

Antwoord ontvangen op 1 december 2011 :

1. Voor de cijfers van de Brusselse rechtbank van koophandel uit vraag 1 verwijs ik u naar de jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken die u kan vinden op de website van de Federale Overheidsdienst (FOD) Justitie.

2. De diensten van de Federale overheidsdienst Justitie en van het Vast Bureau voor Statistiek en Werklastmeting hebben nog geen cijfers ter hunner beschikking met betrekking tot 2011. Het is derhalve moeilijk om een voorspelling te maken voor 2011.

3. Voor de concrete cijfers van de werklast voor alle handelszaken in ons land verwijs ik u naar de brochure ‘justitie in cijfers’ die u kan terugvinden op de website van de FOD Justitie.

In 2004 en 2006 was er een piek in het aantal afgehandelde zaken en vanaf 2004 een daling van het aantal nieuwe zaken. In 2006 werden 46 % meer zaken in de output gebracht dan in het jaar 2000. In 2007 kende men een laagterecord qua nieuwe zaken.

Sindsdien groeien het aantal afgehandelde en nieuwe zaken terug naar elkaar toe, zij het dat het aantal afgehandelde zaken nog altijd iets hoger blijft.

4. Het bewust verplaatsen van maatschappelijke zetels van bedrijven naar het gerechtelijk arrondissement Brussel is een fenomeen dat al gedurende geruime tijd wordt vastgesteld.

Het gaat veelal om vennootschappen die in een ander arrondissement werden opgericht en aldaar hun activiteiten ontplooien. Op het ogenblik dat de firma virtueel failliet is, wordt de maatschappelijke zetel verplaatst naar een postbusadres in Brussel.

Door dergelijke zetelverplaatsing wordt getracht om een faillissement dat de facto onafwendbaar is, uit te stellen. Schuldeisers moeten immers opnieuw hun uitvoerbare titel proberen uit te voeren, de fiscale dossiers van de firma moeten aan de nieuwe territoriaal bevoegde belastingdienst worden overgezonden en het depistagedossier moet eveneens naar de nieuwe rechtbank van koophandel worden gestuurd.

Aangezien in Brussel als hoofdstad en economisch centrum van België een belangrijk aantal vennootschappen zijn gevestigd, wordt vaak voor Brussel gekozen om dergelijke firma’s te “dumpen”.

Diverse wetgevende initiatieven werden in het verleden al genomen om deze praktijk tegen te gaan. Zo bepaalt artikel 631 van het gerechtelijk wetboek, ingevoegd door de faillissementswet van 1997, dat de rechtbank van koophandel van de voorlaatste zetel gedurende één jaar na de zetelverplaatsing alsnog bevoegd blijft om het faillissement uit te spreken. De ervaring leert evenwel dat de eiser in faillissement nog vaak kiest voor de rechtbank die bevoegd is voor de laatst gepubliceerde zetel, in casu Brussel.

Tevens bepalen de artikelen 24 tot 25bis van de Wet van 16 januari 2003 (KBO-Wet) dat de beheersdienst van de Kruispuntbank van Ondernemingen in bepaalde gevallen kan overgaan tot doorhaling van fictieve adressen van vennootschappen. Deze bepaling is echter nog onvoldoende gekend.

Het parket van Brussel zal ook strafrechtelijk vervolgen in geval van een fictieve zetel op basis van valsheid in geschriften (valse akte tot zetelverplaatsing), bedrieglijke bewerking van onvermogen en het nalaten tijdig aangifte te doen van faillissement met het oogmerk de faillietverklaring uit te stellen.

Indien blijkt dat de uitbater van het postbusadres bewust heeft meegewerkt aan de sterfhuisconstructie, zal het parket van Brussel deze laatste eveneens mee vervolgen.

5. Bij de wet van 13 april 2005 die het aantal rechters in handelszaken uitbreidde, waren de voorzitters van alle rechtbanken van koophandel bevraagd naar hun reële noden. Bovendien was er rekening gehouden met de bijzondere noden van Antwerpen en Brussel. Uiteraard gebeurt de verdeling op een correcte wijze.

Voor de toekomst moet de werklastmeting van de zetel de noden in kaart brengen.

Momenteel loopt de werklastmeting in de hoven van beroep. Die heeft een behoorlijke vertraging opgelopen, waarover ik ongelukkig ben. Maar nu de analyse van de universiteiten uitwijst dat de methode wetenschappelijk is en verbeteringen zijn aangebracht, is de werklastmeting hervat.

In afwachting dat de werklastmeting daadwerkelijk van start gaat in de rechtbanken van koophandel, worden er alvast initiatieven genomen ter voorbereiding van de werklastmeting aldaar.