Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-90

ZITTING 2006-2007

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Buitenlandse Zaken

Vraag nr. 3-1639 van de heer Vandenberghe L. van 20 oktober 2004 (N.) :
Darfur. — Militaire samenwerking tussen SyriŽ en Sudan. — Test van chemische wapens. — Standpunt van de Verenigde Naties en de Europese Unie.

Volgens de Duitse krant Die Welt (15 september 2004) heeft SyriŽ in juni chemische wapens getest op de burgerbevolking in het Soedanese Darfur en zo de dood veroorzaakt van verschillende tientallen mensen. De krant baseert zich ę op verslagen van Europese geheime diensten Ľ maar onderstreept dat nog niet precies kon worden vastgesteld wanneer de testen werden uitgevoerd.

Syrische officieren zouden reeds in mei in Khartoem met de top van het Soedanese leger hebben onderhandeld over een mogelijke uitbreiding van de militaire samenwerking tussen de twee landen. Aangezien de Europese Unie momenteel met SyriŽ onderhandelt over een associatieakkoord en gelet op de humanitaire steun van de federale overheid aan de bevolking van Darfur, lijkt het me duidelijk dat we dit bericht ernstig moeten onderzoeken.

1. Heeft BelgiŽ kennis genomen van de in het krantenbericht vermelde ę verslagen van Europese geheime diensten Ľ ?

2. Was BelgiŽ, toen het besloot in samenwerking met de Verenigde Naties (VN) humanitaire steun te bieden aan de bevolking van Darfur, op de hoogte van de berichten dat militaire eenheden in juni jongstleden chemische wapens tegen de bevolking in Darfur hebben ingezet met instemming van de Sudanese regering ? Zo ja, wat hebt u ondernomen tegen de Syrische regering om dit onaanvaardbare optreden te veroordelen ?

3. Waren de VN op de hoogte van de inzet van chemische wapens in Darfur ? Zo ja, welke acties hebben de VN tegen SyriŽ en de Sudanese regering ondernomen ?

4. Zal u via de lidstaten van de Europese Unie (EU) die zitting hebben in de VN Veiligheidsraad, een onderzoek naar de inzet van Syrische chemische wapens tegen Afrikaanse burgers bepleiten ? Zo neen, waarom niet ?

5. Hoe beoordeelt u de militaire samenwerking tussen SyriŽ en de Sudanese regering ? Welke gevolgen heeft deze samenwerking voor Darfur en het zuiden van Sudan ?

6. Welke gevolgen heeft deze militaire samenwerking tussen Sudan en SyriŽ voor de samenwerking tussen BelgiŽ en SyriŽ ?

7. Welke gevolgen heeft deze militaire samenwerking tussen Sudan en SyriŽ voor de onderhandelingen tussen de EU en SyriŽ over een Associatieakkoord ?

Antwoord : Ik nam op 15 september 2004 kennis van het krantenbericht onder de titel ę Syrien test Chemischen Waffen an Sudanern Ľ dat werd gepubliceerd in Die Welt.

Uit de navraag die ik heb gedaan bij het netwerk van onze diplomatieke posten, blijkt dat de beweringen van de journalist van Die Welt nergens worden bevestigd. Experten wijzen er op dat een effectieve inzet van chemische wapens zowel vanuit politiek en militair oogpunt alsmede vanuit het internationaal humanitair recht dermate belangrijke gevolgen zou hebben dat het niet aan de aandacht van de bevoegde diensten zou kunnen ontsnappen.

Ook het Technisch Secretariaat van de organisatie voor het verbod van chemische wapens vond op het moment van de publicatie van dit artikel geen geloofwaardige bewijzen. Mocht dit wel het geval geweest zijn, dan zou deze situatie een agendapunt hebben gevormd voor alle Verdragspartijen bij de Conventie op het verbod van chemische wapens. Deze Conventie voorziet in zulk geval naast het gebruikelijk diplomatiek overleg overigens ook de mogelijkheid van een onderzoek naar vermeend gebruik van chemische wapens en van een uitdagingsinspectie op het grondgebied van Verdragspartijen bij deze Conventie.

Het spreekt voor zich dat BelgiŽ en de EU elke aanwending van chemische wapens krachtdadig zouden veroordelen en er de gepaste politieke gevolgen zouden aan vastknopen.