3-216

3-216

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 26 APRIL 2007 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Bespreking van de voor herziening voorgestelde artikelen

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - Ik zal een korte toelichting geven bij een aantal artikelen waarop ik in mijn algemene uiteenzetting niet ben ingegaan.

Ik vind het merkwaardig dat we bijna een atonale benadering hanteren van gemeenschappen en gewesten. Zelfs in federale staten waarvan de graad van decentralisatie of overdracht van bevoegdheden nauwelijks met de Belgische situatie te vergelijken is, hebben deelgebieden een grondwettelijke verankering.

Artikelen 1 tot en met 3 worden voor herziening vatbaar verklaard om duidelijk te maken dat België bestaat uit twee deelstaten, een bijzonder grondwettelijk gebied Brussel en een Duitstalige Gemeenschap. Het heeft mij altijd verbaasd dat een aantal van onze ministers op een ongedefinieerde wijze spreken over gemeenschappen en gewesten. Daarom vind ik dat grondwettelijk moet worden verankerd wat evident aanwezig is.

De heer Joris Van Hauthem (VL. BELANG). - Voor een aantal artikelen is geen voorstel van verklaring tot herziening ingediend. Het betreft bijvoorbeeld de artikelen over de vergoedingen van de kamerleden en de senatoren, maar ook de artikelen over de samenstelling van de Senaat, in het bijzonder de bepaling over de senatoren van rechtswege, die nog altijd in de Grondwet staat. Niemand, noch de meerderheid noch de oppositie, wil daar iets aan veranderen. Over de rol van de koning is naar aanleiding van de incidenten van de voorbije twee jaar opnieuw de idee geopperd om de monarch een louter protocollaire rol toe te kennen, maar behalve het Vlaams Belang vraagt niemand de herziening van de artikelen die voor die omvorming nodig is.

Voor het overige heb ik zowel in de commissie als in de plenaire vergadering voldoende duidelijk uiteengezet waarom het Vlaams Belang alle artikelen van de Grondwet voor herziening vatbaar wil verklaren.

Mevrouw de voorzitter, aan collega Van Overmeire heb ik gevraagd om het boek dat hij over de periode van 1830 en over koning Willem heeft geschreven, aan u te overhandigen.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - Bij contacten in een Europees of multilateraal kader begrijpt niemand de begrippen `gemeenschappen en gewesten'. De verklaring tot herziening van de artikelen 1 tot en met 3 hangt dus samen met de artikelen 4, 5, 6, 7, 33, 38, 39, 42 en 115 en moet in samenhang gelezen worden met onze verklaring tot herziening van artikel 35.

Wij willen de genderneutraliteit invoeren. Om hiervoor geen hele reeks artikelen in herziening te moeten stellen, stellen wij voor artikel 10, derde lid aan te passen. Wij vinden dat de Grondwet, de wetten, de decreten en de in artikel 134 bedoelde regelen genderneutraal dienen te worden geformuleerd.

De voorzitter. - Indien de door de commissie goedgekeurde tekst door de plenaire vergadering wordt goedgekeurd, vervalt dit amendement.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - We stemmen niet over amendementen. Er worden geen amendementen ingediend. We stemmen over de artikelen die op de verschillende lijsten voor herziening worden voorgesteld. Er wordt niet geamendeerd.

De voorzitter. - Als het voorstel van de commissie van verklaring tot herziening van een artikel wordt goedgekeurd, dan is het duidelijk dat de tegenvoorstellen vervallen.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - Neen. Er werd mij gezegd dat vanmiddag op de vergadering van het Bureau duidelijke afspraken gemaakt zijn. Als die niet worden nagekomen, maak ik alle voorbehoud.

Er zijn twee methodes en ze hebben beide voor- en nadelen. Er werd afgesproken artikel per artikel, lijst per lijst, te stemmen. De referentie is niet wat in de commissie goedgekeurd werd. Mocht de voorzitter daarop terugkomen, dan vraag ik een schorsing.

De heer Joris Van Hauthem (VL. BELANG). - In het Bureau werd zelfs overeengekomen dat over de verschillende voorstellen, bijvoorbeeld op artikel 1, apart zou worden gestemd. Desnoods drie keer over hetzelfde artikel. Het kan niet dat, als een voorstel van de meerderheid wordt goedgekeurd, de rest vervalt.

Mevrouw Annemie Van de Casteele (VLD). - De collega's Van den Brande en Van Hauthem hebben gelijk. De motivering voor de herziening van een grondwetsartikel is belangrijk en kan verschillen van voorstel tot voorstel.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - Wij willen artikel 180 in herziening stellen om de mogelijkheid te creëren om de voordrachten voor de leden van het Rekenhof ook door de deelstaten te laten gebeuren. Vlaanderen heeft nu, en dat geldt ook voor de andere deelgebieden, in het kader van de bestuurlijke hervorming een basisdecreet op de administratieve inrichting, een algemeen decreet op de adviesgeving en een comptabiliteitsdecreet, dat nog moet worden afgerond. De inwerkingtreding van dit laatste is om begrijpelijke redenen uitgesteld tot 2008. Het is dan ook nodig dat de deelgebieden worden betrokken bij de werkzaamheden van het Rekenhof. Ze moeten ook de mogelijkheid krijgen om zelf de regels te bepalen over het beheer van en de controle op hun financiën. De herziening van artikel 180 is geen communautaire kwestie, maar een kwestie van goed bestuur.

