Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 7-119

van Stephanie D'Hose (Open Vld) d.d. 4 november 2019

aan de minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Armoedebestrijding, Gelijke Kansen en Personen met een beperking

Genetische test voor seksuele geaardheid - Pseudowetenschappen - Consumentenbedrog - Economische fraude - Economische inspectie - Eventuele onderzoek

fraude
bescherming van de consument
sexualiteit
genetica
toepassing van informatica
handelsregelingen
elektronische handel

Chronologie

4/11/2019 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 5/12/2019 )
23/12/2019 Antwoord

Vraag nr. 7-119 d.d. 4 november 2019 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het eerste bedrijf dat een genetische test voor seksuele geaardheid aanbiedt is er. Het betreft een Belgisch bedrijf dat klanten een antwoord belooft op de vraag "How gay are you?", op basis van "een grootschalig genetisch onderzoek naar de erfelijke factor in seksuele voorkeur".

Daarvoor moet je een applicatie aanschaffen voor 5,50 euro, en de genoomanalysedata van je eigen DNA (deoxyribonucleic acid - desoxyribonucleïnezuur) uploaden die je eerder kreeg van bedrijven zoals "23andMe of Ancestry".

De applicatie speelt aldus in op de recente onderzoeksresultaten van een wetenschappelijke studie die zich baseert op de erfelijkheid van seksuele geaardheid die eind augustus 2019 in het tijdschrift Science verscheen.

Andrea Ganna van de Harvard Medical School in Boston analyseerde voor deze studie samen met een groep internationale wetenschappers de genetische profielen van meer dan 470 000 mensen uit de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Ze keek of bepaalde DNA codes gelinkt waren met de seksuele activiteiten van de betrokkenen. Uit de studie bleek dat vijf genvarianten vaker voorkwamen bij diegenen die minstens één keer seks hadden gehad met mensen van hetzelfde geslacht.

Eén van de belangrijkste besluiten is net dat deze studie het einde inluidt van het simplistische idee dat er zoiets als één homo gen bestaat. Homoseksualiteit is veel complexer dan de idee dat er één gen bestaat dat alles bepaalt. Genetische factoren spelen een rol, maar omvatten slechts een deel van het verhaal.

De onderzoekers zelf stellen expliciet dat de onderzoeksresultaten en het genetische effect dat zij vonden in de algemene populatie zichtbaar is, maar dat deze niet voorspellend werkt op individueel niveau. Dat is net wat de applicatie beoogt.

Deze applicatie neigt aldus naar fraude. Ze is manifest onwetenschappelijk en verkoopt lucht. Het is regelrecht consumentenbedrog en het moet ook als dusdanig behandeld worden door de desbetreffende inspectiediensten.

Niet alleen is dit strijdig met de bepalingen van het boek VI Marktpraktijken en consumentenbescherming van het Wetboek van economisch recht, maar het is bovenal bijzonder stuitend.

De desbetreffende wetenschappers stuurden ondertussen een brief naar het bedrijf met het verzoek de misleidende informatie te verwijderen en het liefst nog de hele applicatie te wissen en ze hebben hiertoe eveneens een petitie opgestart.

Deze vraag betreft een transversale aangelegenheid met de Gemeenschappen. Preventie van homofobie verloopt aldus onder meer via het onderwijs en media, wat gemeenschapsbevoegdheden zijn. Ik verwijs tevens naar het Interfederaal Actieplan tegen homofoob en transfoob geweld.

Graag had ik dan ook volgende vragen voorgelegd:

1) Hoe reageert de geachte minister op de applicatie die een pseudowetenschappelijke test aanbiedt voor de seksuele geaardheid? Is zij het met mij eens dat dit initiatief stuitend is? Kan zij dit toelichten?

2) Is ze bereid opdracht te geven aan de economische inspectie om te onderzoeken of dit commerciële initiatief daadwerkelijk consumentenbedrog is en bijgevolg niet strookt met de bepalingen van het boek VI Marktpraktijken en consumentenbescherming van het Wetboek van economisch recht? Zo neen, waarom niet? Zo ja, kan zij dit uitvoerig toelichten (onder meer onder welke tijdschema)?

3) Welke andere initiatieven gaat zij desgevallend hieromtrent nemen (bijvoorbeeld klacht bij het Jury voor ethische praktijken inzake reclame - JEP)? Kan dit uitvoerig worden toegelicht?

Antwoord ontvangen op 23 december 2019 :

1) Ik ben een absolute voorstander van wetenschappelijke vooruitgang, maar een absolute tegenstander van het misbruik van die vooruitgang. Net zoals u vind ik de test die werd aangeboden, stuitend.

Als minister bevoegd voor consumentenzaken, kan ik verwijzen naar de bepalingen van boek VI van het Wetboek van economisch recht die misleiding van de consument verbieden. Stellen dat een test een bepaalde waarde heeft, terwijl het wetenschappelijk duidelijk is dat die waarde even goed van tal van andere factoren afhangt, die niet zijn opgenomen in die test, is voor mij misleiding, wanneer de consument daar niet duidelijk wordt over ingelicht.

2) Misleidende handelspraktijken vormen strafrechtelijke inbreuken. Normaal zou ik dan ook de Economische Inspectie opdragen een onderzoek te openen, maar er is mij gemeld dat de applicatie niet langer beschikbaar is.

3) De JEP is het onafhankelijk zelfregulerend orgaan van de reclamesector dat handelt over de ethiek van reclame. De JEP heeft niet de missie om toezicht te houden op de naleving van wetgeving. Een overmaking aan de JEP lijkt me dus niet nuttig.