5-270COM

5-270COM

Commissie voor de Binnenlandse Zaken en voor de Administratieve Aangelegenheden

Handelingen

DINSDAG 14 JANUARI 2014 - OCHTENDVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Dalila Douifi aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over «de voorgestelde maatregelen van de Europese Commissie om hulp te bieden aan de vluchtelingen uit Syrië» (nr. 5-4438)

Vraag om uitleg van mevrouw Dalila Douifi aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over «de aangekondigde hervestiging van 75 vluchtelingen uit Syrië in 2014» (nr. 5-4611)

Vraag om uitleg van mevrouw Marie Arena aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over «het hervestigingsprogramma voor Syrische vluchtelingen» (nr. 5-4120)

De voorzitter. - Ik stel voor deze vragen om uitleg samen te voegen. (Instemming)

Mevrouw Dalila Douifi (sp.a). - Vorig jaar hebben meer dan 40 000 mensen hun leven gewaagd bij een poging om de Middellandse Zee over te steken en Europa te bereiken. Begin oktober bleek nogmaals hoe gevaarlijk dit is, toen 366 vluchtelingen om het leven kwamen nadat hun boot in brand vloog en kapseisde.

Een andere route naar de Europese Unie is via Bulgarije, waar sinds januari 2013 zo'n 10 000 vluchtelingen zijn aangekomen, de meesten afkomstig uit Syrië. Uit de rapporten over de beperkte opvangcapaciteiten en via de beelden die we eind november te zien kregen, blijkt dat de meeste vluchtelingen die daar aankomen in verschrikkelijke omstandigheden moeten leven. Het land kan de instroom van vluchtelingen duidelijk niet aan. Artsen Zonder Grenzen heeft Europa gevraagd de opvang van Syrische asielzoekers te verbeteren. In een reactie verklaarde de staatssecretaris toen dat ons land zijn solidariteit wil betonen door mee te werken aan het initiatief van de Europese Commissie om de crisis aan te pakken.

De Europese commissaris voor Binnenlandse Zaken komt nu met een pakket aan maatregelen om hulp te bieden en ervoor te zorgen dat die mensen zich niet gedwongen zien om de gevaarlijke route over de Middellandse Zee te nemen, zodat rampen zoals in Lampedusa vermeden worden.

Naast verhoogde investeringen in Europol en Frontex, wil mevrouw Malmström de EU-lidstaten 6 000 euro betalen per hervestiging van een vluchteling die door de VN geregistreerd is. Ze stelt ook voor om humanitaire visa toe te kennen, zodat deze mensen in nood de EU legaal en veilig kunnen binnenkomen.

Dit zijn geen verrassende maatregelen. In navolging van de UNHCR deden Amnesty International, de Churches' Commission for Migrants in Europe, de European Council on Refugees and Exiles en de International Catholic Migration Commission in januari van vorig jaar al in een gezamenlijke verklaring een oproep aan de Europese Unie om deze stappen te doen. In eigen land richtten Vluchtelingenwerk Vlaanderen, CIRÉ, Broederlijk Delen, Pax Christi en de Vlaamse en Franstalige koepels van Amnesty International zich al meermaals tot de staatssecretaris met dezelfde vraag als mevrouw Malmström en eind juni schaarde Catherine Ashton zich hier ook achter.

Telkens ik de staatssecretaris hierover ondervraag, zegt ze te geloven in een gezamenlijke Europese aanpak en verwijst ze naar de volgende Europese bijeenkomst van de bevoegde ministers waar beslissingen moeten worden genomen. We zijn nu bijna een jaar verder, een jaar waarin het geschatte aantal mensen in nood toegenomen is tot 9,3 miljoen, het aantal ontheemden nu al 6,5 miljoen bedraagt en het aantal vluchtelingen in de buurlanden van Syrië een voorlopige piek van 2,27 miljoen mensen heeft bereikt. En ondertussen vergadert de staatssecretaris om de zoveel weken met haar collega's, worden er af en toe nobele verklaringen afgelegd, maar komt er van een gezamenlijke Europese aanpak inzake hervestiging van vluchtelingen uit Syrië niks terecht. Iedere dag sterven er mensen door dat getalm.

