SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2012-2013 Zitting 2012-2013
________________
23 mai 2013 23 mei 2013
________________
Question écrite n° 5-9078 Schriftelijke vraag nr. 5-9078

de Yves Buysse (Vlaams Belang)

van Yves Buysse (Vlaams Belang)

à la vice-première ministre et ministre de l'Intérieur et de l'Égalité des Chances

aan de vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen
________________
Missions diplomatiques - Convention de Vienne - Persona non grata - Aperçu Diplomatieke missies - Verdrag van Wenen - Persona non grata - Overzicht 
________________
représentation diplomatique
profession diplomatique
admission des étrangers
espionnage
diplomatieke vertegenwoordiging
personeel in diplomatieke dienst
toelating van vreemdelingen
spionage
________ ________
23/5/2013 Verzending vraag
21/8/2013 Antwoord
23/5/2013 Verzending vraag
21/8/2013 Antwoord
________ ________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-9077
Geherkwalificeerd als : vraag om uitleg 5-4965
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-9077
Geherkwalificeerd als : vraag om uitleg 5-4965
________ ________
Question n° 5-9078 du 23 mai 2013 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-9078 d.d. 23 mei 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

En vertu de l'article 9 de la Convention de Vienne sur les Relations diplomatiques de 1961 et de l'article 23 de la Convention de Vienne sur les Relations consulaires de 1963, un État accréditaire peut, à tout moment et sans avoir à motiver sa décision, informer l’État accréditant que le chef ou tout autre membre du personnel diplomatique de la mission est persona non grata ou que tout autre membre du personnel de la mission n’est pas acceptable.

L’État accréditant rappellera alors la personne en cause ou mettra fin à ses fonctions auprès de la mission. Une personne peut être déclarée non grata ou non acceptable avant d’arriver sur le territoire de l’État accréditaire.

Si l’État accréditant refuse d’exécuter, ou n’exécute pas dans un délai raisonnable, les obligations qui lui incombent, l’État accréditaire peut refuser de reconnaître à la personne en cause la qualité de membre de la mission.

Je souhaiterais obtenir une réponse aux questions suivantes.

1) Combien de fois au cours des dix dernières années la Belgique a-t-elle demandé à des gouvernements étrangers de rappeler des membres de missions diplomatiques déclarés personae non gratae ? Cette demande a-t-elle chaque fois été suivie du rappel de membres de missions diplomatiques belges ? Quels étaient les motifs les plus fréquents ? De quels pays s'agissait-il ?

2) Combien de fois la situation a-t-elle été inverse et l'initiative a-t-elle donc été prise par d'autres pays ?

3) La Belgique s'est-elle dotée d'une base légale permettant de déclarer personae non gratae des individus indésirables mais n'appartenant pas à une mission diplomatique (par exemple, des étudiants se livrant à de l'espionnage) ?

 

Op grond van het bepaalde in artikel 9 van het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer uit 1961 en in artikel 23 van het Verdrag van Wenen inzake Consulaire Betrekkingen uit 1963 mag een ontvangende staat op elk moment en zonder dat daarvoor uitleg verschuldigd is, de zendende staat berichten dat het hoofd van een diplomatieke missie of een lid van de diplomatieke staf van de missie persona non grata of een ander lid van de staf van de missie niet aanvaardbaar is.

In dergelijke gevallen zal de zendende staat de betreffende persoon (moeten) terugroepen of zijn of haar functie in de missie beëindigen. Een persoon kan ook non grata of niet aanvaardbaar worden verklaard voor zijn of haar aankomst op het grondgebied van de ontvangende staat.

Indien de zendende staat in gebreke blijft door de betreffende verplichtingen niet binnen een redelijke termijn uit te voeren, kan de ontvangende staat weigeren de betreffende persoon te erkennen als lid van de missie.

Graag antwoord op volgende vragen.

1) Hoe dikwijls heeft België de voorbije tien jaar aan buitenlandse regeringen gevraagd leden van diplomatieke missies terug te roepen omdat zij personae non gratae waren? Leidde dit telkens tot het terugroepen van leden van Belgische diplomatieke missies? Wat waren de meest voorkomende motieven? Om welke landen ging het?

2) Hoe vaak gebeurde het omgekeerde, dus op initiatief van andere landen?

3) Bestaat er in België een wettelijke basis waardoor ook niet-diplomatieke maar ongewenste individuen (bijvoorbeeld spionerende studenten) personae non gratae verklaard kunnen worden?

 
Réponse reçue le 21 aôut 2013 : Antwoord ontvangen op 21 augustus 2013 :

La réponse de ces questions relève de mon collègue, le ministre de des Affaires étrangères, Monsieur Reynders, à qui vous avez également posé ces questions (respectivement la question n° 5-9077).

Het antwoord op deze vragen komt toe aan mijn collega, de minister van Buitenlandse Zaken, de heer Reynders, aan wie u de vragen tevens gesteld heeft (respectievelijk de vraag 5-9077).