In alle federale staten behoort de bevoegdheid over de lokale politie tot de deelgebieden. Het was, ook gelet op de historische context, belangrijk om met het Octopusakkoord een aantal hervormingen door te voeren, maar daardoor werd vergeten dat in een normale bevoegdheidsverdeling de lokale politie een bevoegdheid van de deelstaten is. Daarom moet artikel 184 in herziening worden gesteld.

Ik wijs erop dat de huidige bepaling van decreet nr. 5 formeel in tegenstrijd is met het EVRM en de Europese regelgeving inzake het vrij verkeer van personen. Ik vind het buitengewoon storend dat een dergelijk decreet, dat de toets met de Europese regelgeving niet doorstaat, in de Belgische Grondwet overeind blijft. Ik denk niet dat velen vinden dat we moeten teruggaan naar de tijd van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, maar in het kader van goed nabuurschap en van algemene rechtsregels vind ik dat het decreet voor herziening vatbaar moet worden verklaard, zodat het uit de Grondwet kan worden geschrapt.

M. Philippe Mahoux (PS). - Je souhaiterais connaître exactement la valeur du travail réalisé en commission. En effet, on y a examiné une série de textes, y compris le projet du gouvernement. Les propositions formulées par les collègues au sein de la commission étaient considérées comme des amendements au texte déposé par le gouvernement puisqu'il s'agissait de modifications par rapport aux articles à réviser. Des votes ont eu lieu en commission et le rapport a été excellemment présenté par MM. Delpérée et Wille.

Je m'interroge toutefois sur la procédure suivie. En effet, en séance plénière, tout le travail réalisé par la commission est considéré comme n'ayant pas existé, à peine d'estimer que tous les textes qui nous sont soumis sont considérés comme ayant été déposés après l'adoption du rapport.

Je souhaiterais savoir si c'est ou non le cas. En d'autres termes, les textes se trouvant sur les bancs sont-ils les amendements déposés en commission, qui y ont été rejetés et qui sont communiqués pour information à la séance plénière ? Ou bien s'agit-il, par exception à la règle, d'amendements déposés après l'approbation du rapport ?

De voorzitter. - Het zijn geen amendementen, mijnheer Mahoux.

M. Philippe Mahoux (PS). - Les textes ont été discutés en commission, madame la présidente.

Je souhaite que l'on examine d'ici à demain comment on a procédé lors des précédentes législatures.

De voorzitter. - Voor alle duidelijkheid, we moeten stemmen over de ingediende teksten. Het ligt voor de hand dat een aantal stemmingen morgen identiek zullen uitvallen en dat iedereen daarmee rekening zal houden.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - De heer Mahoux heeft gelijk dat er duidelijkheid moet zijn. Mij werd evenwel gezegd dat we artikel per artikel zouden stemmen en dat er geen amendementen worden ingediend. Er werden trouwens soms vanuit een heel andere context verschillende voorstellen gedaan om een artikel voor herziening vatbaar te verklaren.

De voorzitter. - Ik zal een advies vragen aan onze juridische dienst.

De heer Luc Van den Brande (CD&V). - Ik begrijp dat de heer Mahoux vraagt wat de waarde is van wat in de commissie gebeurd is. Ik vind dat een redelijke vraag. Er moet natuurlijk waarde worden gehecht aan bepalingen die in een commissie een meerderheid hebben gehaald. Daarom zeggen wij heel duidelijk dat niets vervalt en dat is ook de afspraak.

De heer Joris Van Hauthem (VL. BELANG). - Mevrouw de voorzitter, u zegt dat u advies zult vragen aan de juridische dienst. Ons werd gezegd dat we geen amendementen moesten indienen. Als u nu zegt dat u tegen morgen advies zult vragen, moeten we eventueel wel de mogelijkheid krijgen onze voorstellen als amendement in te dienen.

De heer Renaat Landuyt, minister van Mobiliteit. - Ik heb enorm genoten van de commissiewerkzaamheden en van de uiteenzettingen in de plenaire vergadering. Ik heb daar niets aan toe te voegen.

-De bespreking is gesloten.

-De stemmingen over het ontwerp en over de voorstellen van verklaring tot herziening van de Grondwet hebben later plaats.

De voorzitter. - De agenda van deze vergadering is afgewerkt.

De volgende vergadering vindt plaats vrijdag 27 april om 10 uur.

(De vergadering wordt gesloten om 01.30 uur.)