Als elke lidstaat ervan overtuigd is dat hij al meer dan zijn deel doet, zal er nooit een Europees gestroomlijnd beleid tot stand komen. In een vorige verklaring beloofde de staatssecretaris een solidaire houding en legde ze de nadruk op haar geloof in het nut van de hervestiging van vluchtelingen. Ik roep haar op de daad bij het woord te voegen. Ofwel toont ze haar solidariteit door tijdens de volgende bijeenkomst van de bevoegde ministers een voortrekkersrol te spelen en krijgt ze van haar collega's een engagement tot actie. Ofwel geeft ze eerlijk toe dat we geen heil moeten verwachten van een Europees gestroomlijnd beleid, waarna we zoals Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk en Zwitserland zelf stappen ondernemen.

De Zwitserse overheid versoepelde gedurende drie maanden de visumvoorwaarden voor familieleden van Syriërs in Zwitserland. De intentie om na afloop van de termijn van het visum het grondgebied van Zwitserland te verlaten en de vereiste van voldoende financiële middelen zullen niet grondig onderzocht worden, aldus de richtlijnen. Ook familieleden die normaal buiten de gezinshereniging vallen, zoals ouders, grootouders en kinderen ouder dan 18 jaar, konden van die maatregel gebruik maken. Zwitserland verwees naar het recht van individuele landen binnen de Schengenzone om bij een humanitaire crisis van de normale voorwaarden af te wijken. Een versoepeling zou meer Syriërs op een legale manier naar Europa doen komen. Dat is gerechtvaardigd, gezien de hoge nood, de kleine aantallen vluchtelingen die Europa opvangt, en de grote aantallen in de buurlanden.

Tegen wanneer verwacht de staatssecretaris dat ze met haar Europese collega's een akkoord over een actieplan voor een gezamenlijke, gestroomlijnde hervestiging van vluchtelingen uit Syrië zal bereiken?

Zal ze solidariteit betonen door het voorgestelde pakket maatregelen van mevrouw Malmström uit te voeren? Bijvoorbeeld door sneller humanitaire visa uit te reiken en sneller te besluiten dat er voor de meest kwetsbare vluchtelingen in de buurlanden een onmiddellijk en ernstig levensgevaar is.

Is de staatssecretaris van plan om op Europees niveau samen met welwillende landen te pleiten voor een versoepeling van de criteria voor visumaanvragen en gezinshereniging voor ouders, grootouders en kinderen ouder dan 18 jaar?

Wat zal ons land doen indien we vaststellen dat er op Europees niveau geen bereidheid bestaat om de bevolking in Syrië en de buurlanden te helpen? Wat zou België in navolging van Zweden, Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk en Zwitserland nu al alleen kunnen doen?

Dan kom ik nu tot de tweede vraag.

De staatssecretaris kondigde aan dat ons land ook de komende jaren in het kader van het hervestigingsprogramma vluchtelingen zal uitnodigen. Voor 2014 gaat het opnieuw om honderd vluchtelingen, maar de jaren daarna wordt dit aantal stelselmatig verhoogd tot 250 vluchtelingen in 2019 en 2020. Dat betekent dat we in 2020 aan 1400 mensen de kans zullen hebben gegeven in veilige en menswaardige omstandigheden een nieuw leven op te bouwen.

Ik heb de staatssecretaris geregeld gevraagd en aangemoedigd verdere stappen te doen in ons hervestigingsbeleid en ben dan ook tevreden met het Belgische engagement tot 2020.

Voor 2014 zijn 70 à 75 van de 100 plaatsen voor vluchtelingen uit Syrië gereserveerd zijn. De overblijvende 25 à 30 plaatsen zullen opnieuw naar vluchtelingen uit Congo gaan en terecht: de vluchtelingensituatie in Congo wordt gezien als een van de zeven wereldwijde prioritaire situaties voor hervestiging. Deze mensen wachten al jaren op een hervestiging.

