5-96

5-96

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 21 MAART 2013 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Ludo Sannen aan de staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit, en voor Staatshervorming over ęhet bijna-elektriciteitstekort van 17 januari 2013Ľ (nr. 5-911)

De heer Ludo Sannen (sp.a). - Op 17 januari jongstleden zou ons land nipt een black-out hebben vermeden. Volgens netwerkbeheerder Elia zijn we die dag aan een elektriciteitstekort ontsnapt. BelgiŽ heeft die dag 3450 megawatt geÔmporteerd, waarbij bijna de maximale importcapaciteit van 3500 megawatt werd bereikt.

Elia verwijst naar het huidige structurele tekort inzake de productie van elektriciteit van ongeveer 2000 megawatt. Doel 3 en Tihange 2 liggen immers stil na de ontdekking van scheurtjes in de reactorvaten. Door dat tekort is ons land afhankelijk van toevoer uit Nederland, en vooral uit Frankrijk. De invoer is tot maximum 3500 megawatt geplafonneerd. Ik weet dat momenteel initiatieven worden genomen om de invoer vanuit Nederland te verhogen.

Op de bewuste dag waren niet alleen de twee kerncentrales gesloten, ook lagen drie gascentrales om technische redenen stil. Ik heb zojuist ook vernomen dat Luminus heeft beslist om de gascentrale in Seraing stil te leggen. Blijkbaar wordt bepaalde productiecapaciteit dus niet aangewend. In mijn gemeente staat een gloednieuwe gascentrale van T-Power die tot nu toe amper heeft gedraaid. Het grootste probleem is dus niet dat ons land niet genoeg elektriciteit kan produceren, maar wel dat er te weinig wordt geproduceerd.

In zijn reactie op het communiquť stelde de staatssecretaris dat er eigenlijk geen groot probleem of dreigende black-out was en dat het plan prima heeft gewerkt. Ik weet dat Elia over een afschakelingsplan beschikt. Dat plan werd echter niet in werking gesteld. Ik weet dan ook niet goed welk plan volgens de staatssecretaris zo goed heeft gewerkt. Misschien verwijst hij naar de vraag aan bepaalde industriesectoren om het elektriciteitsgebruik tijdelijk te verminderen.

Hoe verklaart de staatssecretaris het bericht van Elia dat ons land bijzonder op 17 januari nipt aan een elektriciteitstekort is ontsnapt enerzijds en zijn eigen overduidelijke stelling dat er eigenlijk geen groot probleem was anderzijds?

Hoe rijmt de staatssecretaris die twee versies? Wat zou er zijn gebeurd mocht de limiet zijn overschreden? Welke gevolgen zou dat hebben gehad? Voor wie? Hoe lang? Speelt de nakende sluiting voor onderhoud van Tihange 1, vanaf 30 maart, en van de gascentrale in Seraing een rol in de toekomstige bevoorrading?

Kortom, kan de staatssecretaris de bevolking en de industrie helemaal geruststellen dat ze geenszins een tekort aan elektriciteit moeten vrezen? Kan hij meer toelichting gegeven? Wat is zijn plan en welke initiatieven wil hij nemen om de bevoorrading in de toekomst te garanderen?

De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit en voor Staatshervorming. - Ik heb ontkend dat wij nipt een black-out hebben kunnen vermijden. Elia heeft dat ook bevestigd.

Er moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen de opstart van de afschakelingsprocedure en een black-out. Als de afschakelingsprocedure wordt opgestart, worden bepaalde beperkte plaatsen gedurende een beperkte periode niet meer van elektriciteit voorzien. Dat afschakelingsplan moet in werking worden gezet om te vermijden dat er een black-out komt.

Op 17 januari is die afschakelingsprocedure, die in het verleden al een paar maal is opgestart, zelfs niet in werking gesteld.

Ik geef grif toe dat 17 januari overduidelijk de moeilijkste dag was van de voorbije winter. Het was op die dag eerst en vooral zeer koud. Bovendien was er geen invoer van elektriciteit meer mogelijk vanuit Frankrijk. En ten slotte vielen op die dag tegelijkertijd drie gascentrales uit, wat overeenkomt met 1000 megawatt of het vermogen van een kerncentrale.

