5-83

5-83

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 13 DÉCEMBRE 2012 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Question orale de M. Guido De Padt à la vice-première ministre et ministre de l'Intérieur et de l'Égalité des Chances sur «la réforme de la sécurité civile» (no 5-749)

De heer Guido De Padt (Open Vld). - Met de publicatie van het koninklijk besluit houdende toekenning van een federale dotatie aan de prezones werd opnieuw een belangrijke stap gedaan in de hervorming van de civiele veiligheid. Sindsdien hebben de prezones dus een beperkte rechtspersoonlijkheid.

Sinds de publicatie van een aantal uitvoeringsbesluiten, krijgen de prezones nog bijkomende voorwaarden opgelegd inzake minimale middelen in het kader van de snelste adequate hulpverlening, de SAH, en minimale persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen.

Door de duidelijke engagementen in het regeerakkoord waren de mensen in het veld in eerste instantie gerustgesteld. Ze koesterden de hoop dat hun geduld zou worden beloond. Door de politieke afspraak over de betaling van de meerkost, zoals bepaald in artikel 67 van de hervormingswet, en door de belofte in het regeerakkoord over de herfinanciering kregen ze weer vertrouwen in de uitvoering.

Na het begrotingsconclaaf stonden ze echter terug met beide voeten op de grond. In hun ogen wordt de hervorming ernstig vertraagd door de beperking van de voor 2013 vrijgemaakte middelen en door het uitstel van de besprekingen over de herfinanciering. Daardoor kan de brandweer in de praktijk een hele reeks verplichtingen niet of slechts gedeeltelijk nakomen, waaronder: het koninklijk besluit tot vaststelling van de minimale voorwaarden van de snelste adequate middelen, het ontwerp van koninklijk besluit tot vaststelling van de minimale normen betreffende de persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen, de wet van 14 december 2000 tot vaststelling van sommige aspecten van de organisatie van de arbeidstijd in de openbare sector, de realisatie van de zonale opleidingsplannen voor het personeel, de realisatie van interventieplannen overeenkomstig de geldende reglementering, de operationele coördinatie en organisatie van bevelvoering, enzovoorts.

Omdat de brandweer onmogelijk al die verplichtingen kan nakomen, vindt ze het evenals heel wat beleidsmakers gekkenwerk om haar verantwoordelijkheid nog langer op zich te blijven nemen. Wanneer het misgaat, zal ze er immers op worden afgerekend.

Tegenover de brandweer, die jarenlang loyaal heeft meegewerkt aan de stapsgewijze hervorming, is het niet fatsoenlijk dat de regering de verbintenissen uit het regeerakkoord niet nakomt.

Deelt de minister de mening van de brandweer dat de resultaten van het begrotingsconclaaf, de beperking van de voor 2013 vrijgemaakte middelen en het uitstel van de besprekingen over de herfinanciering de hervorming ernstig vertragen? Kan ze haar antwoord verder toelichten en eventuele tegenmaatregelen opsommen?

Is de minister het er ook mee eens dat de brandweer in de praktijk een hele reeks verplichtingen niet of slechts gedeeltelijk kan nakomen? Kan ze haar antwoord verder toelichten en eventuele tegenmaatregelen opsommen?

Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen. - Toen ik twaalf maanden geleden aantrad als minister van Binnenlandse Zaken, waren er zo goed als geen teksten die uitvoering gaven aan de wet van 15 mei 2007.

De afgelopen twaalf maanden is de territoriale begrenzing van de toekomstige hulpverleningszones afgerond. De koninklijke besluiten van 28 december 2011 en van 26 april 2012 bepalen voortaan de territoriale begrenzing van de hulpverleningszones in de verschillende provincies.

De wet van 3 augustus 2012 is een stap verder in de hervorming van de civiele veiligheid. Voortaan hebben de hulpverleningsprezones rechtspersoonlijkheid. Als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen, kunnen ze een bestendige dotatie ontvangen. De rechtspersoonlijkheid wordt ingevuld door vier aanvullende koninklijke besluiten die respectievelijk betrekking hebben op de financiering van de prezones, de implementatie van het beginsel van de snelste adequate hulp, de geleidelijke invoering van de minimale normen en de mogelijkheid om op het niveau van de prezones een preventiebeleid te voeren.

Om de inwerkingtreding van de wet op de civiele veiligheid verder te kunnen voorbereiden heb ik tijdens het begrotingsconclaaf van oktober 2012 een bijkomende enveloppe van 9 miljoen euro gekregen. Dat brengt de totale structurele enveloppe voor de prezones op 63 miljoen euro. Dankzij de extra 9 miljoen euro zullen we in 2013 in ruimere mate aan de projecten en verwachtingen van de hulpverleningszones kunnen tegemoetkomen. Zo kunnen extra mensen worden in dienst genomen voor een bedrag van 6 miljoen euro; 3 miljoen euro wordt bestemd voor de aankoop van individuele en collectieve beschermingsuitrusting teneinde te voldoen aan de vereisten van het nieuwe koninklijk besluit tot bepaling van de minimale normen inzake individuele en collectieve beschermingskleding.

Er worden dus geen beslissingen uitgesteld. In juli 2013 zal een beslissing worden genomen voor de begroting 2014. Hopelijk kunnen we rekenen op de steun van Open Vld, want tot nu toe heb ik daarvan nog niet veel gemerkt.

De heer Guido De Padt (Open Vld). - Het antwoord en de reactie van de minister zijn vrij merkwaardig. We moeten immers goed beseffen dat het gaat om de civiele veiligheid van tien miljoen mensen. Het is te gemakkelijk om het gebrek aan financiële middelen badinerend aan één regeringspartij te wijten. Er moet solidariteit heersen in de regering; de minister moet dan ook samen met haar collega's instaan voor een hervorming die momenteel op het terrein heel wat bezorgdheid wekt.

Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen. - De heer De Padt moet eerst en vooral zijn vice-eerste minister overtuigen.

De heer Guido De Padt (Open Vld). - De brandweer vertelt ons, burgemeesters, dat ze met de beperkte financiële middelen waarin het regeerakkoord voorziet, onmogelijk haar verplichtingen kan nakomen die dezelfde regering heeft opgelegd. Ze vraagt zich ook af wie de verantwoordelijkheid op zich zal nemen mocht er iets mislopen: de burgemeesters, de brandweercommandanten of iemand anders.

Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen. - De heer De Padt moet in de eerste plaats zijn partijgenoten overtuigen.

De heer Guido De Padt (Open Vld). - Dat doe ik voortdurend.