Het is dus jammer dat de staatssecretaris niet ingaat op de oproep van de VN-Vluchtelingenorganisatie om Syriërs bovenop de bestaande quota te hervestigen, waardoor die hervestiging niet ten koste gaat van andere vluchtelingen in situaties waarnaar minder aandacht gaat. Ik denk aan de Congolese of Somalische en Eritrese vluchtelingen die een eerste onderkomen vonden in Libië en nu, nadat hun leven opnieuw in gevaar werd gebracht door het oorlogsgeweld, in vluchtelingenkampen in Tunesië of Egypte zitten.

Momenteel zijn 2,3 miljoen mensen Syrië ontvlucht. Met de 4,25 miljoen ontheemden die zich nog in het land bevinden, gaat het dus om meer dan 6,5 miljoen mensen die hun huis en bezittingen hebben moeten achterlaten op de vlucht voor het geweld. De meesten onder hen verlangen maar één ding: te kunnen terugkeren naar een vredig en veilig Syrië en er hun normale leven weer op te nemen.

Zij komen meestal niet in aanmerking voor hervestiging, maar moeten nu wel zien te overleven in barre levensomstandigheden, die door de winterkoude nog ellendiger worden. Vele tienduizenden zullen naar alle verwachtingen lijf en leden riskeren om over land of zee in Europa bescherming te zoeken.

Vluchtelingen en migranten die zich aan deze gevaarlijke tocht wagen, lopen het risico dat ze terug over de grens worden gezet zonder dat ze de kans krijgen asiel aan te vragen. Dat is nochtans een universeel recht van elk individu. Deze mensen hebben nood aan humanitaire visa en aan een veilige manier om tijdelijk bescherming te krijgen in Europa.

Is het niet mogelijk voor de 75 vluchtelingen uit Syrië een ad-hocmaatregel te treffen en ze bovenop het bestaande quotum van 100 vluchtelingen te hervestigen? Zal België ook humanitaire visa verlenen aan vluchtelingen uit Syrië en er bij de andere Europese landen op aandringen werk te maken van een betere en veiligere toegang tot de Europese Unie en van menswaardige opvangfaciliteiten?

Mme Marie Arena (PS). - Mes questions rejoignent celles de Mme Douifi, particulièrement en ce qui concerne le conflit syrien. Nous savons que depuis deux ans, ce conflit continue à faire énormément de victimes civiles. Nous savons aussi que la Belgique a joué son rôle notamment en soutenant les actions humanitaires en faveur des réfugiés abrités dans les camps. Nous savons cependant aussi que dans le cadre du programme de réinstallation des réfugiés du Haut-commissariat aux réfugiés, la Belgique a la possibilité d'accueillir sur son territoire des réfugiés syriens dont la situation sur place aurait été jugée extrêmement vulnérable par le HCR.

Actuellement, dans le cadre de ce programme structurel, la Belgique s'est engagée à réinstaller cent personnes en 2013, dont une grande partie de personnes concernées par le conflit à l'est du Congo. Une extension progressive de la capacité devrait permettre de réinstaller chaque année près de deux cents réfugiés.

Le nombre de demandes de réinstallation en provenance des différentes zones de conflit telles que la RDC ne risque pas de diminuer. En outre, la situation exceptionnelle que constitue le conflit en Syrie fait apparaître un besoin urgent de capacités de réinstallation des personnes les plus vulnérables. Dans ce contexte de crise internationale, je voudrais poser plusieurs questions.

La mise en place d'une opération de réinstallation de réfugiés syriens en dehors du quota du programme de réinstallation structurel serait-elle possible ? Dans l'affirmative, dans quelle proportion, dans quel délai et à quel coût ?

Quelles sont les réponses apportées par les autres pays européens à la question de la réinstallation ? La réponse belge n'est-elle pas un peu timide en comparaison, par exemple, avec celle de l'Allemagne ? Ne devrions-nous pas nous montrer plus volontaristes vis-à-vis des civils syriens ?

