Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-1145

van Jurgen Ceder (Vlaams Belang) d.d. 17 juni 2008

aan de vice-eersteminister en minister van Werk en Gelijke Kansen

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) - Samenwerking

eerste betrekking
jongerenarbeid
verslag over de werkzaamheden
ministerie

Chronologie

17/6/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 17/7/2008 )
22/8/2008 Antwoord

Vraag nr. 4-1145 d.d. 17 juni 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In hun antwoord op het verslag van het Rekenhof over de startbaanovereenkomst hebben de ministers van Sociale Zaken en Werk aangekondigd erover te zullen waken dat de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) aan de FOD Werkgelegenheid zo snel mogelijk de zogeheten grijze lijst zou overzenden, zodat de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg de toepassing van de reglementering kan controleren. Ze zullen er dus voor zorgen dat de twee instellingen procedures opstellen om de nodige informatie uit te wisselen.

Het Rekenhof stelt ook vast dat er, op het ogenblik van de audit, lastenverlagingen zijn toegekend voor de jaren na 2003 zonder dat de RSZ enige garantie had over de naleving van de verplichte indienstneming van jongeren. De RSZ had de naleving van die verplichting niet gecontroleerd en had niet overlegd met de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg om een lijst op te stellen van werkgevers die in overtreding waren. Het is dus duidelijk dat de samenwerking tussen de RSZ en de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg dringend gereorganiseerd moet worden.

Welk maatregelen heeft de geachte minister genomen ten aanzien van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg om op korte termijn een procedure op te stellen voor een snelle en efficiŽnte samenwerking met de RSZ? Wanneer wordt deze van kracht?

Antwoord ontvangen op 22 augustus 2008 :

Gelieve hierna de antwoorden op de gestelde vragen te willen vinden.

Ik kan u mee delen dat ondertussen de samenwerking tussen betrokken diensten gestructureerd verloopt en wel als volgt.

Sedert juli 2007 worden door de Rijksdienst voor sociale zekerheid aan de FOD Werkgelegenheid de lijsten overgemaakt.

Controle op de naleving voor de jaren 2004 tot en met 2006.

De controle op de verplichting van het tewerkstellen van jonge werknemers (wet van 24 december 1999) tijdens de periode 2004 tot en met 2006 gebeurt rechtstreeks door de centrale afdeling van de directie Toezicht op de sociale wetten van FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

Op basis van de toegezonden lijst opgesteld door de RSZ waren ongeveer acht honderd ondernemingen in de periode 2004 tot en met 2006 voor één of meerdere kwartalen niet in orde met de verplichting inzake het tewerkstellen van jongere werknemers. Uit deze lijst werden de ondernemingen geschrapt die een individuele of sectorale vrijstelling genoten, alsook alle ondernemingen en instellingen die op jaarbasis de norm van 1,5 % of 3 % haalden.

Daarop werden drie honderd drieënvijftig ondernemingen of instellingen aangeschreven om hun verweermiddelen te laten kennen (vijf die de norm van 1,5 % dienden te respecteren, drie honderd achtenveertig die 3 % dienden te halen).

Uiteindelijk bleken twee honderd achtennegentig instellingen of ondernemingen in de periode 2004 tot en met 2006 niet in orde te zijn met de verplichting opgelegd door de wet van 24 december 1999.

Wel is op 14 mei 2008 de lijst van drie honderd drieënvijftig ondernemingen of instellingen overgemaakt aan de RSZ diensten zodat zij bijdragevermindering(en) in het kader van een startbaanovereenkomst terug kunnen vorderen voor de periode(s) in dewelke de onderneming of instelling het quotum niet haalde.

Controle op de naleving voor het jaar 2007.

Deze controle gebeurt eveneens door de centrale afdeling van de directie Toezicht op de sociale wetten van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

De gegevens van het eerste en tweede kwartaal zijn inmiddels nagekeken voor de ondernemingen die tijdens de periode 2004-2006 in overtreding waren. Van de drie honderd drieënvijftig instellingen of ondernemingen die niet in orde waren, bleken honderd en een ook niet in orde voor de eerste twee kwartalen 2007 (of eerder uitzonderlijk, voor één van deze twee kwartalen).

Deze gegevens werden eveneens op 14 mei 2008 overgemaakt aan de RSZ diensten.

De gegevens van het derde en vierde kwartaal zijn inmiddels bezorgd.

Voor het jaar 2007 zal dezelfde controlemethodiek gevolgd worden als voor de jaren 2004-2006.

Wat het jaar 2008 betreft :

Van zodra de gegevens beschikbaar zijn, zullen de regionale directies van de inspectiedienst Toezicht op de sociale wetten belast worden met de controles.

Indien andermaal inbreuken vastgesteld worden, zal er gebeurlijk pro justitia opgesteld worden zodat de compenserende vergoeding van 75 euro kan opgelegd worden.