4-2COM | 4-2COM |
De voorzitter. - Mevrouw Gisèle Mandaila Malamba, staatssecretaris voor het Gezin en Personen met een handicap, toegevoegd aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, antwoordt.
Mevrouw Els Schelfhout (CD&V-N-VA). - In de nacht van 23 augustus 2007 weigerde een man dringende hulp bij de keizersnede van zijn vrouw.
Dat een moslim weigert zijn vrouw te laten behandelen door een mannelijke arts, is geen unicum. Het probleem doet zich in steeds meer ziekenhuizen voor, ook in ons omringende landen, zoals Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland.
Artikel 6 van de wet betreffende de rechten van de patiënt van 22 augustus 2002 bepaalt dat de patiënt recht heeft op vrije keuze van de beroepsbeoefenaar. De patiënt heeft ook het recht om zorg te weigeren.
Tegenover dit recht staat echter het recht op kwaliteitsvolle zorg, in het bijzonder bij levensgevaar. Artikel 10 van het koninklijk besluit 78 bepaalt ook dat het belemmeren van een dokter bij het uitoefenen van de geneeskunde door feitelijkheid of geweld strafbaar is.
Het is de taak van de overheid ervoor te waken dat gezondheidszorg in alle gevallen en te allen tijde kan worden aangeboden. Dat impliceert dat artsen niet worden gehinderd bij de uitoefening van hun beroep en dat het recht op kwaliteitsvolle zorgverlening kan worden geboden, zonder het recht te geven om dwang uit te oefenen.
Wat is het standpunt van de minister? Werd hierover reeds overlegd met de beroepsverenigingen van artsen en, zo ja, met welk gevolg? Wat zal de minister in deze doen?
Mevrouw Gisèle Mandaila Malamba, staatssecretaris voor het Gezin en Personen met een handicap, toegevoegd aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - Ik lees het antwoord van de minister van Justitie.
Ik ben op de hoogte van het recente incident waarbij een man een mannelijke anesthesist wilde beletten zijn echtgenote, die een keizersnede diende te ondergaan, te behandelen.
Je suis conscient des problèmes que peuvent rencontrer les services des urgences dans une situation de ce type. Lors d'admissions programmées, les problèmes semblent minimes.
En tant que ministre d'un gouvernement démissionnaire compétent pour les affaires courantes, j'ai demandé aux services du SPF Santé publique de vérifier si l'interdiction légale d'entrave de l'exercice de la médecine par des faits établis ou de la violence suffisait ou non sur le plan juridique et s'il était opportun que le gouvernement prenne d'autres mesures.
En attendant les résultats de cette vérification, j'accorde la priorité à l'information et à la sensibilisation des patients. La simple adaptation de la loi à ce cas difficile ne suffira pas à résoudre le problème. Je ne prendrai donc pas d'initiative hâtive ou inconsidérée durant cette période pendant laquelle le gouvernement n'est compétent que pour traiter les affaires courantes.
Mevrouw Els Schelfhout (CD&V-N-VA). - Ik volg dit dossier van nabij en verwacht van de minister hetzelfde.