Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-6403

van Alain Destexhe (MR) d.d. 29 december 2009

aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking

Aids - Internationale strijd - Belgisch beleid - Stand van zaken

aids
ontwikkelingshulp

Chronologie

29/12/2009 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 29/1/2010 )
1/2/2010 Antwoord

Vraag nr. 4-6403 d.d. 29 december 2009 : (Vraag gesteld in het Frans)

Ter gelegenheid van de Wereld Aids Dag op 1 december 2009 hebben verschillende sprekers gewezen op de sterke verspreiding van die ziekte, ook in ons land. Ze wezen op de noodzaak van preventie (in het bijzonder bij jongeren en risicogroepen) en van samenwerking in de internationale strijd tegen die plaag, vooral via wetenschappelijk onderzoek.

Die gebeurtenis biedt me de gelegenheid met de geachte minister de balans op te maken van het huidige samenwerkingsbeleid van ons land op dat vlak. Ik heb de volgende vragen:

1. In de beleidsnota met de titel: “ De Belgische bijdrage aan de wereldwijde strijd tegen hiv/aids” van 26 maart 2006, wordt bepaald dat de uitvoering van het beleid gecoördineerd zal worden via een aidswerkgroep van de Interdepartementale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling (ICDO) en gesteund zal worden via de interventies van de aidsgezant en via aidsmainstreaming bij alle betrokken overheidsdiensten van de federale staat en de deelstaten.Daarnaast wordt in dat document verwezen naar werkplannen of indicatoren.

Kan de geachte minister me zeggen hoe ver het staat met de uitvoering van die nota?

2. Hoewel in het verleden verschillende verenigingen en sprekers meermaals op de noodzaak van een transversale aanpak van de strijd tegen aids (in het bijzonder in het kader van de rechtstreekse bilaterale samenwerking met sommige landen)hebben gewezen, lijkt er evenwel momenteel geen wettelijk kader te bestaan om een dergelijk beleid te voeren.

Kan de minister meedelen of hij van plan is binnenkort hiv/aids als transversaal thema op te nemen in de wet van 25 mei 1999 betreffende de Belgische internationale samenwerking?

3. In dezelfde nota wordt het belang van onderzoek en innovatie, evenals van bacteriëndodende middelen in de strijd tegen aids onderstreept. Bacteriëndodende middelen zijn overigens een preventiemiddel waarover vrouwen een zekere controle kunnen hebben, wat een onmiskenbaar voordeel is, vooral in de landen waar de vrouwenrechten (met inbegrip van het recht vrij over het eigen lichaam te beschikken) aan de kant worden geschoven of erger, gewoonweg worden genegeerd. Het blijkt nu dat België beslist heeft zijn steun aan het International Partnership for Microbicides niet te hernieuwen. Die organisatie heeft als doel het gebruik van dat preventiemiddel, in het bijzonder in ontwikkelingslanden, te bevorderen.

Kan de minister uitleggen waarom België beslist heeft haar financiële steun aan het International Partnership for Microbicides niet te hernieuwen?

4. Uit diverse statistieken blijkt dat voor elke twee mensen die een antivirale behandeling krijgen, er wereldwijd vijf nieuwe hiv-besmettingen zijn. Die cijfers tonen het belang van preventie in de wereldwijde strijd tegen aids.

Kan de minister me zeggen welk ontwikkelingssamenwerkingsbeleid ons land voert op het vlak van aidspreventie?

5. In de algemene beleidsnota van de geachte minister (“Ontwikkelingssamenwerking”),wordt het aidsthema niet aangeroerd, hoewel er ruim aandacht wordt besteed aan gezondheidsproblemen.

Kan de minister me zeggen welke bedragen België toekent aan het onderdeel gezondheid en seksuele en reproductieve rechten (met inbegrip van de strijd tegen aids) in het kader van haar ontwikkelingssamenwerkingsbeleid?

6. In dezelfde algemene beleidsnota wordt de invoering van een nieuwe basistoelage vermeld. Die basistoelage moet het mogelijk maken gerichte acties voor de steun van de Millenniumdoelstellingen te financieren.

Kan de minister me het bedrag van die nieuwe toelage meedelen?

Zijn de financieringscriteria al bepaald? Zo ja, kan hij ze meedelen?

Wie kan aanspraak maken op de financiering?

Aan welke thema's van de Millenniumdoelstellingen voor Ontwikkeling (MDO) zal prioriteit worden gegeven?

Zal aan de MDO waarvoor tot nu toe weinig vooruitgang is geboekt (zoals gezondheid van de moeder) een hogere financiering worden toegekend?

7. In dezelfde algemene beleidsnota “Ontwikkelingssamenwerking” heeft de minister zich ertoe verbonden de befaamde 0,7%-norm te halen. In dat document kondigt hij ook aan dat de Belgische ontwikkelingssamenwerking een groeipad voor de landbouwsector wil bepalen en op die manier tegen 2015 15% van zijn budget aan de landbouwsector wil besteden. Door de stijging van de ontwikkelingshulp vragen veel verenigingen zich terecht af of de middelen voor gezondheid (met inbegrip van de seksuele en reproductieve rechten) eveneens zullen stijgen.