Mme Maggie De Block, secrétaire d'État à l'Asile et la Migration, à l'Intégration sociale et à la Lutte contre la Pauvreté. - En 2013, la Belgique a lancé un programme structurel de réinstallation s'inscrivant dans le cadre du programme de réinstallation européen. Les discussions relatives au Fonds européen Asile et Migration 2014-2020 sont toujours en cours et les priorités géographiques en matière de réinstallation ne sont pas encore définitivement fixées. À l'heure actuelle, des réfugiés syriens de Turquie, de Jordanie et du Liban sont toutefois déjà considérés comme prioritaires. La Belgique a déjà informé la Commission européenne et le HCR qu'elle consacrerait une grande partie du quota de cent personnes de 2014 à des réfugiés syriens. Les réfugiés congolais seront également prioritaires : le lien historique avec la Belgique explique la continuité de la réinstallation des réfugiés d'origine congolaise.

À la suite des appels du HCR, une dizaine d'États européens, dont la Belgique, se sont déjà engagés à accorder l'admission humanitaire à des réfugiés syriens ou à les réinstaller, que ce soit dans le cadre de leur quota de réinstallation ou en dehors de celui-ci.

Aangezien België pas sinds dit jaar vluchtelingen hervestigt, is het belangrijk de opvang en de begeleiding van deze kwetsbare groep op een kwalitatief hoog niveau te verzekeren. Uit de ervaring van de opstart van het structurele hervestigingsprogramma 2010 blijkt dat vooral de doorstroming naar permanente huisvesting een moeilijk punt is. Eerst worden de mensen vijf à zes weken in de centra van Fedasil opgevangen en begeleid, ook door de OCMW's waar ze naartoe gaan. Het was wel moeilijk om genoeg gemeenten te vinden die aan de hervestiging wilden meewerken. Met de gemeenten die zich geëngageerd hebben, verloopt de samenwerking vlot. Hieraan wordt verder gewerkt. Er werd reeds resultaat geboekt en de volgende jaren kunnen we onze inspanningen stilaan opdrijven. Tot 2020 is er een groeipad met 250 hervestigingen per jaar.

We willen echter niets forceren. Zoals ik al op eerdere vragen antwoordde, is de erkenningsgraad van Syrische vluchtelingen in België zeer hoog, namelijk 92%. Het was ooit hoger, maar steeds meer andere nationaliteiten doen zich als Syriërs voor, waardoor de erkenningsgraad is gedaald. Ook deze vluchtelingen moeten snel van de centra naar permanente huisvesting doorstromen. In 2013 kregen 1 013 Syriërs subsidiaire bescherming en 161 Syriërs kregen een effectief beschermingsstatuut. Ook zij moeten doorstromen naar de steden en gemeenten, wat veel inspanningen vergt op het terrein, want ze komen uit moeilijke omstandigheden en zijn getraumatiseerd. We moeten ze een goede toekomst kunnen bieden.

België stelt zich al soepeler op voor de visaverplichtingen voor Syrische onderdanen. Zo kunnen Syriërs, in tegenstelling tot andere nationaliteiten, in alle Belgische posten een aanvraag indienen voor een kort verblijf, op voorwaarde dat de aanvrager legaal in dat land verblijft. Dat kan ook bij posten die in principe geen consulaire territoriale bevoegdheid hebben. We nemen in deze problematiek dus zeker onze verantwoordelijkheid.

Op 13 december 2013 heb ik een circulaire ondertekend waarin de regels versoepeld worden voor gezinshereniging voor personen die subsidiaire bescherming krijgen. In uitvoering van de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof dienen personen die subsidiaire bescherming krijgen, immers dezelfde voordelige behandeling te krijgen als erkende vluchtelingen. Dat heeft in de praktijk een impact voor de in ons land erkende Syriërs; de meerderheid van hen valt immers onder het stelsel van de subsidiaire bescherming. Voor hen zal het dus makkelijker worden om visa te verkrijgen om hun familie te laten overkomen.

