Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-3075

van Guido De Padt (Open Vld) d.d. 16 september 2011

aan de staatssecretaris voor Mobiliteit, toegevoegd aan de Eerste Minister

Land- en bosbouwvoertuigen - Verkeersongevallen - Cijfers - Oorzaken - Aantal verkeersovertredingen - Europese wetgeving - Vereenvoudiging

landbouwmachine
landbouwvoertuig
ongeval bij het vervoer
overtreding van het verkeersreglement

Chronologie

16/9/2011 Verzending vraag
7/12/2011 Dossier gesloten

Heringediend als : schriftelijke vraag 5-4033

Vraag nr. 5-3075 d.d. 16 september 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Van 2003 tot 2007 deden zich in ons land op de openbare weg jaarlijks tussen 274 en 290 ongevallen voor met land- en bosbouwvoertuigen. Hierbij vielen 68 doden, 339 zwaargewonden en 1 494 lichtgewonden. Voor de geachte staatssecretaris is " elk verkeersongeval met een landbouwvoertuig er één te veel ". De afgelopen jaren werden daarom heel wat maatregelen getroffen om de verkeersveiligheid van land- en bosbouwvoertuigen te verbeteren, zoals de introductie van het rijbewijs categorie G en de verplichting om met een escorte op de openbare weg te rijden indien het landbouwvoertuig breder is dan 3,5 meter.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Hoeveel verkeersongevallen met land- en bosbouwvoertuigen deden er zich in 2008, 2009, 2010 en de eerste helft van 2011 voor? Met welk type weggebruiker kwamen land- en bosbouwvoertuigen voornamelijk in botsing? Hoeveel doden, dodelijk gewonden, doden dertig dagen, ernstig gewonden en lichtgewonden vielen er (met zo mogelijk een uitsplitsing naar het type weggebruiker)?

2) Wat zijn de voornaamste oorzaken van verkeersongevallen met landbouwvoertuigen? In hoeveel procent van de gevallen lag de schuld van het ongeval bij de bestuurder van het land- of bosbouwvoertuig?

3) Hoeveel verkeersovertredingen werden in 2008, 2009, 2010 en de eerste helft van 2011 aan land- en bosbouwvoertuigen uitgeschreven wegens:

a) het overschrijden van de toegelaten maximumsnelheid;

b) het niet bezitten van het rijbewijs categorie G;

c) de afwezigheid van een escorte bij land- en bosbouwvoertuigen die breder zijn dan 3,5 meter?

4) Schaart de geachte staatssecretaris zich achter het advies van de Nederlandse Onderzoeksraad voor veiligheid om land- en bosbouwvoertuigen te onderwerpen aan een periodieke keuring?

5) Kan hij een stand van zaken en het Belgisch standpunt meedelen inzake het voorstel van de Europese Commissie om de EU-wetgeving betreffende land- en bosbouwvoertuigen te vereenvoudigen door vijftig richtlijnen en de daaraan gerelateerde uitvoeringswetgeving van de zevenentwintig Lidstaten te vervangen door slechts vijf verordeningen? Welke gevolgen brengt deze harmonisatie met zich mee voor de Belgische land- en bosbouwvoertuigen?