4-18/3

4-18/3

Belgische Senaat

ZITTING 2007-2008

1 JULI 2008


Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 27 van de faillissementswet van 8 augustus 1997


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE JUSTITIE UITGEBRACHT DOOR

DE HEER DELPÉRÉE


I. INLEIDING

Dit wetsvoorstel werd op 12 juli 2007 ingediend en werd door de commissie voor de Justitie besproken tijdens haar vergaderingen van 17 en 27 juni en 1 juli 2007, in aanwezigheid van de minister van Justitie.

II. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR DE HEER VANDENBERGHE

De heer Vandenberghe wijst erop dat het voorliggende wetsvoorstel de tekst overneemt van een voorstel dat reeds op 27 maart 2006 in de Senaat werd ingediend (stuk Senaat, nr. 3-1638/1 - 2005/2006).

Overeenkomstig artikel 11 van de faillissementswet van 8 augustus 1997 stelt de rechtbank van koophandel bij het vonnis van faillietverklaring één of meer curatoren aan, al naar de belangrijkheid van het faillissement.

Artikel 27 van de faillissementswet op zijn beurt vermeldt in algemene bewoordingen dat « de curators worden gekozen uit de personen ingeschreven op een lijst opgesteld door de algemene vergadering van de rechtbank van koophandel ».

Nadere bepalingen inzake de aanstelling van een curator zijn niet in de wet opgenomen.

Niettemin bestaat sinds vele tientallen jaren bij de Belgische rechtbanken het gebruik dat de curatoren in faillissementen voor het overgrote deel gekozen worden uit advocaten ingeschreven op het tableau van de Orde in het rechtsgebied waar de rechtbank van koophandel zetelt die het faillissement uitspreekt en de curator aanstelt.

In principe wordt slechts in uitzonderlijke gevallen bij de aanstelling van curatoren een beroep gedaan op advocaten uit andere arrondissementen wanneer hiervoor specifieke redenen voorhanden zijn : bijzondere graad van specialisatie of vroeger opgedane ervaring in de specifieke sector waarin het faillissement wordt uitgesproken; faillissementen van ondernemingen waar een belangrijk of het grootste deel van de activiteiten zich situeren in een ander arrondissement dan datgene waar de maatschappelijke zetel gevestigd is en het faillissement door de rechtbank van koophandel wordt uitgesproken; specifieke vereisten inzake bijvoorbeeld taalkennis.

De redenen waarom het gebruik om curatoren uit het eigen arrondissement aan te stellen is ontstaan, zijn duidelijk :

— de faillissementswet voorziet in regelmatige contacten tussen curatoren en gefailleerde, wat ernstig bemoeilijkt wordt bij te grote afstanden;

— curatoren die in hun eigen rechtsgebied faillissementen afhandelen zijn meestal beter vertrouwd met de economische activiteit in het bewuste rechtsgebied, zullen omwille van hun kennis van het terrein dikwijls op efficiëntere wijze activa kunnen opsporen, desgevallend ook activa te gelde maken, beschikken over een grotere onmiddellijke bereikbaarheid enz.;

— de lokale rechtbank ziet de advocaten-curatoren ook frequent aan het werk in niet-faillissementsdossiers en kan zich aldus constant een beter beeld vormen van hun beroepsijver, specifieke competenties enz.;

— contacten met het parket bij fraude-onderzoeken naar aanleiding van faillissementen kunnen veel vlotter verlopen.

Uit cijfermatig onderzoek is echter gebleken dat wat betreft de aanstellingen van curatoren ingeschreven op de Nederlandstalige lijst, de rechtbank van koophandel te Brussel, — dat zowel in 2004 als in 2005— 1/3 van de faillissementen toebedeelde aan advocaten die hun inschrijving (of eerste inschrijving) niet hadden op het tableau van de Orde van het arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde.

Spreker wijst erop dat het onmogelijk is de redenen te beoordelen die aan de grondslag liggen van de aanstelling van curatoren gekozen uit advocaten ingeschreven op het tableau van orde van een ander rechtsgebied aangezien dit niet gemotiveerd gebeurt.

Dit wetsvoorstel wenst dat de faillissementswet aansluit bij het gebruik bij de Belgische rechtbanken dat de curatoren in faillissementen voor het overgrote deel en in principe gekozen worden uit advocaten ingeschreven op het tableau van de orde in het rechtsgebied waar de rechtbank van koophandel zetelt die het faillissement uitspreekt.

Dit wetsvoorstel laat echter de mogelijkheid onverkort om in zeer bijzondere gevallen een curator aan te stellen gekozen uit advocaten, ingeschreven op het tableau van de Orde van een ander rechtsgebied dan dat waar de rechtbank van koophandel zetelt die het faillissement uitspreekt. Deze gemotiveerde beslissing moet dan wel ingegeven zijn door de belangrijkheid of complexiteit van de zaak.

