4-202/1

4-202/1

Belgische Senaat

BUITENGEWONE ZITTING 2007

29 SEPTEMBER 2007


Wetsvoorstel tot wijziging van de wetgeving op de bevolkingsregisters wat betreft de inschrijving van personen gevestigd in bepaalde woningen waarin permanente bewoning niet is toegelaten

(Ingediend door mevrouw Nahima Lanjri)


TOELICHTING


Dit wetsvoorstel neemt de tekst over van DOC 51 2144/001.

Dit wetsvoorstel strekt ertoe de verplichting voor de gemeente te schrappen om mensen die zich vestigen in een pand dat onbewoonbaar (1) of ongeschikt (2) is verklaard, in te schrijven in het bevolkingsregister. Hieraan zijn twee belangrijke aspecten verbonden : de slechte kwaliteit van sommige huurwoningen en het verplicht inschrijven van mensen door de gemeente.

Volgens de Grondwet heeft iedereen het recht op een woning naar eigen keuze in een goede woonomgeving van een goede kwaliteit tegen een betaalbare prijs en met woonzekerheid. Alle eigendommen, zowel eigendoms- als huurwoningen, zouden moeten voldoen aan minimale eisen inzake kwaliteit en bewoonbaarheid maar jammer genoeg worden veel mensen in de praktijk geconfronteerd met woningen die níet voldoen aan de woonkwaliteitsnormen.

Elke woning moet voldoen aan elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten. Zowel in de Vlaamse Wooncode (3) als in Le Code Wallon du Logement (4) als in de Brusselse Huisvestingscode (5) is er sprake van minimumnormen voor een (huur-)woning, die de bevoegde gewestregeringen verder dienen te specificeren. In de drie teksten is er sprake van normen die verplichtingen opleggen aan een woning betreffende :

— de verplichte elementaire veiligheid, die minimale normen omvat met betrekking tot de stabiliteit van het gebouw, de elektriciteit, het gas, de verwarming;

— de verplichte elementaire gezondheid, die minimale normen omvat met betrekking tot de verluchting, verlichting, alsook de vorm van het gebouw inzake minimale oppervlakte;

— de verplichte elementaire uitrusting, die minimale normen omvat met betrekking tot de sanitaire installaties, de elektrische installatie, de verwarming.

Het lijkt logisch dat alle huurwoningen hieraan zouden moeten voldoen, maar in de praktijk moeten we vaststellen dat de kwaliteit soms te wensen over laat. Binnen de private huurmarkt is er een segment van woningen van slechte kwaliteit en met beperkt comfort die verhuurd worden tegen veel te hoge prijzen. Voor gezinnen met lage inkomens of die om andere redenen het moeilijk hebben een geschikte woning te vinden, is er soms geen andere uitweg dan toch deze veel te dure en veel te slechte woningen te huren.

In Vlaanderen zijn er een 300 000-tal woningen van slechte kwaliteit, waarvan er 135 000 door huurders worden bewoond. In de huursector is ongeveer één op vier woningen van slechte kwaliteit, in de eigendomssector is dat één op tien. Ook op vlak van uitrusting en comfort scoort de eigendomssector beter dan de huursector.

In het derde werkjaar van de Vlaamse Wooninspectie (oktober 2003 — september 2004) werd er in totaal tegen 193 panden en 666 wooneenheden proces-verbaal opgemaakt. Ongeveer 78 % van de geverbaliseerde wooneenheden is te kwalificeren als onbewoonbaar.

Het tweede aspect betreft de verplichte inschrijving in het bevolkingsregister. De gemeente moet alle Belgen en vreemdelingen inschrijven in het bevolkingsregister als zij hun hoofdverblijfplaats hebben in de gemeente (6) . De inschrijving is een administratieve maatregel die beperkt is tot de vaststelling dat een persoon of een gezin zijn hoofdverblijf op een bepaald adres heeft. Inschrijving in de registers impliceert echter geen toelating om zijn verblijfplaats te vestigen op een plaats waar permanente bewoning om een of andere reden verboden is (7) .

Hoewel de inschrijving geen toelating impliceert om zijn verblijfplaats te vestigen op een plaats waar permanente bewoning om één of andere reden verboden is, lijkt het niet logisch om iemand in te schrijven in een woning die ongeschikt of onbewoonbaar verklaard is. In 1992 is reeds een omzendbrief verschenen die het tijdelijk inschrijven in het bevolkingsregister moet regelen, maar dit blijkt in de praktijk geen oplossing

Burgemeesters kunnen op dit moment via de geëigende procedure een woning ongeschikt of onbewoonbaar verklaren, maar daarmee is niet gezegd dat de eigenaar de woning niet (opnieuw) zal verhuren. En zelfs wanneer iemand in een pand komt wonen dat onbewoonbaar is verklaard, moet de gemeente momenteel de inschrijving in het bevolkingsregister voltooien. Dit houdt in se een contradictie in : men mag niet wonen op het bestemde adres, maar de gemeente is wel verplicht in te schrijven in het register. Dit wetsvoorstel wil deze contradictie tegengaan. Inschrijving in het bevolkingsregister kan niet wanneer het gaat over woongelegenheden die onbewoonbaar of ongeschikt verklaard zijn.

Ten slotte verwijst de indienster naar de mogelijkheid die gecreëerd wordt door de wet van 10 augustus 2005 tot wijziging van diverse bepalingen met het oog op de versterking van de strijd tegen mensenhandel en mensensmokkel en tegen praktijken van huisjesmelkers. Artikel 21 voegt een nieuw artikel 433quinquiesdecies in het Strafwetboek in, waardoor herhuisvesting op kosten van de eigenaar mogelijk wordt. Ten slotte wil de indienster ook overbewoning aanpakken. Slechts diegenen kunnen worden ingeschreven in het bevolkingsregister voorzover er geen overbewoning is.

Nahima LANJRI.

WETSVOORSTEL


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

Artikel 1, § 1, 1º, van de wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten en tot wijziging van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, wordt aangevuld met het volgende lid :

« De personen, anderen dan de eigenaars, die zich vestigen in een woning waarin permanente bewoning niet is toegelaten om redenen van veiligheid, gezondheid of een gebrek aan comfort, kunnen niet door de gemeente worden ingeschreven in het bevolkingsregister; ».

19 juli 2007.

Nahima LANJRI.

(1) Onbewoonbare woning : een woning die op grond van veiligheidsen/of gezondheidsaspecten niet meer mag worden bewoond.

(2) Ongeschikte woning : een woning die niet beantwoordt aan de veiligheids-, gezondheids- of kwaliteitsnormen.

(3) Decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse wooncode, Belgisch Staatsblad 19 augustus 1997.

(3) Ter vervanging van bladzijde 1 van het vroeger rondgedeelde stuk nr. 4-202/1.

(4) Waalse Huisvestingscode van 29 oktober 1998, Belgisch Staatsblad 4 december 1998.

(5) Ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse huisvestingscode, Belgisch Staatsblad 9 december 2003.

(6) Wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten en tot wijziging van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke peronen, Belgisch Staatsblad 3 september 1991.

(7) Kamer, CRIV 51 COM 333, 14 juli 2004, 22-25, (Vraag nr. 3382 van Mark Verhaegen).