5-29COM

5-29COM

Commission des Relations extérieures et de la Défense

Annales

MARDI 1er FÉVRIER 2011 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Patrick De Groote au vice-premier ministre et ministre des Affaires étrangères et des Réformes institutionnelles sur «une promesse américaine garantissant à la Belgique d'occuper une place plus en vue en échange de l'accueil de détenus de Guantánamo» (nº 5-133)

De heer Patrick De Groote (N-VA). - Toen ik de vraag eind november 2010 indiende, bleek uit een preview van een aantal internationaal gerespecteerde krantenredacties dat België in een aantal diplomatieke documenten van diverse Amerikaanse ambassades die door WikiLeaks wereldkundig zouden worden gemaakt, met volgende cryptische woorden werd aangespoord om gevangenen van Guantánamo op te vangen: `Het zou voor België een lage kost betekenen om prominenter aanwezig te zijn in Europa.'

Inmiddels is het stof een beetje gaan liggen en hebben we een beter beeld op de essentie van de affaire. Mijn vraag is geïnspireerd door mijn bekommernis voor politieke rechtvaardigheid, politieke verantwoordelijkheid en het politieke engagement van staten en regeringen op wereldschaal.

Ik stel me vragen bij de termen `een lage kost' en `prominenter aanwezig'. Mij stoort het vooral dat de Verenigde Staten inspelen op de kleine kantjes van politieke leiders. Dat blijkt ook uit de telexen over andere landen. Ook over Nederland ontstaat het beeld dat de Amerikaanse diplomatie het land ook eens aan de tafel van de G-20 laat aanschuiven omdat het een substantieel aantal soldaten leverde voor de missie in Afghanistan en dus een goede leerling zou zijn in de Amerikaanse klas. De NRC Handelsblad toonde in december in een aantal artikelen aan hoe minister-president Balkenende in het begin wel naar de G-20 mocht gaan, bijvoorbeeld in Toronto, maar sinds de terugtrekking van de soldaten uit Afghanistan niet meer welkom was. Begin januari maakten andere Nederlandse kranten melding van telexen waaruit bleek dat minister Bos onder druk werd gezet met de belofte dat Nederland deel zou blijven uitmaken van de G-20 als het land zijn troepenmacht in Afghanistan behield.

Het beeld ontstaat dat de Verenigde Staten de verschillende Europese landen tegen elkaar uitspeelt. Wie de Amerikanen steunt, wordt daarvoor beloond.

Kan de minister toelichting geven bij die informatie?

Hoe concreet waren de beloften inzake een prominente aanwezigheid voor België? Wat hield die prominente aanwezigheid in? Mocht België even aanschuiven bij de G-20?

Over hoeveel gevangenen van Guantánamo werd met de Verenigde Staten onderhandeld? In het antwoord op een gelijkaardige vraag van collega Luykx antwoordde de minister dat België één gevangene heeft opgenomen. In de Amerikaanse telex wordt melding gemaakt van `gevangenen', dus meer dan één.

De heer Steven Vanackere, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen. - Ik heb een probleem met deze vraag om uitleg.

Er wordt mij, de Belgische minister van Buitenlandse Zaken, gevraagd wat de Amerikaanse ambassadeur in een telex zou kunnen hebben bedoeld. Als de senatoren die lijn van vraagstelling aanhouden, zullen we nog veel tijd met mekaar doorbrengen.

De Amerikaanse ambassadeur heeft er nooit een geheim van gemaakt dat de Verenigde Staten een nog sterker engagement van de Europese lidstaten willen. Iedereen was blij toen president Obama de sluiting van de gevangenis op Guantánamo aankondigde. De ambassadeur gaf enkel aan dat landen die aan die operatie meewerken, kans maken op een meer prominente rol.

Die zin laat ik voor zijn rekening. Wie daar toelichting bij wil, moet dat bij gelegenheid maar eens met hem bespreken.

Ik kan alleen maar vaststellen dat de Belgische overheid één en niet meer dan één gevangene heeft opgenomen en dat die situatie vandaag onveranderd is. Dat aangedrongen wordt meer te doen, is inderdaad een realiteit. Maar feit is ook dat België vindt dat het met het opnemen en begeleiden van één ex-gevangene zeker zijn fair deel heeft gedaan in de oplossing van de problematiek. Over die tweede afweging kunt u mij ondervragen, maar dat hebben collega's van u al meer dan eens gedaan, mijnheer De Groote.

Verder heb ik daar niet zo bijzonder veel aan toe te voegen. Misschien ter informatie nog even meegeven dat de ene ex-gevangene uit Guantánamo die we hebben opgenomen, door een Amerikaans vonnis volkomen is vrijgesproken en wordt geacht onrechtmatig in detentie te zijn genomen. We vangen die persoon niet alleen op, maar begeleiden hem ook.

De heer Patrick De Groote (N-VA). - Ik vraag mij af of de minister dit een goede werkwijze vindt. Ik hoop uit de grond van mijn hart dat onze militaire aanwezigheid in Afghanistan is ingegeven door het geloof dat we daar een regime kunnen opbouwen dat wel de universele rechten van de mens respecteert, wel onderwijs aan vrouwen toestaat, wel de bevolking helpt te bouwen aan een veilige democratie, en dat het geen prestigeproject is waardoor een premier of een minister bij de grote jongens mag aanschuiven. Als ik het goed begrijp, dan geeft de minister toe dat de ambassadeur dat openlijk heeft verklaard. Ik zeg niet dat het de ambitie van de Belgische politiek was, maar dat signaal van Amerika vind ik niet op zijn plaats.

De heer Steven Vanackere, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen. - Ik wil geen debat beginnen, maar ik heb aan onze Amerikaanse collega's al in alle duidelijkheid gezegd dat de vrijlating van de Cuban Five het imago van de Verenigde Staten in Europa een beetje zou opkrikken, dat we ons over die affaire echt zorgen maken en dat een actie van hun kant gewaardeerd zou worden. Wie weet staat dat in een of ander bericht, dat dan vervolgens door WikiLeaks kan worden uitgebracht. Ik vertel het hier echter met groot genoegen. Denkt u dat het Congres vraagt wat die Belgische minister precies beloofd heeft, mijnheer De Groote?

Wanneer ambassadeur Goodman zegt dat het imago van de Europese partners erop zal vooruitgaan, als ze bijdragen tot een oplossing van het probleem Guantánamo, dan vind ik dat voor hem een geoorloofd argument in een discussie. Ik zou natuurlijk de term low cost niet gebruiken, maar ik ben dan ook geen Amerikaan. De documenten zijn ook niet bedoeld om in een officiële mededeling terecht te komen.

We moeten eens ophouden met geobsedeerd te zijn door deze communicaties, want zo kunnen we er nog heel veel verzinnen!