4-620/1 | 4-620/1 |
6 MAART 2008
Gezondheid voor iedereen is en blijft een heuse uitdaging en alles moet in het werk worden gesteld om te garanderen dat de hele bevolking permanent toegang heeft tot de verschillende gezondheidsdiensten.
Uit de diverse armoedeverslagen blijkt evenwel dat er nog steeds een flagrante ongelijkheid heerst onder de bevolking : niet iedereen heeft even makkelijk toegang tot een kwaliteitsvolle gezondheidszorg.
Zich te laat of niet laten verzorgen, heeft een prijs — zowel op menselijk als op financieel vlak. Derhalve verdient het aanbeveling om, naast de curatieve zorg, ook een doeltreffende preventieve zorg te bevorderen en uit te bouwen. Een rationele onderlinge afstemming van de preventieve en de curatieve zorg zal de kostprijs van de curatieve zorg drukken.
Tandverzorging is binnen de Belgische gezondheidszorg veel te lang misdeeld geweest. De voorbije vier jaar heeft er wel een inhaalbeweging plaatsgehad, zoals ook blijkt uit het jongste onderzoek van Health Consumer Powerhouse (« Euro Health Consumer Index 2007 »).
Gratis tandverzorging voor kinderen tot 12 jaar blijkt een succes te zijn. De beleidskeuze voor gratis tandverzorging komt tegemoet aan zowel curatieve als preventieve noden en zal de mondgezondheid van de bevolking in de toekomst aanzienlijk verbeteren. In die mate is de uitbreiding van die regeling tot alle verzekerden tot 18 jaar dan ook een prioriteit.
Men mag evenmin uit het oog verliezen dat de toegang tot orthodontische behandelingen, alsmede de terugbetaling ervan, soms erg problematisch is doordat orthodontische apparaten bijzonder duur zijn. De indieners van dit wetsvoorstel stellen dan ook voor om de huidige vaste tegemoetkomingen, die de kosten slechts gedeeltelijk dekken, te vervangen door een terugbetaling op basis van de werkelijke kostprijs van de orthodontische apparaten. Het wetsvoorstel voorziet in de terugbetaling van alle apparaten die voorkomen op een door de bevoegde technische raad opgestelde lijst.
Om tandverzorging voor verzekerden tot 18 jaar helemaal toegankelijk te maken, wordt ten slotte voorgesteld om de derdebetalersregeling algemeen toe te passen op alle tandheelkundige verstrekkingen.
Artikel 2
Artikel 2 strekt ertoe alle tandheelkundige verstrekkingen bij rechthebbenden tot 18 jaar gratis te maken door de bestaande regeling voor rechthebbenden tot 12 jaar uit te breiden.
Artikel 3
Dit artikel wijzigt de nomenclatuur van de tandheelkundige verstrekkingen in die zin dat de huidige vaste tegemoetkoming voor orthodontische apparaten wordt vervangen door terugbetaling op basis van de werkelijke kostprijs van de apparaten.
Overigens verleent het de Koning de bevoegdheid om de grondslag voor de terugbetaling van die apparaten te bepalen.
Artikel 4
Dit artikel bevat een algemeen en onvoorwaardelijk beginsel voor de toepassing van de derdebetalersregeling op tandheelkundige verstrekkingen bij rechthebbenden tot 18 jaar.
De Koning bepaalt de voorwaarden voor de toepassing van dat artikel.
| Olga ZRIHEN. |
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Art. 2
De verstrekkingen bedoeld in artikel 5 van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, zoals gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 23 december 1988, 19 december 1990, 7 juni 1991, 19 december 1991, 11 januari 1993, 30 december 1993, 6 april 1995, 7 augustus 1995, 10 juni 1996, 8 augustus 1997, 10 november 1997, 20 maart 1998, 28 april 1998, 3 februari 1999, 9 juni 1999, 29 maart 2000, 15 juni 2001, 13 november 2001, 28 februari 2002, 20 december 2002, 4 februari 2005 en 6 december 2005, worden voor de rechthebbenden tot hun achttiende verjaardag volledig terugbetaald.
Art. 3
§ 1. In artikel 5, § 3, van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, zoals gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 23 december 1988, 19 december 1990, 7 juni 1991, 19 december 1991, 11 januari 1993, 30 december 1993, 6 april 1995, 7 augustus 1995, 10 juni 1996, 8 augustus 1997, 10 november 1997, 20 maart 1998, 28 april 1998, 3 februari 1999, 9 juni 1999, 29 maart 2000, 15 juni 2001, 13 november 2001, 28 februari 2002, 20 december 2002, 4 februari 2005 en 6 december 2005, wordt :
1º de formulering van verstrekking 305631/305642 vervangen als volgt :
« Terugbetaling van het apparaat, per behandeling en bij de aanvang van de behandeling »;
2º de formulering van verstrekking 305675/305686 vervangen als volgt :
« Terugbetaling van het apparaat, per behandeling, na de eerste 6 vaste bedragen voor regelmatige behandeling en ten vroegste in de loop van de zesde maand van de behandeling ».
§ 2. Op voorstel van de bevoegde technische raad, bepaalt de Koning de lijst van de in artikel 3, § 1, bedoelde apparaten alsmede de grondslag voor de terugbetaling ervan.
Art. 4
§ 1. Op verstrekkingen bedoeld in artikel 5 van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, zoals gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 23 december 1988, 19 december 1990, 7 juni 1991, 19 december 1991, 11 januari 1993, 30 december 1993, 6 april 1995, 7 augustus 1995, 10 juni 1996, 8 augustus 1997, 10 november 1997, 20 maart 1998, 28 april 1998, 3 februari 1999, 9 juni 1999, 29 maart 2000, 15 juni 2001, 13 november 2001, 28 februari 2002, 20 december 2002, 4 februari 2005 en 6 december 2005, is de derdebetalersregeling van toepassing.
§ 2. De Koning bepaalt de wijze waarop artikel 5, § 1, van dit koninklijk besluit wordt toegepast.
Art. 5
Deze wet treedt in werking op de dag waarop hij in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
25 oktober 2007.
| Olga ZRIHEN. |