Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-70

ZITTING 2002-2003

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 2613 van mevrouw Van Riet d.d. 23 januari 2003 (N.) :
Elektronische identiteitskaart. ≠ Beveiliging. ≠ Producent.

Het bedrijf Idoc is nu nog de exclusieve leverancier van alle bestaande identiteitskaarten in BelgiŽ. Maar, vanaf augustus 2004 verliest het bedrijf Idoc dat voorrecht. De opvolger van de huidige kaart zal dan worden gemaakt door het Belgische bedrijf Zetes. De federale regering kende einde september 2002 de contracten toe.

Idoc heeft juridische actie ondernomen. Het grafische bedrijf investeerde vorig jaar immers in de noodzakelijke technologie om de elektronische identiteitskaart te maken. Dat gebeurde naar verluidt met de instemming van de federale overheid. Door haar methode van drukoplossing, gebaseerd op jaren onderzoek van verschillende belangrijke Belgische en buitenlandse bedrijven, werd een innovatie aangeboden die beter bestand zou zijn tegen vervalsing dan de nu gekozen oplossing. Er werd gekozen voor de oplossing met laser, maar hiervan zijn nu reeds vervalsingen opgedoken.

Om de Belgische identiteitskaart te mogen maken moest Idoc in 1982 instemmen met de voorwaarde dat zij geen andere opdrachten mocht uitvoeren zonder de uitdrukkelijke toestemming van de minister, dit omwille van veiligheidsredenen. De overheid wilde niet dat op dezelfde plaats waar identiteitskaarten gemaakt worden bijvoorbeeld ook bankkaarten geproduceerd worden zonder hiervan op de hoogte gebracht te zijn ...

Idoc heeft op 9 oktober 2001 per aangetekend schrijven aan minister Duquesne de formele goedkeuring gevraagd om haar activiteiten uit te breiden naar de productie van plastic kaarten en bankkaarten.

De minister heeft deze brief op vandaag nog niet beantwoord.

Zo lijkt Idoc gevangen te zitten in een paradox : het bedrijf wil wel bankkaarten maken, maar heeft daar de formele goedkeuring van de minister van Binnenlandse Zaken voor nodig. Omdat deze goedkeuring uitbleef, hebben reeds potentiŽle klanten afgehaakt.

Idoc moet nu ook dringend op zoek naar nieuwe klanten en moet op zeer korte termijn voor 85 % van haar activiteiten vervangende activiteiten ontwikkelen, wat in deze korte periode niet eenvoudig zal zijn waardoor een overheidsbedrijf dreigt haar leefbaarheid te verliezen. Hierdoor zullen ongeveer 60 mensen hun werk verliezen (een dertigtal direct en een dertigtal indirect).

Intussen loopt de ę superveilige Ľ kaart vertraging op. Begin 2002 zouden proefprojecten in Belgische gemeenten starten. De computers zijn wel al geleverd en extra personeel draait al een tijdje mee in de gemeenten, maar de betrokken kaarten laten nog altijd op zich wachten ...

Denkt de geachte minister eraan om Idoc de officiŽle toelating om haar activiteiten uit te breiden te geven ?

Zo ja, wanneer ?

Zo neen, waarom niet ?

Hoe ziet de geachte minister de verdere toekomst van het bedrijf dat in 1982 is opgericht op initiatief van de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken en waar de federale overheid toch meerderheidsaandeelhouder is ?