Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-11363

van Cindy Franssen (CD&V) d.d. 4 april 2014

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen

De psychosociale steun aan de patiŽnten in het kader van oncologische zorgprogramma's

kanker
psychologie

Chronologie

4/4/2014 Verzending vraag
28/4/2014 Einde zittingsperiode

Voorlopig antwoord (pdf)

Herkwalificatie van : vraag om uitleg 5-4959

Vraag nr. 5-11363 d.d. 4 april 2014 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Actie 10 van het Kankerplan omvat 2 maatregelen. De eerste maatregel verzekert de financiering van verpleegkundigen, maatschappelijk werkers en psychologen in de oncologische zorgprogramma's. De tweede maatregel voorziet in de financiering van een interuniversitaire opleiding in de psycho-oncologie, gecoŲrdineerd door het Cťdric HŤle-Instituut en het Centre de Psycho-oncologie.

De actie moet leiden tot de best mogelijke psychosociale ondersteuning voor elke kankerpatiŽnt en zijn naasten en tot de ondersteuning van de best mogelijke levenskwaliteit voor elke kankerpatiŽnt.

Het Kankercentrum heeft in haar laatste evaluatie van het kankerplan echter gewezen op een knelpunt: hoewel de structurele financiering van de ondersteunende disciplines succesvol is,

"zijn er geen gegevens beschikbaar om de kwaliteit van deze psychosociale steun op te volgen en te evalueren;

is er op dit moment geen overzicht van de juiste inzet van deze ondersteunende disciplinesĒ.

Daarom had ik u graag de volgende vragen gesteld:

1) Beschikt u over cijfers m.b.t. het aantal gefinancierde verpleegkundigen, maatschappelijk werkers en psychologen in ziekenhuizen met een erkend programma voor kankerzorg, vanaf 2012 tot vandaag?

2) Hoeveel percent van alle kankerpatiŽnten doet een beroep op deze psychosociale ondersteuning?

3) Zijn er in BelgiŽ reeds richtlijnen voor de ondersteunende disciplines over hun rol in de kankerzorg? Zo ja, welke? Op welke wijze worden deze opgedragen, gecommuniceerd en gecontroleerd?

4) Zijn er gegevens beschikbaar om de kwaliteit van de psychosociale steun op te volgen en te evalueren? Zo ja, welke en op welke wijze worden deze gegevens momenteel gehanteerd?