Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1995-1996


Bulletin 1-20

18 JUNI 1996

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ≠ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-Eerste minister en minister van FinanciŽn en Buitenlandse Handel (FinanciŽn)

Vraag nr. 88 van de heer Van Hauthem d.d. 10 mei 1996 (N.) :
Ministerie van FinanciŽn. ≠ Ambtenaren. ≠ Taal.

In een artikel betreffende de onwettige ambtshalve afnames door het ministerie van FinanciŽn in de VVSG-Nieuwsbrief van 16-29 februari 1996 lezen wij het volgende : ę ... Ten derde kregen de gemeenten die het aandurfden onmiddellijk naar het ministerie te bellen, een uitleg in de zin van ę het zal wellicht dit of dat geweest zijn Ľ, zonder enige details. Ze werden bovendien geconfronteerd met een vaak Nederlandsonkundige administratie. Ľ

Ook andere bronnen bevestigen mij dat de centrale diensten van het ministerie van FinanciŽn, bij gebrek aan officieel tweetalige ambtenaren (ambtenaren die slaagden in het tweede-taal-examen) steeds meer bevolkt worden door ťťntalige Franstaligen.

Kan de geachte minister mij in dit verband meedelen hoeveel ambtenaren er op dit ogenblik tewerkgesteld zijn in elk van de vier niveaus, zowel voor de centrale diensten, voor de diensten bevoegd voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest als voor de diensten bevoegd voor de gemeenten met bijzonder taalstatuut ?

1. Hoeveel ambtenaren zijn er, in elk van de vier niveaus, op dit ogenblik tewerkgesteld in de Nederlandse, de Franse en eventueel de Duitse taalrol ?

2. Hoeveel van deze ambtenaren (volgens dezelfde onderverdeling) slaagden in het taalexamen dat normalerwijze noodzakelijk is om in deze centrale of Brusselse diensten te kunnen werken ?