5-18COM

5-18COM

Commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen en voor de Landsverdediging

Handelingen

DINSDAG 21 DECEMBER 2010 - OCHTENDVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van de heer Karl Vanlouwe aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen over «het jaarlijks rapport van de Europese Commissie betreffende de toetredingsaanvraag van Turkije en de Koerdische kwestie» (nr. 5-112)

De heer Karl Vanlouwe (N-VA). - Op 9 november 2010 gaf de Europese Commissie het jaarlijkse rapport over de Turkse kandidatuur vrij. Dat rapport is niet positief over de vooruitgang van Turkije. In het rapport wordt de niet constructieve houding van Turkije ten aanzien van Cyprus bevestigd.

De Commissie verwijst in het rapport eveneens naar de achtergestelde situatie van de Koerden in Turkije. Zo werd in het voorbije jaar opnieuw een Koerdische politieke partij, de DTP, buiten werking gesteld. Demonstraties in het zuidoosten van het land die betrekking hadden op de Koerdische kwestie werden ontsierd door buitenproportioneel geweld vanwege de Turkse veiligheidsdiensten. De Koerdische taal wordt nog altijd bewust achtergesteld. De Turkse overheid blijft ook veel journalisten, kranten en websites censureren die de Koerdische kwestie behandelen.

Turkije wordt ook met de vinger nagewezen wat de mensenrechten betreft. Bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens blijven veel klachten binnenkomen over schendingen van de vrije meningsuiting. Geweld tegen vrouwen komt nog altijd veel voor en wordt te weinig bestraft. De vrijheid van religie wordt niet gegarandeerd, leden van minderheidsreligies zijn vaak het slachtoffer van extremistische aanvallen. Het respect voor minderheden en culturele rechten is beperkt. Respect voor de verdediging van taal, cultuur en fundamentele rechten wordt onvoldoende in overeenstemming met Europese standaarden gebracht.

Zo zijn de ouders van de directeur van het Koerdisch Instituut in Brussel enkele jaren geleden in Turkije vermoord.

Het rapport van de commissie is zeer duidelijk. Het aantal schendingen tegen het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens nam het voorbije jaar toe.

Met betrekking tot de Koerdische kwestie heeft Abdullah Öcalan, de Koerdische leider die sinds 1999 een levenslange gevangenisstraf in Turkije uitzit, verklaard dat Turkije de onderhandelingen met de Koerdische minderheid nieuw leven inblaast. Tijdens onderhandelingen met de Turkse autoriteiten in de gevangenis ijverde hij voor het oprichten van een parlementaire waarheidscommissie, naar analogie van de Truth and Reconciliation Commission in Zuid-Afrika, die onder leiding van aartsbisschop Desmond Tutu een sleutelrol speelde in het vredesproces.

Graag kreeg ik antwoord op volgende vragen. Werden die punten van kritiek op Turkije met betrekking tot de mensenrechten in het algemeen, de rechten van de Koerden in het bijzonder en de houding ten aanzien van Cyprus opnieuw besproken onder het Belgische Voorzitterschap van de Europese Unie? In de krant heb ik gelezen dat het wel degelijk het geval was. Wat is uiteindelijk beslist?

Wat zijn de gevolgen voor de Turkse EU-kandidatuur als het land blijft vasthouden aan de handelsbeperkingen tegen Grieks-Cyprus, de mensenrechten blijft schenden en de rechten van de Koerden niet garandeert? Wat is het standpunt van het Europees Voorzitterschap met betrekking tot het voorstel van een zogenaamde parlementaire waarheidscommissie?

De heer Bert Anciaux (sp.a). - De problematiek van de Koerden en die van de toetreding van Turkije tot de EU liggen me na aan het hart.

De Koerden kampen inderdaad nog steeds met allerlei negatieve situaties, maar ik ben een believer, in die zin dat ik denk dat zich toch een positieve evolutie aandient. Zo is er nu een staakt-het-vuren tot aan de volgende parlementsverkiezingen. De twee partijen die de erfenis van Atatürk verdedigen worden alsmaar kleiner en mogelijk verdwijnt een van beide zelfs uit het parlement. Er mag Koerdisch worden onderwezen zonder dat het daarom al als onderwijstaal mag worden beschouwd. Dat kan een volgende stap worden. Daarnaast vermindert de macht van het leger en krijgt wie vrijheid van denken vooropstelt zowel in de media als in de universiteiten en zelfs deels in de politiek nu kansen. Om al die redenen ben ik dus niet pessimistisch over de evolutie in Turkije.

Het probleem is dat de Koerden en wie zich met hen verbonden voelt zich moeten afvragen of er geen oplossing te vinden is binnen de Turkse staat, want het uitroepen van een onafhankelijk Koerdistan doet nog steeds veel haren te berge rijzen.

Dat is een probleem, maar misschien kan, naar het voorbeeld van België als confederaal of federaal land, in Turkije aan de Koerden culturele autonomie worden gegeven. Volgens mij ligt daar de oplossing.

Ik ben helemaal niet zo negatief en ik zou het verschrikkelijk vinden dat men niet inziet dat de mogelijke toetreding van Turkije tot Europa al een bijzonder grote evolutie tot stand heeft gebracht en wellicht de beste kansen biedt om de democratie te versterken en te voorkomen dat het leger en alles wat daarmee verbonden is, nog de macht in handen kan nemen. Alleen Europa kan daarvoor zorgen. Ik hoop dat we met z'n allen verantwoordelijkheid op dat stuk blijven nemen en ons niet tegen Turkije afzetten, ook al moet het land nog een stevige weg afleggen, ook inzake mensenrechten en de situatie van de Koerden. Over Cyprus denk ik enigszins anders. De relatie tussen Turkije en Cyprus is me helemaal niet zo duidelijk.