Elia kwalificeert dergelijke omstandigheden als een worstcasescenario. En zelfs in dat worstcasescenario, gecombineerd met twee kerncentrales die sowieso buiten gebruik zijn, was het niet nodig om het afschakelplan in werking te stellen, dankzij een reeks maatregelen die de regering al genomen heeft.

Een maatregel die de regering genomen heeft, bestaat in het sluiten van onderbrekingscontracten met een groot aantal bedrijven. Daarnaast heeft de regering voor de winter met succes onderhandeld over 300 bijkomende megawatt in het kader van de interconnectie met Nederland. Het nodige is gedaan om de Twinerg-gascentrale uit het Groothertogdom Luxemburg op het Belgische elektriciteitsnet aan te sluiten. Ten slotte is het onderhoud van een aantal centrales uitgesteld.

Als de regering op voorstel van Elia, die maatregelen niet had genomen voor de winter, dan had het afschakelplan ongetwijfeld in werking moeten treden op 17 januari.

Ik geef ook grif toe dat er voor volgende winter met een nieuw feit rekening moet worden gehouden. Tegen dan zal immers duizend megawatt, geproduceerd door gas- en kolencentrales, wegvallen wegens de sluiting van die centrales. Die duizend megawatt staat trouwens los van de aankondiging in verband met de sluiting, binnen een termijn van 15 maanden, van de centrale van Seraing. Daarnaast moet er mee rekening worden gehouden dat als de economische groei opnieuw aantrekt tegen volgende winter, er ipso facto meer elektriciteit wordt verbruikt.

Gelet op die elementen, kan ik niet garanderen dat volgende winter het afschakelplan niet in werking wordt gesteld, precies zoals dat deze winter niet is moeten gebeuren. Het is dan ook belangrijk dat de tweede fase van het regeringsplan van juli 2012 wordt uitgevoerd, dat opnieuw voorziet in onderbrekingscontracten, betere interconnectie, nieuwe investeringen, enzovoort. Op die manier kunnen we voorkomen dat het afschakelplan volgende winter in werking moet treden, ook niet bij een herhaling van de allermoeilijkste omstandigheden zoals we die gekend hebben op 17 januari jongstleden.

De heer Ludo Sannen (sp.a). - De staatssecretaris kan geen echte garantie geven voor de volgende winter, maar geeft wel aan dat de regering doorgaat met een elektriciteitsplan dat oplossingen moet aanreiken. Als ik het goed heb, wilde dat plan op de een of andere manier gascentrales voldoende attractief en economisch rendabel maken.

Het plan bevat wel een aantal ideeŽn, maar tot nu toe weet ik niet welke concrete maatregelen de staatssecretaris heeft genomen om bestaande gascentrales open te houden en te investeren in nieuwe centrales. Gascentrales kunnen immers in acute nood bijdragen tot een oplossing en zijn overigens ook nodig in het kader van meer hernieuwbare energie.

De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit en voor Staatshervorming. - De vraag is zo interessant dat ik ze zeker wil beantwoorden. Ten eerste zal de heer Sannen moeten beamen dat nieuwe investeringen geen oplossing kunnen bieden voor de winters van 2013 en 2014.

Bovendien zijn reeds vele sluitingen van centrales aangekondigd, zoals die van Seraing.

Voorts is de rentabiliteit van vele gascentrales op dit ogenblik in BelgiŽ problematisch. Dat heeft te maken met de gasprijs die te hoog ligt, vooral in vergelijking met de elektriciteitsprijs.

Volgens het plan van juli 2012 diende de sluiting van gascentrales te worden aangekondigd aan de regering. De voorstellen op dat vlak worden nu verder besproken binnen interkabinettenwerkgroepen. De regering zal die besprekingen voortzetten om sluitingen te voorkomen van centrales die essentieel zijn voor onze bevoorrading. Op dat vlak wordt er gedacht aan diverse omkaderingsmechanismen en wettelijke verplichtingen.

Ten slotte wil de regering nieuwe investeringen mogelijk maken, zelfs als de marktprijzen in BelgiŽ dat bemoeilijken. Er moet een vangnet komen om een zekere rendabiliteit te garanderen. Zodra de regering mijn voorstellen heeft behandeld, zullen wij hier zeker de discussie daarover kunnen voortzetten.