5-111COM

5-111COM

Commission de la Justice

Annales

MERCREDI 11 JANVIER 2012 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Karl Vanlouwe à la ministre de la Justice sur «la part des frais de téléphonie dans les frais de justice» (no 5-1559)

De heer Karl Vanlouwe (N-VA). - Uit een studie van de Commissie voor de modernisering van de Rechterlijke Orde (CMRO) blijkt dat de gerechtskosten in strafzaken aanzienlijk gestegen zijn. Deze kosten omvatten ook telefoniekosten. Uit de studie blijkt dat de telefoniekosten als onderdeel van alle gerechtskosten spectaculair gestegen zijn. De CMRO formuleerde dan ook concrete voorstellen. Zo wordt voorgesteld dat de Federale Overheidsdienst (FOD) Justitie opnieuw zou onderhandelen met de telecommunicatiebedrijven (Proximus, Base, Mobistar) over hun tarieven. In andere landen zouden deze kosten aanzienlijk lager zijn of moeten de operatoren deze kosten zelf dragen, bijvoorbeeld in Nederland en Frankrijk.

Het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT) heeft de telefoniekosten onderzocht en stelt dat `er ruimte is voor een vermindering van de bestaande vergoedingen: er is geen enkele reden om aan te nemen dat de operatoren niet allen dezelfde efficiëntie kunnen realiseren'. Ondanks het feit dat slechts een enkele operator voldoende becijferde gegevens heeft verleend, heeft `de door consultatie uitgevoerde oefening toegelaten een aantal inefficiënties aan het licht te brengen die zonder verwijl dienen opgelost te worden, te beginnen met de procedures'.

1) Kan de minister een overzicht bezorgen van dit onderdeel van de gerechtskosten, voor het afluisteren van telefoons en mobiele telefoons en voor het opsporen van telefoonnummers vanaf 2007 tot en met 2010? Graag kreeg ik de kostprijs en het aantal keer dat men overging tot afluister- en opspoormethodes?

2) Kan ze de contracten tussen de FOD Justitie en de diverse telecommunicatiebedrijven bekend maken, meer bepaald de contractuele afspraken in verband met deze kosten?

3) Zijn er momenteel besprekingen aan de gang met de telecommunicatiebedrijven (Proximus, Base, Mobistar) over de tarieven die de FOD Justitie voor deze opdrachten is verschuldigd?

4) Waarom voorzien deze contracten niet in de verplichting van de telecommunicatieoperatoren om becijferde gegevens over hun activiteiten voor de FOD Justitie door te geven zodat hun prestaties correct geëvalueerd kunnen worden?

Mevrouw Annemie Turtelboom, minister van Justitie. - Uit de cijfergegevens die ik aan de heer Vanlouwe heb overhandigd blijkt dat in 2007 in totaal meer dan 13 miljoen euro is uitgegeven; in 2010 was dat meer dan 16 miljoen. In 2007 waren er 3604 afluisteracties; in 2010 waren dat er 5360. De traceeracties werden niet gefactureerd op basis van het aantal acties, maar op basis van het aantal gepresteerde uren.

Wat de aanvragen door Justitie betreft, worden de relaties met de telefoonoperatoren geregeld door het nieuwe koninklijk besluit van 8 februari 2011. Zoals uit het verslag aan de Koning blijkt, heeft dat koninklijk besluit onder meer tot doel de kosten die verbonden zijn aan de telefoontapacties met 30% te drukken. Bij de inwerkingtreding van het koninklijk besluit heeft mijn voorganger reeds benadrukt dat een opvolging nodig is, en dat zowel voor de toepassing van de nieuwe barema's, de gerealiseerde besparingen als voor de doorlooptijden waarbinnen de facturen moeten worden betaald. De telefoontaps zijn een aanzienlijke uitgavepost. Ik ben mij terdege bewust dat we ernaar moeten streven die kosten te blijven beheersen.

De telecomoperatoren zijn momenteel, binnen de huidige regelgeving, nog niet verplicht om de gegevens over hun prestaties en activiteiten aan de FOD door te geven. Het orgaan van de Federale Politie dat instaat voor de behandeling van de aanvragen voor telefoontaps vanwege de magistraten krijgt die informatie wel. De CTIF (Central Technical Interception Facility) gaat op basis van die informatie na of de operatoren correct hebben gefactureerd, door ze te vergelijken met de vorderingen van de magistraten. Vervolgens deelt ze de gegevens op regelmatige wijze mee, samen met de bedragen die door de Centrale Dienst voor de Gerechtskosten van de FOD aan de operatoren moeten worden betaald voor de geleverde prestaties.