De heer Steven Vanackere, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen. - Ik waardeer het dat ik dankzij deze vraag de kans krijg een woord te zeggen over de toetredingsgesprekken, die een half jaar voor de start van het Belgisch Voorzitterschap van de EU inderdaad tot de heikele thema's behoorden. Ik heb het dan over de uitbreiding in het algemeen, maar ook over het delicate dossier van Turkije in het bijzonder. Interessant is ook dat de uiteenzetting van de heer Anciaux ons confronteert met de vraag of de Europese toetredingswens van Turkije een voldoende motor is voor verbeteringen in de Turkse samenleving, zowel bij het versterken van bepaalde democratische beginselen, als bij het regelen van langlopende conflicten.

Toen ik in Turkije was, heb ik gesprekken gehad met verschillende mensen, ook met mensenrechtenactivisten, vertegenwoordigers van religieuze minderheden en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven, dat kritisch staat tegenover de huidige regering. Al die groepen gaven duidelijk aan dat de Europese ambitie voor hun eigen dossier en bekommernissen een positieve impact heeft. Allemaal bezwoeren ze de Europeanen Turkije zeker niet de rug toe te keren, omdat heel veel van de ontwikkelingen die ze als positief ervaren, wel degelijk verband houden met de Europese aspiraties van hun land.

En inderdaad, altijd is het een discussie of het glas nu half vol is of half leeg, maar tien jaar geleden was het in elk geval ondenkbaar dat Turkije tv-uitzendingen in het Koerdisch zou aanvaarden of het Koerdisch als onderwijstaal zou overwegen. We moeten dus erkennen dat er beweging merkbaar is. De vraag is natuurlijk of het tempo snel genoeg is, of we over dat tempo tevreden mogen zijn en of we de druk hoog moeten houden om tot een duurzame oplossing te komen.

Ik kan in elk geval bevestigen dat respect voor de mensenrechten en respect voor de rechten van alle minderheden uiteraard tot de politieke criteria van Kopenhagen behoren. De vraag stellen is ze beantwoorden: het is ondenkbaar dat een land dat niet alle criteria van Kopenhagen respecteert, tot de Europese Unie toetreedt. Dus ook Turkije moet, net zoals alle kandidaat-lidstaten, aan die criteria voldoen.

Midden 2009 heeft premier Erdoğan het initiatief `Democratische opening' aangekondigd en België heeft dat op dat ogenblik ook verwelkomd. Het doel daarvan is de Koerdische kwestie vreedzaam op te lossen. Zoals de Commissie in haar recente verslag opmerkt, valt het te hopen dat het initiatief kan worden voortgezet, ook al heeft het tot nog toe, naar de smaak van de Commissie, slechts beperkte resultaten opgeleverd.

Iedere inspanning die door de Turkse autoriteiten ontplooid wordt om via dialoog een vreedzame oplossing te vinden voor het Koerdische probleem, moet worden ondersteund.

Anderzijds moet Turkije het Aanvullend Protocol bij de associatieovereenkomst met de Europese Unie ten aanzien van alle lidstaten respecteren, dus ook ten aanzien van Cyprus. Ingevolge de niet-naleving van dat aanvullende Protocol door Turkije heeft de Europese Raad in december 2006 een aantal onderhandelingshoofdstukken geblokkeerd. Dat heeft uiteraard een impact op de voortgang van de toetredingsonderhandelingen. Tijdens mijn verschillende contacten van de afgelopen maanden met de Turkse autoriteiten heb ik al die punten zeer nadrukkelijk onderstreept; ze zijn trouwens ook weerspiegeld in de conclusies die de Raad Algemene Zaken, onder mijn voorzitterschap op 14 december heeft aangenomen. De uitbreiding werd dus niet besproken op de Europese Raad van vorige donderdag en vrijdag. Op 14 december werden de raadsconclusies dus aanvaard, en werd Turkije duidelijk gevraagd voort te gaan op de ingeslagen weg. Het feit dat de grondwet recent werd aangepast en dat in oktober een aantal nieuwe wetgevende initiatieven werden genomen, wijst op vooruitgang. Nu moet ervoor worden gezorgd dat die vooruitgang wordt voortgezet.

De heer Karl Vanlouwe (N-VA). - Ik dank de minister voor zijn antwoord. Er is inderdaad vooruitgang, maar soms ook achteruitgang. Turkije moet natuurlijk nog fundamentele vooruitgang maken om tot de EU te kunnen toetreden. Sommigen verdedigen voor het Koerdische volk de culturele autonomie binnen Turkije. Eigenlijk moet dat volk zelf beslissen welke richting het wil inslaan. Ik hoop dat Europa het Koerdische volk daarbij zal steunen.

Er is echter niet alleen het probleem Koerdistan, maar ook Cyprus. Wanneer iemand wil toetreden tot een club, is het logisch dat hij de andere leden van die club respecteert, aanvaardt en erkent. Zo verwees de minister naar een van de nog steeds bestaande fundamentele problemen. Het Aanvullend Protocol stelt onder meer dat Cypriotische schepen en vliegtuigen toegang moeten krijgen tot de havens en luchthavens van Turkije, en dat is nog niet het geval. We zullen de nieuwe verslagen van de Europese Commissie dan ook kritisch volgen. Ik stel vast dat de Europese Commissie haar taak goed volbrengt en kritische verslagen opstelt. Om tot de Europese Unie te kunnen toetreden moet Turkije alle criteria en dus ook de politieke criteria van Kopenhagen inderdaad respecteren.

(Voorzitter: de heer Karl Vanlouwe.)