Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-7335

van Bart Tommelein (Open Vld) d.d. 26 maart 2010

aan de minister van Landsverdediging

SomaliŽ - Europese opleidingsmissie - Eventuele deelname van BelgiŽ

SomaliŽ
militaire samenwerking
strijdkrachten in het buitenland
Europees defensiebeleid

Chronologie

26/3/2010Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 29/4/2010)
6/5/2010Einde zittingsperiode

Vraag nr. 4-7335 d.d. 26 maart 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Binnen de internationale gemeenschap heerst een consensus over het feit dat het met SomaliŽ de verkeerde kant opgaat. Toen steeds meer Europese koopvaardijschepen, vissersschepen en recreatieve vaartuigen het voorwerp werden van piraterij was de maat voor de Europese Unie vol. De operatie Atalanta die daaropvolgend tot stand kwam, en waaraan BelgiŽ overigens deelneemt, kan over het algemeen als een succes worden beschouwd. Op het land ligt de situatie echter moeilijker. De Al- Shabaab-milities krijgen steeds meer greep in de strijd om de controle over de 'failed state'. De strijd heeft sinds 2007 al meer dan 20†000 levens heeft gekost.

Om de toestand enigszins te stabiliseren besloten de ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie op 25 januari 2010 een extra missie in te lassen. Die heeft tot doel om Somalische veiligheidstroepen op te leiden in Oeganda. Hiervoor stelt de Europese Unie een honderdtal instructeurs vrij. Er wordt verwacht dat de operatie 2 000 extra Somalische soldaten zou moeten opleveren, wat het totaal op 6 000 brengt. Spanje en Frankrijk hebben reeds hun medewerking toegezegd. De positie van BelgiŽ is echter nog onduidelijk en bovendien kunnen meerdere vragen gesteld worden bij de doeltreffendheid van de operatie.

Ik heb dan ook volgende vragen:

1. Op 9 maart 2010 gaf de minister in de commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen en voor de Landsverdediging van de Senaat aan dat beide missies in SomaliŽ als een prioriteit worden aanzien tijdens het Belgisch voorzitterschap van de Europese Unie. Wat staat concreet op de agenda? Welke rol ziet ons land tijdens het voorzitterschap weggelegd in beide missies? Heeft de minister de punten zelf geagendeerd? Zo ja, waarom ziet BelgiŽ SomaliŽ als een prioriteit?

2. Is BelgiŽ van plan om financieel en militair bij te dragen tot de opleidingsmissie? Zo ja, hoeveel middelen is de minister van plan hiervoor vrij te maken en hoeveel manschappen worden ingezet? Vreest hij niet dat onze manschappen aldus te breed worden ingezet (overstretch) en kan hij uitvoerig toelichten waarom dat al dan niet het geval zou zijn?

3. Hoe worden de Somalische rekruten gescreend? Wie heeft het toezicht op die strijdmacht? Mogadishu heeft immers geen regering en wordt al een lange tijd door de internationale gemeenschap als een 'failed state' bestempeld. Dreigt de Europese Unie (inclusief BelgiŽ, als het bereidt is om mee te stappen in dit verhaal) niet mensen op te leiden die in de toekomst mogelijk misbruik zullen maken van hun verworven capaciteiten? Is het, rekening houdend met die opmerkingen, niet meer opportuun om de activiteiten van de Afrikaanse Unie in SomaliŽ te steunen?