België ondersteunt de vraag naar een Europees, geharmoniseerd regionaal beschermingsprogramma betreffende de vluchtelingenproblematiek in Syrië. Recent nam de minister van Buitenlandse Zaken nieuwe initiatieven voor de humanitaire hulpverlening. De regering kan nog andere maatregelen nemen, maar dat hangt niet alleen van mij af. Er is ook constant overleg met de UNHCR. De maatregelen van EU-commissaris Malmström hebben we onderschreven. We detacheren meer mensen naar Frontex en naar het EASO.

Mevrouw Dalila Douifi (sp.a). - Ik dank de staatssecretaris voor het antwoord, maar ze gaat niet in op mijn vraag om voor 75 vluchtelingen uit Syrië een ad-hocmaatregel te treffen en ze bovenop het bestaande quotum van honderd vluchtelingen te hervestigen.

Dat is spijtig. Ik erken dat de staatssecretaris de eerste staatssecretaris voor Asiel en Immigratie is die in ons land vluchtelingen hervestigt. Dat is positief. Maar je zult maar uit een oorlogsgebied uit een ander land komen en al jaren op hervestiging wachten en zien hoe 75 van die plaatsen in ons land door vluchtelingen uit Syrië worden ingenomen. Andere mensen in hoge nood worden aan hun lot overgelaten omdat ons land het quotum niet wil overschrijden. We hebben er nochtans de middelen voor.

Ik heb er alle vertrouwen in dat de begeleiding goed verloopt. Er zijn echter miljoenen vluchtelingen uit Syrië in precaire situaties; maar 75 onder hen door hervestiging een duurzaam bestaan bieden, vind ik echter een magere inspanning.

Volgens de staatssecretaris moet de regering nog meer maatregelen nemen. De regels voor de visa voor gezinshereniging voor Syrische vluchtelingen met subsidiaire bescherming worden versoepeld. Ik hoop dat deze stap soelaas zal bieden voor de mensen die hier familie hebben, maar die te kampen hebben met de administratieve rompslomp. Hun problemen kunnen met die visa voor gezinshereniging worden opgelost. Niets belet de regering trouwens zelf initiatieven te nemen en ze aan te reiken aan Europa. Op dat vlak blijft de staatssecretaris naar onze mening te defensief.

Mme Marie Arena (PS). - Je suis un peu déçue car la secrétaire d'État ne répond pas à ma question sur un éventuel élargissement du quota fixé pour la réinstallation. La capacité de réinstallation, actuellement de 100, évolue vers 250. Je demandais si nous allions élargir cette capacité vu la situation de crise en Syrie et dans les pays voisins. Si la réponse est affirmative, quelle sera l'ampleur de cette extension ?

Je souligne que nous parlons bien de personnes extrêmement vulnérables, identifiées comme telles par le HCR sur place. Il n'est donc pas question de procédés qui permettraient à des Syriens de venir en Belgique parce que notre système serait plus généreux. Il s'agit de personnes se trouvant généralement dans des camps de réfugiés. Si aucune extension de la capacité de réinstallation n'est possible, je m'en étonne vivement car notre gouvernement se soucie de la situation, notamment au Liban, et de la tension que provoque la présence de millions de civils syriens dans les pays voisins.

Il est difficile de se dire soucieux de la situation des civils syriens mais de refuser de faire plus en Belgique pour l'améliorer. Si, comme le dit la secrétaire d'État, l'accompagnement de ces personnes après leur passage dans des centres d'accueil comme ceux de Fedasil est difficile, il faut vraiment se donner la peine de l'expliquer à la population qui pourrait alors faire preuve d'une forme de générosité.

Mme Maggie De Block, secrétaire d'État à l'Asile et la Migration, à l'Intégration sociale et à la Lutte contre la Pauvreté. - Actuellement, nous accueillons une centaine de personnes, des Syriens pour la plupart. Des réinstallations ad hoc sont toujours possibles. Pour l'heure, ce n'est pas le cas, mais je ne l'exclus pas. Le cas échéant, je ferai de mon mieux pour que nous puissions offrir un aussi bon accueil qu'auparavant.