5-129

5-129

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 5 DÉCEMBRE 2013 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Question orale de M. Guido De Padt à la vice-première ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique sur «l'aide médicale urgente apportée par les corps de pompiers» (no 5-1212)

De heer Guido De Padt (Open Vld). - In ons land wordt zowat de helft van de dringende medische hulp geleverd door de brandweerkorpsen van openbare besturen, dus van de steden en gemeenten.

Ze doen daarvoor grote inspanningen en lijden daarbij heel wat verlies, vooral wegens het ontbreken van een correcte financiering door de federale overheid. Men kan zich trouwens de vraag stellen waarom de steden en gemeenten die tekorten ten laste moeten blijven nemen. Mijn stad die 32 000 inwoners telt, levert een maandelijkse bijdrage van 35 000 euro om de dienst 100 te exploiteren, terwijl de werking van de dienst de stads- en gemeentegrenzen overschrijdt en dus ook bewoners van de aangrenzende gemeenten gebruik maken van onze medische hulp.

Binnen het kader van de brandweerhervorming wordt gewerkt aan een nieuw statuut van het brandweerpersoneel, maar naar verluidt zouden de diensten voor dringende medische hulpverlening geen deel meer uitmaken van de hulpverleningszones die op 1 januari 2015 met volledige rechtsbevoegdheid van start zullen gaan. De beslissing over de integratie van de dringende medische hulpverlening in de hulpverleningszones wordt volgens het kabinet van minister Milquet aangestuurd door het departement van Volksgezondheid.

Een en ander baart ons uiteraard grote zorgen. Als de ambulancediensten niet ingeschakeld worden in de hulpverleningszones, kunnen geen vrijwillige brandweermensen meer worden ingezet en moeten ze vervangen worden door beroepspersoneel. Dat zou de doodsteek betekenen voor vele openbare dringende medische hulpverleningsdiensten, omdat de lokale besturen de extra kosten onmogelijk zullen kunnen dragen.

Wil de minister duidelijkheid verschaffen over de situatie, met melding van het totaal aantal 100-diensten in ons land en het aantal daarvan dat door brandweerkorpsen wordt geëxploiteerd? Hoeveel vrijwillig brandweerpersoneel wordt daarvoor ingezet?

Wil de minister aangeven onder welk statuut de openbare ambulancediensten en de vrijwillige brandweermannen die daarvan nu deel uitmaken, zullen moeten opereren? Zullen ze geïntegreerd worden binnen de hulpverleningszones, of los daarvan geëxploiteerd worden?

Mevrouw Laurette Onkelinx, vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen. - In 2012 waren er 230 erkende ziekenwagendiensten die een ziekenwagenvertrek organiseerden vanop 257 standplaatsen, met 516 ziekenwagens. Daarvan worden er 143 uitgebaat door brandweerkorpsen.

In 2012 waren bij mijn administratie 9671 personen geregistreerd met een geldige badge van hulpverlener-ambulancier, van wie 9077 vast in dienst waren bij een ziekenwagendienst, 4380 personen werkten als vrijwilliger.

Er is de laatste weken intensief overleg gepleegd tussen de beleidscellen van de overheidsdiensten, met name Binnenlandse Zaken en Sociale Zekerheid. Er waren verschillende opties mogelijk en de keuze is uiteindelijk gevallen op één statuut voor alle vrijwilligers van de civiele bescherming, met inbegrip van de vrijwillige ambulanciers.

Zij zullen worden onderworpen aan de algemene regeling van de sociale zekerheid voor werknemers, onder dezelfde voorwaarden als de vrijwillige brandweerlieden, voor zover de hen toegekende vergoedingen een bepaald bedrag bereiken.

Ze zullen echter in alle situaties verzekerd zijn voor arbeidsongevallen en beroepsziekten.

Thans wordt nog gewerkt aan het ontwerp van koninklijk besluit.

De heer Guido De Padt (Open Vld). - Ik ben tevreden dat het statuut er komt. Zo voorkomen we dat de diensten in een flou artistique moeten opereren. Hopelijk is alles vlug rond.

Ook moet de financiering van de lokale ambulancediensten dringend worden herbekeken. Het risico bestaat dat die ambulancediensten in de toekomst zullen afhaken. Ik heb reeds aangegeven dat Geraardsbergen 35 000 euro per maand moet betalen voor ongeveer vier ritten per dag. Een pak geld dus. Daarbij moeten vijf professionele en twintig vrijwillige brandweerlieden worden ingezet.

(Mme Sabine de Bethune, présidente, prend place au fauteuil présidentiel.)