Zowel het eerste als het tweede lid 1 van artikel 27 van de faillissementswet wordt hiertoe gewijzigd.

III. BESPREKING

De minister steunt het wetsvoorstel. In verband met de voordelen van het aanstellen van een curator van hetzelfde rechtsgebied als dat waarin de rechtbank van koophandel zetelt die hem aanstelt, verwijst hij naar de toelichting. Overigens blijft het voorstel flexibel wat de aanwijzing van curatoren betreft. Het blijft mogelijk een curator aan te wijzen uit een ander gerechtelijk arrondissement. Die beslissing moet echter gemotiveerd worden en zijn ingegeven door de belangrijkheid of de complexiteit van de zaak.

De heer Vandenberghe wijst er bovendien op dat de aanwijzing van een curator uit een ander arrondissement de kosten doet oplopen, aangezien de curator vergoed moet worden voor zijn verplaatsingen.

De heer Collignon is voorstander van het wetsvoorstel, omdat het praktijkgericht is en er zal voor zorgen dat de curatoren beter functioneren. De curator heeft er belang bij de economische gevoeligheid van het arrondissement te kennen. Tevens is de voorgestelde oplossing evenwichtig, omdat de aanstelliing van een curator van een ander rechtsgebied mogelijk blijft.

De heer Mahoux is het met de vorige spreker eens. De verantwoording van de uitzondering op de aanstelling van een curator van het gerechtelijk arrondissement waar de rechtbank zetelt, verbaast hem echter. Het voorstel heeft immers als criterium voor de uitzondering de belangrijkheid of complexiteit van het faillissement. Dat is ietwat vernederend voor de balies buiten de grote steden. Moet men daaruit afleiden dat de balies buiten de grote steden niet in staat zijn bepaalde faillissementen af te handelen, wegens hun complexiteit of hun belangrijkheid ? Volstaat het niet de rechter, wanneer hij een curator uit een ander arrondissement aanstelt, te verplichten zijn beslissing te motiveren, zoals reeds in de tekst staat ?

De heer Vandenberghe onderstreept dat zijn wetsvoorstel niet tegen de balies buiten de grote steden is gericht. De oorsprong ervan ligt integendeel in het feit dat een belangrijk deel van de curatoren die worden aangesteld door de rechtbanken van koophandel van het gerechtelijk arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde van buiten het arrondissement afkomstig waren.

Het is de bedoeling de rechtbank van koophandel ertoe aan te zetten eerst in de lijst van curatoren van het arrondissement te zoeken of iemand in aanmerking komt om als curator te worden aangesteld. Indien de rechtbank wegens de aard van het faillissement geen enkele geschikte kandidaat vindt, kan ze een curator uit een ander arrondissement aanstellen.

Het is zeker niet de bedoeling de rechtbanken buiten de grote steden aan te moedigen om curatoren aan te stellen van de balies van de grote steden.

In verband met de opmerking van de heer Mahoux, denkt spreker dat de eenvoudige vereiste de beslissing te motiveren niet volstaat. De wetgever moet de rechter aanwijzingen geven over de criteria die de aanstelling van een curator uit een ander gerechtelijk arrondissement verantwoorden.

De heren Mahoux en Collignon dienen amendement nr. 1 in (stuk Senaat nr. 4-18/2), dat strekt om in artikel 2,B de woorden « wegens de belangrijkheid of complexiteit » te vervangen door de woorden « wegens de specificiteit ». De heer Mahoux verklaart dat de specificiteit van het faillissement verantwoordt dat de rechtbank een curator van buiten het arrondissement aanstelt.

De heer Vandenberghe vindt de terminologie van het amendement nr. 1, waar het de specificiteit van een bepaald faillissement betreft, niet zo goed gekozen. Men bedoelt immers de specifieke problemen die het faillissement stelt. Hij dient dan ook een subamendement in (stuk Senaat, nr. 4-18/2, amendement nr. 2) teneinde de woorden « wegens de specificiteit » te vervangen door de woorden « wegens het bijzonder karakter ». Dit lijkt een betere formulering.

IV. STEMMINGEN

Artikel 1 wordt eenparig aangenomen door de negen aanwezige leden.

Amendement nr. 1 op artikel 2, zoals gesubamendeerd door het amendement nr. 2, wordt eenparig aangenomen door de 9 aanwezige leden.

Het aldus geamendeerde artikel wordt eveneens eenparig aangenomen door de 9 aanwezige leden.

Het geamendeerde wetsvoorstel in zijn geheel wordt eenparig aangenomen door de negen aanwezige leden.

Dit verslag wordt eenparig goedgekeurd door de 9 aanwezige leden.

De rapporteur, De voorzitter,
Francis DELPÉRÉE. Patrik VANKRUNKELSVEN.