5-1570/5

5-1570/5

Belgische Senaat

ZITTING 2011-2012

18 JUNI 2012


Voorstel van bijzondere wet tot wijziging van de kieswetgeving met het oog op de versterking van de democratie en de politieke geloofwaardigheid


TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE VOOR DE INSTITUTIONELE AANGELEGENHEDEN


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.

HOOFDSTUK I

Wijziging van het Kieswetboek

Art. 2

Artikel 233, § 2, tweede lid, van het Kieswetboek, ingevoegd bij de wet van 16 juli 1993 en gewijzigd bij de wet van 27 maart 2006, wordt opgeheven.

HOOFDSTUK II

Wijzigingen aan de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen

Art. 3

Titel III, Hoofdstuk II, Eerste afdeling, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen wordt aangevuld met een artikel 24ter, luidende :

« Art. 24ter. Het lid van het Vlaams Parlement of het Waals Parlement dat zich kandidaat heeft gesteld bij een verkiezing voor de Kamer van volksvertegenwoordigers of het Europese Parlement, en dat als effectief lid wordt verkozen, verliest van rechtswege zijn hoedanigheid van lid van het Vlaams Parlement of het Waals Parlement op de dag van de geldigverklaring van het nieuwe effectieve mandaat.

Het lid van het Vlaams Parlement dat zich kandidaat heeft gesteld bij de verkiezing voor het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement en dat als effectief lid wordt verkozen, verliest van rechtswege zijn hoedanigheid van lid van het Vlaams Parlement op de dag van de geldigverklaring van zijn nieuwe effectieve mandaat.

De leden bedoeld in het eerste en het tweede lid, verliezen hun hoedanigheid eveneens van rechtswege zodra ze hun nieuwe effectieve mandaat verzaken tussen de dag van de afkondiging van de verkozenen en de dag waarop hun nieuwe effectieve mandaat geldig wordt verklaard.

Dit artikel is ook van toepassing op de leden van het Vlaams Parlement of het Waals Parlement die ophielden zitting te hebben ten gevolge van hun verkiezing tot minister van hun Regering, ten gevolge van hun benoeming tot minister of staatssecretaris van de federale regering of hun verkiezing tot minister of staatssecretaris van een andere Gemeenschaps- of Gewestregering. ».

Art. 4

In artikel 28bis, § 2, van dezelfde bijzondere wet, ingevoegd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1º tussen het tweede en het derde lid worden drie leden ingevoegd, luidende :

« Niemand mag, binnen dezelfde lijst, tegelijk als kandidaat-titularis en als kandidaat-opvolger worden voorgedragen.

Niemand mag zich kandidaat stellen voor de verkiezingen voor het Vlaams Parlement of het Waals Parlement, als hij tegelijk kandidaat is voor de verkiezingen voor de Kamer van volksvertegenwoordigers of het Europese Parlement, wanneer deze verkiezingen op dezelfde dag plaatsvinden.

Niemand mag zich kandidaat stellen voor de verkiezingen voor het Vlaams Parlement, als hij tegelijk kandidaat is voor de verkiezingen voor het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement, wanneer deze verkiezingen op dezelfde dag plaatsvinden. »;

2º in het derde lid, dat het zesde lid wordt, wordt het woord « twee » vervangen door het woord « vijf ».

HOOFDSTUK III

Wijzigingen aan de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen

Art. 5

Titel III, Hoofdstuk II, Eerste afdeling, van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen wordt aangevuld met een artikel 12bis, luidende :

« Art. 12bis. Het lid van het Parlement dat zich kandidaat stelt bij de verkiezing voor de Kamer van volksvertegenwoordigers, het Vlaams Parlement of het Europese Parlement, en dat als effectief lid verkozen wordt, verliest van rechtswege zijn hoedanigheid van lid van het Parlement op de dag van de geldigverklaring van het nieuwe effectieve mandaat.

Hij verliest die hoedanigheid eveneens van rechtswege zodra hij zijn nieuwe effectieve mandaat verzaakt tussen de dag van de afkondiging van de verkozenen en de dag waarop zijn nieuwe effectieve mandaat geldig wordt verklaard.

Dit artikel is ook van toepassing op de leden van het Parlement die ophielden zitting te hebben ten gevolge van hun verkiezing tot minister of staatssecretaris van hun Regering, ten gevolge van hun benoeming tot minister of staatssecretaris van de federale regering of hun verkiezing tot minister of staatssecretaris van een andere Gemeenschaps- of Gewestregering. ».

Art. 6

In artikel 17, § 4, van dezelfde bijzondere wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1º tussen het eerste en het tweede lid worden twee leden ingevoegd, luidende :

« Niemand mag, binnen dezelfde lijst, tegelijk als kandidaat-titularis en als kandidaat-opvolger worden voorgedragen.

Niemand mag zich kandidaat stellen voor de verkiezingen van het Parlement als hij tegelijk kandidaat is voor de verkiezingen voor de Kamer van volksvertegenwoordigers, het Vlaams Parlement of het Europese Parlement, wanneer deze verkiezingen op dezelfde dag plaatsvinden. »;

2º in het tweede lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden « het in het vorige lid gestelde verbod » vervangen door de woorden « het in eerste, tweede en derde lid gestelde verbod ».

HOOFDSTUK IV

Slotbepaling

Art. 7

Deze wet treedt in werking op 1 januari 2014, en is voor de eerste keer van toepassing op de verkiezingen voor het Europese Parlement die volgen op de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad, evenals op de andere verkiezingen die gelijktijdig worden georganiseerd.