Kan de minister me zeggen of hij van plan is de middelen voor gezondheid (met inbegrip van de seksuele en reproductieve rechten) te verhogen?

Kan de minister me ook zeggen of er, naar analogie met het groeipad voor de landbouwsector, een groeipad voor de gezondheidssector, met inbegrip van de seksuele en reproductieve rechten, bestaat?

Antwoord ontvangen op 1 februari 2010 :

1. De uitvoering van de nota over de Belgische bijdrage aan de internationale aidsbestrijding berust op het werk van verschillende actoren. Een werkgroep AIDS groepeert deze verschillende actoren (federale en gemeenschapsoverheden, middenveld en universiteiten) en maakt een inventaris op van alle Belgische initiatieven en zal dan een gemeenschappelijk actieplan opstellen. Eind januari start een raadpleging via internet om die inventaris af te ronden.

2.Het is niet voorzien om de aidsbestrijding in te schrijven als transversaal thema in de wet op internationale samenwerking. Dit doet weliswaar geen afbreuk aan het belang dat aan deze problematiek wordt gehecht. België verdedigd eveneens de aanpak volgens dewelke aidsbestrijding en het bevorderen van seksuele en reproductieve rechten noodzakelijkerwijze moet gebeuren via het versterken van het globaal gezondheidssysteem. Ter herinnering, gezondheidszorg is een prioritaire sector van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking.

3.Met het oog op de doeltreffendheid van de ontwikkelingshulp werd, op het gebied van multilaterale samenwerking, besloten om het aantal partnerorganisaties te beperken tot 21. Ter herinnering, de Wet van 1999 op de Internationale samenwerking verplicht de Belgische ontwikkelingssamenwerking om het aantal multilaterale partnerorganisaties tot een twintigtal te beperken. Wat betreft andere organisaties zoals IPM, werden de aangegane verbintenissen eerbiedigd, maar werden er geen nieuwe toezeggingen gedaan.

4.Het belang van de gelijktijdige aanpak van preventie en behandeling, en de aansporing om hernieuwde aandacht te schenken aan preventie, werd in al zijn aspecten onderlijnd tijdens de vergaderingen van de beheerscomités van het wereldfonds ter bestrijding van AIDS, tuberculose en malaria (GFATM) (december 2009) en UNAIDS (juni 2009) en tijdens de bilaterale consultatiedagen tussen de Belgische Ontwikkelingssamenwerking en de betrokken multilaterale organisaties in Genève (oktober 2009).

De besprekingen van de externe evaluaties van GFATM en UNAIDS, die in dezelfde richting wijzen, waren ook een gelegenheid om die aspecten te beklemtonen. Het multilateraal beleid van maximale bijdragen tot de algemene middelen (full core) van de organisaties versterkt hun capaciteit om hun programma’s te kunnen uitvoeren voor gelijktijdige aanpak van preventie en behandeling. Zoals eerder vermeld, wordt de strijd tegen AIDS systematisch transversaal behandeld op bilateraal vlak.

5.

Jaar

Totaal Gezondheid

Waarvan HIV AIDS

Waarvan Reproductieve Gezondheid

2005

101 681 505

21 793 465

28 810 319

2006

111 196 709

26 566 725

34 461 576

2007

129 883 007

32 665 955

39 366 814

2008

130 619 211

27 600 261

30 542 300

6. Voor 2010 werd 5 000 000 euro voorzien op de basisallocatie die het mogelijk moet maken om punctuele activiteiten te financieren die als doel hebben de ondersteuning van de Millenniumdoelstellingen. Voor 2011 werd een budget van 3 000 000 euro ingeschreven op dit budget.

Deze basisallocatie is bedoeld voor de betoelaging van punctuele activiteiten van korte duur (maximum één jaar) die kaderen in de Millennium ontwikkelingsdoelstellingen (MDG).

Onder andere de Belgische gemeentes en organisaties van het maatschappelijk middenveld zullen een aanvraag kunnen indienen voor financiering op deze budgetlijn.

Er werd nog geen prioritair thema vastgelegd. Speciale aandacht zal zeker besteed worden aan de MDG’s waarrond weinig vooruitgang werd geboekt.

7. Er is geen specifieke planning of programmering voorzien voor een voorbehouden aandeel voor de gezondheidssector (of seksuele en reproductieve rechten) in de sectorale verdeling van de hulp. Het is evenwel duidelijk, zoals blijkt uit de discussies met partnerlanden en andere Europese donoren, dat gezondheidszorg een prioritaire sector blijft en in dit kader op een aanzienlijk deel van de ontwikkelingshulp kan rekenen.