Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-60

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Mobiliteit

Vraag nr. 3-3454 van de heer Van Hauthem d.d. 30 september 2005 (N.) :
Reglementering inzake parkeerschijven. — Overeenstemming met de taalwetgeving.

Het ministerieel besluit van 1 december 1975 tot vaststelling van de kenmerken van bepaalde schijven, bebakeningen, en platen die voorgeschreven zijn door het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer schrijft in artikel 1 en de bijhorende bijlage 1 bij het besluit voor welke de vermeldingen zijn die een parkeerschijf dient te bevatten.

De vermeldingen die in bijlage 1 zijn opgenomen zijn drietalig.

In haar advies nr. 37 011 van 23 juni 2005 oordeelde de Vaste Commissie voor Taaltoezicht dat een klacht tegen de gemeente Liedekerke gegrond was, maar dan wel ten aanzien van de minister van Mobiliteit, omdat ę een ministerieel besluit niet kan afwijken van het aan de openbare diensten opgelegde taalgebruik in bestuurszaken [...] en dat de parkeerschijf derhalve uitsluitend moet gesteld worden in de taal van het gebied waar zij wordt gebruikt. Ľ

Heeft de geachte minister de nodige maatregelen getroffen om het betreffende ministeriŽle besluit in overeenstemming met de taalwetgeving te brengen ?

Antwoord : Ik ben van oordeel dat het betreffend ministerieel besluit in overeenstemming is met de taalwetgeving. Een parkeerschijf moet in heel BelgiŽ bruikbaar en geldig zijn. In tegenstelling met een verkeersbord verplaatst een parkeerschijf zich met de wagen door heel BelgiŽ.