SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2010-2011 Zitting 2010-2011
________________
8 février 2011 8 februari 2011
________________
Question écrite n° 5-1212 Schriftelijke vraag nr. 5-1212

de Jacques Brotchi (MR)

van Jacques Brotchi (MR)

à la vice-première ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, chargée de l'Intégration sociale

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie
________________
La prise en charge de la sclérose en plaques par l'assurance maladie Onkosten voor de behandeling van multiple sclerose - bijdrage van de ziekteverzekering 
________________
maladie du système nerveux
assurance maladie
coût de la santé
ticket modérateur
ziekte van het zenuwstelsel
ziekteverzekering
kosten voor gezondheidszorg
remgeld
________ ________
8/2/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten
8/2/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten
________ ________
Herkwalificatie van : vraag om uitleg 5-200 Herkwalificatie van : vraag om uitleg 5-200
________ ________
Question n° 5-1212 du 8 février 2011 : (Question posée en français) Vraag nr. 5-1212 d.d. 8 februari 2011 : (Vraag gesteld in het Frans)

Les Mutualités Libres ont réalisé une étude visant à déterminer l'intervention de l'assurance maladie dans les coûts liés à la sclérose en plaques ainsi que la proportion de ces coûts qui reste à charge des patients.

Il ressort de cette étude que, quel que soit le stade de sévérité de la maladie -4 stades sont identifiés- les frais à charge du patient sont plus importants que les frais remboursés par l'assurance maladie. Plus de 60% des coûts seraient à la charge du patient dans les stades les plus avancés de la maladie.

En dépit des remboursements spécifiques prévus pour les malades chroniques, certaines prestations telles que la kinésithérapie ou l'ergothérapie coûtent chers à ces patients. Or, les personnes atteintes de sclérose en plaques auraient régulièrement recours à ces prestations.

Ainsi, les dispositifs prévus en faveur des malades chroniques seraient insuffisants pour la prise en charge de cette maladie.

L'étude à laquelle je fais référence préconise la création d'un statut « malade chronique » qui reposerait sur des critères médicaux et plus sur des critères administratifs. Les droits seraient ainsi accordés en fonction du degré de gravité de la maladie.

Madame la Ministre,

1. Quelle est votre opinion sur cette étude ? Etes-vous d'accord avec les constats qui y sont posés ?

2. Ne pensez-vous pas qu'il conviendrait de mettre en place, pour les patients atteints de sclérose en plaques, des remboursements spécifiques en fonction des besoins liés au degré de gravité de la maladie ?

3. De manière générale, pour les malades chroniques, ne conviendrait-il pas de prendre davantage en compte le critère du degré de gravité de la maladie ?

 

De Onafhankelijke Ziekenfondsen hebben een studie gemaakt om te bepalen welk bedrag de ziekteverzekering kan toekennen als bijdrage in de onkosten verbonden aan multiple sclerose en welk aandeel de patiënt moet blijven betalen.

Uit die studie blijkt dat de patiënt, ongeacht de ernst van zijn ziekte - er zijn vier stadia geïdentificeerd - een groter aandeel ten laste neemt dan de ziekteverzekering. In de verst gevorderde stadia van de ziekte neemt de patiënt meer dan 60% van die onkosten ten laste.

Ondanks de specifieke terugbetalingen waarin voorzien is voor de chronisch zieken, kosten prestaties zoals kinesitherapie of ergotherapie de patiënt veel geld. Multiple sclerose-patiënten zouden echter vaak een beroep doen op deze therapieën.

De maatregelen ten gunste van chronisch zieke patiënten zouden dus verre van toereikend zijn voor het ten laste nemen van deze ziekte.

De studie waarnaar ik verwijs, prijst de oprichting aan van het statuut van “chronisch zieke” op basis van medische in plaats van administratieve criteria. Op die manier zouden de rechten worden toegekend op basis van de ernst van de ziekte.

Mevrouw de minister,

1. Welk standpunt neemt u in ten opzichte van deze studie? Gaat u akkoord met de vaststellingen die erin worden gedaan?

2. Denkt u niet dat het voor multiple sclerose-patiënten nuttig zou zijn te voorzien in specifieke terugbetalingen afgestemd op de noden veroorzaakt door de graad van aantasting door de ziekte ?

3. Zou het, meer algemeen, voor de chronisch zieken niet nuttig zijn meer rekening te houden met het criterium “graad van aantasting”?