BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2010-2011
________
6 april 2011
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-2002

de Bert Anciaux (sp.a)

aan de minister van Justitie
________
Gevangenis van Aarlen - Gevangenis - Situatie - Bevolking - Aantal cellen
________
strafgevangenis
gedetineerde
zelfmoord
voorlopige hechtenis
________
6/4/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten
________
Heringediend als : schriftelijke vraag 5-4641
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-2002 d.d. 6 april 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het gevangeniswezen staat ernstig onder druk. De toestand van vele gevangenissen is meer dan schrijnend, de situatie van vele gevangenen mensonwaardig.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Hoeveel gedetineerden werden er opgesloten in de gevangenis van Aarlen in 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010? Wat is de situatie vandaag in 2011? Hoe evalueert en duidt de geachte minister deze ontwikkelingen?

2) Hoeveel cellen waren beschikbaar in dezelfde periode? Kan hij eveneens vermelden of het hier gaat om eenpersoonscellen, tweepersoonscellen of driepersoonscellen?

3) Hoeveel zelfmoorden vonden er plaats in 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010?

4) Hoeveel gedetineerden bevonden zich in de gevangenis zonder proces ten gronde? Hoeveel zaten er in voorlopige hechtenis? Graag kreeg ik een overzicht per jaar voor dezelfde periode. Hoe evalueert en duidt hij deze evolutie?

5) Wat was de gemiddelde duur van de voorlopige hechtenis in deze gevangenis in de periode 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010? Is er een verschil merkbaar tussen gedetineerden met of zonder Belgische nationaliteit?

6) Hoeveel cipiers waren er voltijds aanwezig in dezelfde periode? Hoe evalueert en duidt hij deze evolutie?

7) Hoeveel gedetineerden hadden in deze verschillende jaren geen Belgische nationaliteit? Hoeveel gedetineerden hebben vandaag in 2011 geen Belgische nationaliteit? Hoe evalueert en duidt hij deze evolutie?

8) Hoeveel gevangen bevonden zich in deze periodes in de psychiatrische afdeling en in de medische afdeling? Hoeveel cellen waren daar in deze periodes? Hoe evalueert en duidt hij deze evolutie?