SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2011-2012 Zitting 2011-2012
________________
28 novembre 2011 28 november 2011
________________
Question écrite n° 5-3821 Schriftelijke vraag nr. 5-3821

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

au ministre de la Justice

aan de minister van Justitie
________________
Prisons - Belgique - Extrémisme musulman - Définition - Enquête - Approche Gevangenissen - België - Moslimextremisme - Definitie - Onderzoek - Aanpak 
________________
établissement pénitentiaire
détenu
islam
intégrisme religieux
extrémisme
radicalisation
strafgevangenis
gedetineerde
islam
religieus conservatisme
extremisme
radicalisering
________ ________
28/11/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten
28/11/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten
________ ________
Heringediend als : schriftelijke vraag 5-4713 Heringediend als : schriftelijke vraag 5-4713
________ ________
Question n° 5-3821 du 28 novembre 2011 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-3821 d.d. 28 november 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le ministre a confirmé à la Chambre le phénomène de la propagation de l'extrémisme musulman dans les prisons belges. Il a souligné une tendance internationale. Il l'a illustrée par l'exemple des prières communes lors desquelles des musulmans prieraient de manière « provocante ». Le porte-parole du ministère a indiqué, certes dans des termes très vagues, une approche commune des prisons. Le ministre a également annoncé une enquête.

J'aimerais poser les questions suivantes à ce sujet.

1) Pourquoi le ministre parle-t-il de propagation de l'extrémisme musulman ? Qu'est-ce que cet extrémisme ? Comment s'exprime-t-il dans les prisons ? Que signifie « propagation » ? Quels chiffres l'indiquent? Avec quelle période effectue-t-on la comparaison ? Le ministre dispose-t-il d'une étude scientifique relative à l'extrémisme musulman ou se base-t-il sur sa perception des choses et sur des analyses intuitives ? Qui l'a briefé à ce sujet ?

2) Comment définit-il « prier de manière provocante », pour reprendre les termes qu'il a utilisés au sujet de l'extrémisme musulman ?

3) De quelle manière les directions des prisons s'attaqueront-elle concrètement ensemble au problème de l'extrémisme musulman ? Comment le ministre explique-t-il et justifie-t-il que le porte-parole du ministère parle sciemment de cette approche en termes vagues ? Cette dernière comprend-elle une stratégie secrète ? Ou n'y avait-il encore aucune stratégie ? Ou cette stratégie contient-elle des éléments trop sensibles pour être divulgués publiquement ?

4) Le ministre peut-il fournir des détails sur l'enquête qu'il lancera sur l'extrémisme musulman ? Peut-il nous fournir le canevas de cette enquête (décrivant la mission, les objectifs, le délai, etc.) ?

 

De minister bevestigde in de Kamer het fenomeen van een stijgend moslimextremisme in de Belgische gevangenissen. Hij wees op een internationale trend. Hij illustreerde dit door te verwijzen naar gezamenlijke bidmomenten, waarbij moslim dit "provocerend" zouden doen. De woordvoerder van het ministerie vermeldde, weliswaar in grote vaagheid, een gezamenlijke aanpak van de gevangenissen. De minister kondigde eveneens een onderzoek aan.

Hierover de volgende vragen:

1) Waarom gewaagt de geachte minister van "stijgend moslimextremisme"? Wat is moslimextremisme en hoe uit dit zich in gevangenissen, en wat betekent "stijgend"? Welke cijfers wijzen dit uit, met welk tijdstip vergelijkt hij? Beschikt hij hieromtrent over wetenschappelijk onderzoeksmateriaal of baseert hij zich op perceptie en intuïtieve analyses? Wie heeft hem hierover gebriefd?

2) Hoe definieert hij "provocerend" bidden, zoals hij dat vermeldde in verband met moslimextremisme?

3) Op welke wijze zullen de gevangenisdirecties gezamenlijk het gestelde probleem van moslimextremisme concreet aanpakken ? Hoe verklaart en motiveert de geachte minister dat de woordvoerder van het ministerie hierover bewust in vage termen communiceerde? Gaat het over een geheime strategie, of was er nog geen strategie of bevat deze strategie te gevoelige elementen voor publieke communicatie?

4) Kan hij details verstrekken over het onderzoek dat hij hieromtrent zal initiëren? Kan hij ons het lastenboek voor dit onderzoek (waarin opdracht, doelstellingen, termijn enz.) bezorgen?