4-112

4-112

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 11 FEBRUARI 2010 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Lieve Van Ermen aan de minister van Justitie over źde gesloten jeugdinstellingen╗ (nr. 4-1479)

De voorzitter. - De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Co÷rdinatie van de Fraudebestrijding en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie, antwoordt.

Mevrouw Lieve Van Ermen (LDD). - Vorige week berichtte Belga dat in de in 2008 tot gesloten jeugdinstelling omgevormde gevangenis in Tongeren 66 personeelsleden zorgen voor de bewaking van amper vier tot acht jonge gedetineerden. In de andere federale gesloten jeugdinstelling te Everberg werd onlangs het plan opgevat de gevangenis volledig Nederlandstalig te maken. De Franstalige gedetineerden en personeelsleden zouden verhuizen naar een nieuw project in Saint-Hubert, waardoor de vrijgekomen plaatsen door nieuwe jeugdcriminelen kunnen worden opgevuld. Een gelijkschakeling van het aantal personeelsleden komt er echter voorlopig niet.

In Tongeren kunnen momenteel maximaal zeventien jongeren opgesloten worden: jongeren die door de jeugdrechter uit handen zijn gegeven na zware misdrijven en die als gewone volwassenen berecht zijn en minderjarigen waar in Everberg geen plaats meer voor is. De voorbije jaren zagen jeugdrechters zich immers geregeld verplicht jonge misdadigers door te sturen omdat alle plaatsen in Everberg volzet bleken. Nu Tongeren open is, blijkt de vraag naar plaatsen voor jonge criminelen plots kleiner dan het aanbod en vanuit Everberg wordt zo goed als niemand doorgestuurd. De personeelsformatie in Tongeren daarentegen is wel al helemaal ingevuld. Daarbij is er rekening mee gehouden dat Tongeren binnenkort uitgebreid wordt van 17 naar 34 plaatsen voor jonge criminelen.

Tongeren had vorige week blijkbaar plaats en personeel over, maar een week later blijkt dat de jeugdinstelling Everberg het werk neerlegt wegens een nijpend personeelstekort, onder meer elf bewakers.

Hoe kan een dergelijk fenomeen zich voordoen in een klein land als BelgiŰ? Waar knelt het schoentje als enerzijds een instelling uit haar voegen barst en anderzijds een instelling zwemt in het personeel? Kan de minister dit duiden? Wat is de minister zinnens te doen aan deze nijpende situatie? Kan de minister het overleg ter zake met de diverse stakeholders toelichten?

De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Co÷rdinatie van de Fraudebestrijding en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie. - Ik lees het antwoord van minister De Clerck.

In het centrum in Tongeren worden momenteel zeventien jongeren opgevangen (elf uithandengegeven jongeren en zes minderjarigen die door de jeugdrechter werden geplaatst). De toestand zal ten laatste op 31 maart worden bekeken in overleg met de Vlaamse Gemeenschap. Daarbij kan de opvangcapaciteit met 34 plaatsen worden verhoogd.

In Everberg zijn op dit ogenblik 121 personeelsleden effectief werkzaam, wat overeenstemt met 113,90 voltijdse equivalenten.

De personeelsformaties van de verschillende gevangenissen worden opgenomen in het personeelsplan 2010. Die personeelsplannen zijn ter goedkeuring voorgelegd aan de inspecteur van FinanciŰn en zullen voor het einde van de maand aan de syndicale organisaties ter bespreking worden voorgelegd.

Er zijn inderdaad enkele administratieve personeelsleden uit Everberg vertrokken. Het gaat onder anderen om een contractuele medewerker wiens contract om budgettaire redenen niet is verlengd en om een statutaire medewerker van niveau C die gepromoveerd is naar niveau B en aldus zijn nieuwe functie heeft opgenomen in Leuven-Centraal.

Wanneer de Franstalige jongeren Everberg verlaten, zal het Franstalige personeel naar Franstalige inrichtingen worden overgeplaatst.

Ieder personeelslid heeft drie gevangenissen naar keuze mogen opgeven en het Directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen (DG EPI) heeft bij de reaffectatie met hun keuze rekening gehouden.

Voordat Vlaamse jongeren zullen worden geplaatst in de sectie waar thans nog Franstalige jongeren verblijven, zal het DG EPI een aantal renovatiewerken laten uitvoeren. De capaciteit zal dus stapsgewijs worden uitgebreid. Het DG EPI zal dan ook de noden inzake personeel onderzoeken wanneer dat noodzakelijk is.

Er wordt voortdurend overleg gepleegd, zowel met de vakbonden als met de Vlaamse gemeenschap, die bevoegd is voor het educatief personeel en/of de hulp aan gedetineerden.

Mevrouw Lieve Van Ermen (LDD). - Ik dank de staatssecretaris voor het uitgebreide antwoord. Ik kan me toch niet van de indruk ontdoen dat door de communautaire problemen en de overflow tussen de verschillende instellingen een pragmatische oplossing onmogelijk is. In Nederland bijvoorbeeld zouden dergelijke redeneringen onmogelijk zijn.