5-238COM

5-238COM

Commissie voor de Binnenlandse Zaken en voor de Administratieve Aangelegenheden

Handelingen

DINSDAG 2 JULI 2013 - OCHTENDVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van de heer Bart De Nijn aan de vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen over «het gebruik van de "cell broadcast"-techniek bij rampen» (nr. 5-3618)

De heer Bart De Nijn (N-VA). - De techniek van cell broadcast wordt nog steeds niet gebruikt door de Belgische overheid, terwijl andere EU-landen, zoals Nederland, hiermee al experimenteren en het in andere landen al routine is. Bij cell broadcast wordt een standaardbericht vanuit een bepaalde zendmast naar een heel gebied gestuurd. Mensen in rampgebieden worden hierdoor beter en sneller op de hoogte gebracht van dreigend gevaar en van de maatregelen die ze moeten nemen of de instructies die ze moeten volgen. Hiervoor is geen databank met telefoonnummers vereist.

Eind 2009 werd in de Senaat reeds een vraag gesteld over het gebruik van cell broadcast. De bevoegde minister verklaarde toen dat enkele problemen moesten worden opgeklaard voordat de invoering ervan kon worden besproken. Praktische en technische hinderpalen waren onder meer de toepasselijkheid, de financiële consequenties, de aanpassing aan de noden van de burgers, de verenigbaarheid met de huidige systemen en de juridische aspecten. De minister wees erop dat eerst Europees overleg en een Europese harmonisatie vereist waren.

Ik had van de minister dan ook graag vernomen of hierover al overleg werd gepleegd, zowel nationaal als Europees, welke daarvan de resultaten zijn en welke initiatieven en maatregelen al werden genomen. Waarom wordt dit systeem nog steeds niet toegepast in ons land? Zijn de belemmeringen en hinderpalen inmiddels opgelost? Zijn er plannen om in de toekomst van dit systeem gebruik te maken?

Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen. - Het principe van het alarmeren en informeren van de bevolking via een systeem van location-based services (LBS), waaronder cell broadcast, geniet onze volle aandacht. We volgen het project NL-Alert bij onze noorderburen van nabij op.

Het is niet nodig dat burgers zich vooraf aanmelden, maar ze dienen die functie wel op hun mobiele toestel te activeren, al bieden niet alle toestellen deze functie aan. Het gewenste bereik voldoet momenteel nog niet aan de verwachtingen.

Inmiddels zijn al verscheidene acties opgezet. Zo wordt op mijn initiatief samen met minister van Economie Vande Lanotte en het BIPT aan een wetgeving gewerkt voor het ter beschikking stellen door de mobiele netwerkoperatoren van een systeem van informatie aan de bevolking. Bovendien werd opdracht gegeven de praktische knelpunten weg te werken. De tekst zal worden toegevoegd aan het wetsontwerp houdende diverse bepalingen.

Op Europees niveau heeft het European Telecommunications Standards Institute de eerste stappen gedaan om technische specificaties op te stellen voor een EU-Alert. Europese harmonisatie zou inderdaad soelaas brengen.

Naast cell broadcast wordt de waarschuwing van de bevolking bij een noodsituatie in een ruimer kader opgenomen. Be-Alert beoogt de modernisering van de verwittigings- en communicatiekanalen. De huidige mogelijkheden, om onder meer via een sirene en omroepwagens te waarschuwen zijn immers beperkt, zowel op menselijk als op inhoudelijk, praktisch, geografisch, technisch en taalvlak. Aanvullende instrumenten, vaak met boodschappen die inhoudelijk meer inhouden dan een louter alarmsignaal, komen tegemoet aan de noodzaak van snelle en duidelijke verwittiging van de rechtstreeks betrokken bevolking.

Het project Be-Alert maakt het voor alle overheden bevoegd voor crisisbeheer mogelijk, via geïntegreerde benadering het beschikbare verwittigingskanaal in te zetten. Het project is modulair opgevat. Het lastenkohier wordt de volgende maanden gelanceerd via een Europese aanbesteding.

Er wordt gestart met een basismodule, waarvan de functies minstens gelijk zijn aan het systeem dat in Wetteren beschikbaar is. Dat houdt in dat een databank wordt opgebouwd van de inwoners en van hun contactgegevens, waardoor het mogelijk wordt telefonische boodschappen te verspreiden, evenals een sms, een e-mail en berichten op de sociale media.

Be-Alert kan worden uitgebreid met location-based services, zoals cell broadcast, om boodschappen te verspreiden in een welbepaald geografisch gebied, zonder vooraf gegevens te moeten verwerven. Beide zijn dus complementair, zodat zowel specifieke doelgroepen of alle betrokkenen kunnen worden gewaarschuwd.

In een derde fase zijn een verdere integratie van RDS, infoborden boven snelwegen en een elektronische sirene, evenals bijkomende modules mogelijk.

Ik had het daarnet over de redenen waarom ons land nog niet is overgegaan tot de invoering van cell broadcast. Parallel met de lancering van de basismodule van Be-Alert wordt informatie ingewonnen over de ervaringen met NL-Alert. Gelet op de knelpunten van dat systeem, werd een consultatieopdracht gegeven, met het oog op een analyse van de mogelijkheden van LBS en advies omtrent de best mogelijke keuze.

Uit mijn antwoord blijkt duidelijk dat het in onze bedoeling ligt om van een dergelijk systeem gebruik te maken.

Kortom, we moeten nog een consensus bereiken met de operatoren over het gratis verzenden van een sms. Het project werd goedgekeurd door de Ministerraad en de financiële knelpunten die er in december nog waren, werden weggewerkt. Het wetsontwerp zal zo vlug mogelijk aan het Parlement worden voorgelegd.

De heer Bart De Nijn (N-VA). - Het stemt me tevreden dat de minister hier werk van maakt en dat Be-Alert in het najaar zal worden geïnstalleerd. Iedereen wacht er met ongeduld op, aangezien het een bijkomende hulp kan betekenen als zich een ramp zou voordoen.