Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-10285

van Guido De Padt (Open Vld) d.d. 4 november 2013

aan de minister van Middenstand, KMO's, Zelfstandigen en Landbouw

Schijnzelfstandigen - Onderdanen van de Europese Unie - Aanvragen - Schrappingen

zelfstandig beroep
fraude
officiŽle statistiek
OCMW
EU-onderdaan

Chronologie

4/11/2013 Verzending vraag
28/11/2013 Antwoord

Vraag nr. 5-10285 d.d. 4 november 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Uit een antwoord op een eerder gestelde parlementaire vraag nr. 5-9985 van 2 oktober 2013 aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding, toegevoegd aan de minister van Justitie, mevrouw Maggie De Block, blijkt dat dit jaar (nog maar) 1 130 onderdanen van de Europese Unie (EU) uit ons land werden uitgewezen wegens een onredelijke kost voor onze sociale zekerheid.

Uit een eerdere parlementaire vraag 5-4038 van 28 december 2011 is gebleken dat op zes maanden tijd (van 01/10/2010 tot 31/03/2011) 700 van de 2000 aanvragen tot aansluiting als zelfstandige werden geschrapt, ofwel 35 %.

In dit kader wens ik de geachte minister volgende vragen (opnieuw) voor te leggen:

1) Beschikt ze over cijfergegevens van 2011 tot en met de eerste helft van 2013 met betrekking tot het aantal aanvragen tot inschrijving als zelfstandige door EU-burgers in ons land? In hoeveel gevallen werd in diezelfde periode vastgesteld dat de betrokkene geen activiteit als zelfstandige uitoefende? Hoe vaak werd in diezelfde periode het zelfstandigenstatuut stopgezet en is de betrokkene vervolgens bij het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) gaan aankloppen voor steun?

2) Hoe vaak vroeg het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ) in diezelfde periode, en zeker in het jongste jaar, een schrapping van de aansluiting, waarom en op basis van welke gronden?

Antwoord ontvangen op 28 november 2013 :

1) Aantal starters in de loop van de jaren 2011 en 2012 verdeeld volgens een nationaliteit van de Europese Unie. De data voor het jaar 2013 zijn niet beschikbaar: 

NATIONALITEIT

2011

2012

A.

België

69.883

70.998

B.

Europese Unie (niet België)

 

 

 

 

 

 

 

Denemarken

28

25

 

Duitsland

276

333

 

Griekenland

133

199

 

Spanje

320

420

 

Frankrijk

1.528

1.531

 

Ierland

56

54

 

Italië

1.022

1.061

 

Luxemburg

23

26

 

Nederland

1.688

1.819

 

Oostenrijk

26

20

 

Portugal

636

861

 

Finland

22

17

 

Verenigd Koninkrijk

311

310

 

Zweden

45

31

 

Cyprus

7

2

 

Estland

5

5

 

Hongarije

114

129

 

Letland

41

34

 

Litouwen

52

41

 

Malta

4

2

 

Polen

1.801

1.860

 

Slovenië

11

10

 

Slowakije

81

100

 

Tsjechië

32

38

 

Bulgarije

2.537

2.801

 

Roemenië

5.158

6.416

 

Totaal  B.

15.957

18.145

 

Totaal  A. + B.

85.840

89.143


Een niet-Belg kan in België verblijfsrecht bekomen o.m. door bij de gemeente aan te tonen dat hij een zelfstandige activiteit uitoefent. Sinds 1 oktober 2010 dient hij daarvoor het specifieke aansluitingsattest voor te leggen dat hij bekomt van zijn sociaal verzekeringsfonds indien hij daar uitdrukkelijk om verzoekt. Op 20 december 2012 werd deze administratieve procedure aangepast om de controle van fictieve aansluitingen voor aflevering van verblijfsvergunning te versnellen en te verscherpen. Europese Unie (EU)-onderdanen die op andere manieren een recht op inschrijving kunnen laten gelden en hierbij niet het bewuste attest aanvragen, worden niet automatisch aan een onderzoek onderworpen door het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ).
 

Het sociaal verzekeringsfonds legt uit aan de betrokkene dat het specifieke aansluitingsattest slechts kan bekomen worden indien hij een reële beroepsbezigheid als zelfstandige uitoefent en dit aantoont met alle middelen waarover hij beschikt. De kandidaat zelfstandige dient daartoe een vragenlijst zorgvuldig in te vullen, pas na controle op volledigheid van de ingevulde vragenlijst zal het sociaal verzekeringsfonds het specifieke aansluitingsattest afleveren. Samen met de vragenlijst kan betrokkene indien gewenst andere bewijsstukken afleveren aan zijn sociaal verzekeringsfonds. Het RSVZ ontvangt van de sociale verzekeringsfondsen de ingevulde vragenlijsten (en eventuele bewijsstukken) en zal binnen de drie maand volgend op de ontvangst een beslissing nemen over de vraag of er daadwerkelijk een beroepsactiviteit wordt uitgeoefend, zonder zich binnen die termijn uit te spreken over de kwalificatie ervan.  ndien nodig zal het RSVZ bijkomende bewijsstukken opvragen aan betrokkene. 

Indien het RSVZ tot het besluit komt dat de betrokkene niet daadwerkelijk een beroepsbezigheid uitoefent, zal het aan het sociaal verzekeringsfonds de opdracht geven om de aansluiting als zelfstandige te schrappen. Daaropvolgend zal het RSVZ de dienst Vreemdelingenzaken op de hoogte brengen waarbij deze instelling vervolgens de geldigheid van de inschrijving in het vreemdelingenregister zal onderzoeken en zo deze ongeldig blijkt, schrappen. 

Cijfers in verband met procedure rond specifiek aansluitingsattest (intern: AFA-procedure) 

Kwartaal

Beslissingen tot behoud aansluiting

Beslissingen tot schrapping aansluiting

Totaal beslissingen

Q1 2011

1

1

2

Q2 2011

109

102

211

Q3 2011

234

263

497

Q4 2011

158

247

405

Q1 2012

127

238

365

Q2 2012

174

164

338

Q3 2012

182

216

398

Q4 2012

161

190

351

Q1 2013

132

97

229

Q2 2013

491

289

780

Q3 2013

658

430

1088

 

2.427 | 52,04%

2.237 | 47,96%

4.664


Op het tweede deel van de vraag hoe vaak werd er in diezelfde periode het zelfstandigenstatuut geschrapt (in tegenstelling tot uw vraag betreft het geen stopzetting maar een schrapping) en is de betrokkene vervolgens bij het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn gaan aankloppen voor steun kan het RSVZ niet antwoorden omdat deze instelling niet bevoegd is om hierop te antwoorden. Deze vraag valt onder de bevoegdheid van de Staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding, mevrouw Maggie De Block.

2) Op basis van de bovenstaande tabel blijkt dat in 2.237 gevallen van de in totaal 4.664 onderzochte dossiers (ofwel 47,96%) het RSVZ is overgegaan tot de schrapping van de aansluiting. Het RSVZ vroeg een schrapping aan voor deze aansluitingen na een onderzoek van de ingevulde vragenlijst en van de bewijsstukken die meegeleverd of opgevraagd waren. Uit deze onderzoeken bleek dat er onvoldoende elementen aanwezig zijn die wijzen op een effectieve beroepsactiviteit als zelfstandige.