4-713/1

4-713/1

Belgische Senaat

ZITTING 2007-2008

24 APRIL 2008


Voorstel van resolutie betreffende de status van België als niet-permanent lid van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties tot 31 december 2008

(Ingediend door mevrouw Olga Zrihen)


TOELICHTING


Dit voorstel van resolutie neemt gedeeltelijk de tekst over van resolutie 3-1969/4, die de Senaat in zijn plenaire vergadering van 21 december 2006 heeft aangenomen.

Olga ZRIHEN.

VOORSTEL VAN RESOLUTIE


A. Gelet op de aanbevelingen van de Commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen en de Landsverdediging betreffende de aanwezigheid van België in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties als niet-permanent lid, van 1 januari 2007 tot 31 december 2008, die de Senaat in zijn vergadering van 14 december 2006 heeft aangenomen (stuk Senaat nr. 3-1969/4);

B. Herinnerend aan grondbeginselen als de « onopsplitsbare vrede », de handhaving van de vrede en van de internationale veiligheid, de « onopsplitsbare justitie », die zijn opgenomen in het Handvest van de Organisatie van de Verenigde Naties en gelet op alle resoluties van de Veiligheidsraad van de Organisatie van de Verenigde Naties over die onderwerpen;

C. Gelet op de noodzaak de VN te hervormen op grond van beginselen als representativiteit en doeltreffendheid om de organisatie in staat te stellen haar voornaamste doel te bereiken, namelijk het handhaven van de internationale vrede en veiligheid;

D. Overwegende dat ieder collectief optreden een duidelijk mandaat vereist dat overeenstemt met het Handvest van de Verenigde Naties en met de grondbeginselen van het internationaal recht;

E. Overwegende dat indien de vrede bedreigd wordt, sancties slechts moeten worden overwogen nadat alle diplomatieke middelen uitgeput zijn, dat die sancties efficiënter, rechtvaardiger en specifiek moeten zijn, zodat de burgerbevolking er geen nadeel van ondervindt;

F. Overwegende dat ontwapening een belangrijk middel is om vrede en ontwikkeling te bewerkstelligen;

G. Gelet op de wens van de internationale gemeenschap dat er een internationaal rechtsinstrument voor de submunitie komt, met als taak over alle aspecten van die problematiek wetgevend op te treden;

H. Gelet op het Belgisch pleidooi voor een wapenverdrag dat op internationaal niveau juridisch bindend is;

I. Herinnerend aan de rol van de vrouwen in het vredesproces alsook aan de aanbevelingen van de resolutie van de Senaat inzake kinderen in gewapende conflicten (stuk Senaat nr. 3-1370/6 — 20 april 2006);

J. Opnieuw bevestigend dat de strijd tegen het terrorisme gevoerd moet worden met inachtneming van de rechten van de persoon en herinnerend aan resolutie 60/158 (23 februari 2006) van de algemene Vergadering betreffende de bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden in de strijd tegen het terrorisme;

K. Herinnerend aan de aanbevelingen inzake de Millenniumdoelstellingen voor de Ontwikkeling, die de Senaat op 24 maart 2005 heeft aangenomen (stuk Senaat 3-603/8);

VRAAGT de regering om van haar aanwezigheid in de Veiligheidsraad tot 31 december 2008 gebruik te maken van instrumenten die de toepassing mogelijk maken van de algemene beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties :

1. Bevorderen van de vrede

a) Inzake ontwapening

— Inzake de strijd tegen de verspreiding van kernwapens, met alle beschikbare diplomatieke middelen de problemen in verband met kernwapens beheersen;

— Erop toezien dat de Staten die kernwapens hebben zich verbinden tot een proces van afbouw en de verplichtingen in acht nemen die ze overeenkomstig het internationaal recht hebben om hun kernwapens te ontmantelen;

— IJveren voor een snelle toepassing van de aanbevelingen van de Veiligheidsraad inzake de bestrijding van de handel in kernmateriaal en de mogelijke wapenbezitters;

— Aanmoedigen tot het ondertekenen en ratificeren van het Verdrag van 18 september 1997 inzake het verbod op het gebruik, de opslag, de productie en de overdracht van antipersoonsmijnen en inzake de vernietiging ervan;

