4-625/1

4-625/1

Belgische Senaat

ZITTING 2007-2008

10 MAART 2008


Voorstel van resolutie om verlenging van de moederschapsrust toe te staan voor vrouwelijke zelfstandigen die dat wensen wanneer hun pasgeborene in het ziekenhuis wordt opgenomen

(Ingediend door mevrouw Christine Defraigne)


TOELICHTING


De toelichting bij wetsvoorstel 4-626/1 - 2007/2008 geldt ook voor dit voorstel van resolutie.

Met dit voorstel van resolutie wensen we nog een stap verder te zetten in de verbetering van de moederschapsrust van de vrouwelijke zelfstandige, door de regering te vragen te onderzoeken of het mogelijk is verlenging van de moederschapsrust toe te staan voor vrouwelijke zelfstandigen die dat wensen wanneer hun pasgeborene in het ziekenhuis wordt opgenomen, naar het voorbeeld van de huidige regeling voor werkneemsters.

Wanneer het pasgeboren kind na de eerste zeven dagen te rekenen vanaf zijn geboorte in het ziekenhuis moet opgenomen blijven, kan immers op verzoek van de werkneemster de postnatale rustperiode verlengd worden met het aantal dagen dat haar kind na die eerste zeven dagen in het ziekenhuis heeft doorgebracht. De postnatale rustperiode mag met niet meer dan vierentwintig weken verlengd worden.

De indienster van deze resolutie is er dus voor gewonnen dat de verlenging van de moederschapsrust bij ziekenhuisopname van de pasgeborene, die nu wordt toegekend aan werkneemsters, wordt uitgebreid tot de vrouwelijke zelfstandigen.

Het is daarom belangrijk na te gaan hoeveel vrouwelijke zelfstandigen momenteel na de geboorte geconfronteerd worden met een ziekenhuisopname van hun kind.

Aan de hand van het resultaat van dat onderzoek kan men bepalen wat de budgettaire weerslag is van een verlenging van de moederschapsrust van de vrouwelijke zelfstandigen bij ziekenhuisopname van de pasgeborene.

De verlenging van de postnatale rust voor werkneemsters wier pasgeborene in het ziekenhuis wordt opgenomen, bedraagt maximum vierentwintig weken.

Men dient dus te bepalen, afhankelijk van de beschikbare middelen, hoeveel bijkomende weken in het raam van de moederschapsrust kunnen worden toegekend aan de vrouwelijke zelfstandigen wier kind na de geboorte in het ziekenhuis is opgenomen.

Christine DEFRAIGNE.

VOORSTEL VAN RESOLUTIE


De Senaat,

A. Overwegende dat heel wat vrouwen willen werken en kinderen wensen en dat ze dus hun privé-leven met hun beroepsleven moeten verzoenen;

B. Overwegende dat vrouwen bij de geboorte van een kind wettelijk recht hebben op moederschapsverlof;

C. Overwegende dat de duur van dat moederschapsverlof anders wordt geregeld naargelang de zwangere werkneemster is of zelfstandige;

D. Overwegende dat het moederschapsverlof voor werkneemsters georganiseerd wordt bij de arbeidswet van 16 maart 1971 alsook bij de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;

E. Overwegende dat het voor een werkneemster mogelijk is haar postnatale rust te verlengen wanneer de pasgeborene na de eerste zeven dagen vanaf de geboorte in het ziekenhuis wordt opgenomen;

F. Overwegende dat het moederschapsverlof voor vrouwelijke zelfstandigen georganiseerd wordt bij het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten;

G. Overwegende dat bij een koninklijk besluit van 7 juni 2007 de moederschapsrust voor vrouwelijke zelfstandigen verlengd is van zes tot acht weken en van zeven tot negen weken bij meerlinggeboorte;

H. Overwegende dat die recente maatregel ongetwijfeld een verbetering is van de regeling moederschapsrust voor vrouwelijke zelfstandigen;

I. Overwegende dat het wenselijk is nog verder te gaan in de verbetering van de moederschapsrust van de zelfstandige door te onderzoeken of het mogelijk is een verlenging van het moederschapsverlof toe te staan voor vrouwelijke zelfstandigen die dat wensen wanneer de pasgeborene in het ziekenhuis wordt opgenomen, naar het voorbeeld van de regeling zoals die nu voor werkneemsters bestaat;

J. Overwegende dat die maatregel, die ongetwijfeld positief is, momenteel niet bestaat voor vrouwelijke zelfstandigen;

K. Overwegende dat deze laatsten ongelukkigerwijze niet gespaard blijven van een langere ziekenhuisopname van hun kind;

Vraagt de regering te onderzoeken of het mogelijk is een verlenging van het moederschapsverlof toe te staan voor vrouwelijke zelfstandigen die dat wensen wanneer de pasgeborene in het ziekenhuis wordt opgenomen, naar het voorbeeld van de regeling zoals die nu voor werkneemsters bestaat, door :

1. na te gaan hoeveel vrouwelijke zelfstandigen momenteel na de geboorte met een ziekenhuisopname van hun kind worden geconfronteerd;

2. de budgettaire weerslag te bepalen van een verlenging van de moederschapsrust van vrouwelijke zelfstandigen bij ziekenhuisopname van de pasgeborene;

3. te analyseren, afhankelijk van de beschikbare middelen, hoeveel bijkomende weken in het raam van de moederschapsrust kunnen worden toegekend aan de vrouwelijke zelfstandigen wier kind na de geboorte in het ziekenhuis is opgenomen.

11 januari 2008.

Christine DEFRAIGNE.
Nahima LANJRI.
Patrik VANKRUNKELSVEN.
Christiane VIENNE.
Anne DELVAUX.