4-712/1 | 4-712/1 |
22 APRIL 2008
Deze wet heeft tot doel belangenconflicten te vermijden bij de keuze van advocaten, juristen, fiscale adviseurs, en revisoren door besturen, ministeriële kabinetten, of overheidsbedrijven.
Het is niet de bedoeling van deze wet om de werklast van die instanties te verzwaren door al te dwingende maatregelen. Met inachtneming van de wetgeving op de overheidsopdrachten, willen we de vrije keuze van advocaten, juristen, fiscale adviseurs, revisoren en andere raadgevers waarborgen.
In sommige landen echter is deze keuze gereglementeerd. Ook in België voorziet het huishoudelijk reglement van sommige besturen hier uitdrukkelijk in.
In Canada, bijvoorbeeld, hanteert het secretariaat van de Treasury Board de volgende omschrijving van een belangenconflict : « Il existe un conflit d'intérêts lorsqu'une personne ou l'organisation à laquelle elle se rattache détient des relations financières ou personnelles qui influent de façon inadéquate sur ses actions (engagements doubles, intérêts ou loyauté concurrents). Ces relations peuvent avoir une incidence négligeable ou être susceptibles d'influencer le jugement, et toutes les relations constituent de véritables conflits d'intérêts. Le risque de conflit d'intérêts existe, peu importe si la personne croit que la relation touche son jugement. Les relations financières (comme l'emploi, le travail de consultant, la possession d'actions, les salaires honoraires et les témoignages d'experts rémunérés) sont les plus faciles à identifier et les plus susceptibles de nuire à la crédibilité. Cependant il peut survenir des conflits d'intérêt pour d'autres raisons, comme des relations personnelles, une concurrence universitaire ou la passion intellectuelle. »
De wet betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten van 24 december 1993 voert de verplichting in een beroep te doen op mededinging. Overeenkomstig artikel 17,§ 2, eerste lid van deze wet kan er evenwel bij onderhandelingsprocedure gehandeld worden zonder naleving van de bekendmakingsregels voor de aanbesteding van juridische diensten wanneer de goed te keuren uitgave niet hoger is dan 8 miljoen Belgische frank, hetzij 200 000 euro eind 2001 (artikel 120 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996).
Artikel 68 van hetzelfde koninklijk besluit bepaalt eveneens dat (wanneer) de onmogelijkheid om drie gegadigden te raadplegen is aangetoond, ten gevolge van dagvaardingstermijnen die soms kort zijn, maar ook omwille van het intuitu personae-karakter van juridische diensten en van de noodzaak om de vertrouwelijkheid te waarborgen.
In zijn 157e Boek gaat het Rekenhof dieper in op de niet-naleving van de reglementering voor overheidsopdrachten bij de aanbesteding van juridische diensten door verschillende ministeries en federale diensten. Het Hof merkte op dat « Zelfs bij de onderhandelingsprocedure, zonder naleving van bekendmakingsregels, in regel een beroep dient te worden gedaan op mededinging, ongeacht het bedrag. Wanneer uitzonderlijk geen beroep moet worden gedaan op de mededinging, dient dit uitdrukkelijk te worden gemotiveerd. »
De beste manier om een belangenconflict te vermijden, lijkt ons het verzekeren van transparantie met betrekking tot de namen en de bezoldiging van vennootschappen of natuurlijke personen die aan de overheid diensten verstrekken, vermits het om overheidsgeld gaat.
Ook mag iemand die een openbaar mandaat bekleedt of een lid van zijn familie geen financieel voordeel kunnen halen uit een prestatie die besteld werd door de beleidscel van een minister, van een overheidsdienst, van een intercommunale, van een bestuur of een van overheidsbedrijf waarin die persoon een controlepositie, zij het een indirecte, inneemt.
| Alain DESTEXHE. |
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Art. 2
Elke administratieve overheid of elk bedrijf dat belast is met een opdracht van openbare dienstverlening deelt jaarlijks aan de Wetgevende Kamers de namen en de bezoldigingen mee van de advocaten, juristen, fiscale adviseurs, revisoren of andere dienstverleners waarop ze een beroep doen voor het beheer van hun zaken.
Art. 3
Voor de toepassing van deze wet worden beleidscellen en -kernen van ministers en instellingen van openbaar nut gelijkgesteld met administratieve overheden en bedrijven die belast zijn met een opdracht van openbare dienstverlening.
14 maart 2008.
| Alain DESTEXHE. |