— Het initiatief van Oslo (februari 2007) ondersteunen, strekkende om een internationaal verdrag te ratificeren om clustermunitie op wereldschaal te verbieden;

— IJveren voor de totstandkoming van een internationaal verdrag over de wapenhandel, dat de markering, de opsporing van handvuurwapens en de strijd tegen de illegale tussenhandel in die wapens opvoert;

— De ondertekening en de ratificatie stimuleren van het Verdrag inzake bepaalde conventionele wapens en de protocollen, waarbij het toepassingsgebied ervan wordt uitgebreid tot de brandwapens;

— De controle- en bestraffingsmogelijkheden van de Veiligheidsraad uitbreiden zodat hij efficiënter kan optreden tegen de schending van wapenembargo's;

— Het Verdrag inzake biologische wapens versterken door een Verificatieprotocol aan te nemen;

b) Inzake conflictpreventie

— Pleiten voor de oprichting van een Comité voor conflictpreventie dat kan steunen op een early warning system en dat tot doel heeft de Raad sneller op de hoogte te brengen van bedreigingen voor de internationale vrede en veiligheid, zodat hij daar sneller op kan reageren;

— Pleiten voor een snelle ratificatie en efficiënte uitvoering van het Facultatief Protocol bij het Verdrag inzake de rechten van het kind over de betrokkenheid van kinderen in gewapende conflicten en een discussie op gang brengen over de demobilisatie van de nog overblijvende kindsoldaten en hun begeleiding na het conflict;

c) Inzake vredeshandhaving

— Een herziening vragen van de methodes voor de evaluatie en de vernieuwing van de mandaten voor vredeshandhavingsoperaties;

— Een specifiek actieprogramma opstellen om de rol van vrouwen te ondersteunen in conflictpreventie en -beheersing, alsook in de wederopbouw na een conflict;

— De nodige diplomatieke initiatieven nemen in de Veiligheidsraad, de algemene Vergadering of in ECOSOC om de kansen van België te verhogen om in 2009 deel te nemen aan de werkzaamheden van de VN-Commsie voor de vredesopbouw;

2. Internationale justitie

— Een actieplan opstellen en voorstellen om het probleem van de straffeloosheid krachtig aan te pakken en de betrokken internationale rechtbanken de mogelijkheid geven de plegers van andere misdaden efficiënt te vervolgen;

— Er in het Comité tegen het terrorisme op toezien dat de antiterreurmaatregelen die Staten nemen de internationale rechtsorde en de mensenrechten eerbiedigen;

— Steeds de voorkeur geven aan specifieke en tijdelijke economische sancties, boven algemene economische sancties waarvan de gevolgen voor de hele bevolking desastreus kunnen zijn;

— Ervoor pleiten dat de sancties die de Verenigde Naties hebben opgelegd of overwegen, geëvalueerd worden in het licht van de gevolgen voor de bevolking op humanitair vlak en op het vlak van de economische, sociale en culturele rechten;

— Eraan herinneren dat alleen sancties die ter goedkeuring aan de Veiligheidsraad zijn voorgelegd internationaal aanvaard worden en erop toezien dat iedere autonome actie met het oog op een sanctieregeling volledig overeenstemt met die waarover in de Veiligheidsraad werd beslist;

3. Coördinatie met de andere lidstaten van de Europese Unie

— De gemeenschappelijke standpunten van de Europese Unie binnen de Veiligheidsraad verdedigen, in overleg met de andere lidstaten van de Europese Unie die in de Veiligheidsraad zitting hebben en stelselmatig paragraaf 2 van artikel 19 van het Verdrag van de Europese Unie toepassen, die luidt als volgt : « Lidstaten die tevens lid zijn van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties plegen onderling overleg en houden de overige lidstaten volledig op de hoogte »;

4. Betreffende het verslag aan het Parlement

— Zo snel mogelijk, alsook op het einde van 2008, verslag uitbrengen in het Parlement over de activiteit van België in de Veiligheidsraad;

— Het Belgisch parlement consulteren alvorens het onderwerp van het thematisch debat van het volgende Belgische voorzitterschap van de VN-veiligheidsraad te bepalen.

27 februari 2008.

Olga ZRIHEN.