Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-74

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Mobiliteit

Vraag nr. 3-5427 van de heer Ceder d.d. 14 juni 2006 (N.) :
Pilotenopleidingen. — Veiligheidsmaatregelen. — Screening van cursisten.

In Canada werden 16 moslims gearresteerd omdat zij lid zouden zijn van een fundamentalistische terreurgroep. Een van de arrestanten had zich ingeschreven in een opleiding voor piloten (hoewel hij nooit effectief de lessen kon volgen). Hij wilde een aanval uitvoeren met een vliegtuig. Zes verdachten worden aangeklaagd wegens de productie van explosieven.

Dit is natuurlijk niet het eerste geval waarbij terroristen lessen volgen in een vliegschool. De beroemdste « vliegende terroristen » zijn natuurlijk de vliegtuigkapers van 11 september 2001.

Maar er kwamen navolgers. De minderjarige Charles J. Bishara Bishop pleegde een zelfmoordaanslag door zich met een sportvliegtuig op het gebouw van de Bank of America Plaza in Tampa (Florida) te storten. Hij liet een brief achter waarin hij zijn bewondering uitte voor de kapers van 11 september en voor Osama bin Laden.

Na de arrestaties in Canada is het duidelijk dat sommige terreurgroepen nog steeds plannen hebben om vliegtuigen als wapen te gebruiken, en dat zij nog steeds proberen hun leden een opleiding tot piloot te laten volgen.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

1. Welke maatregelen waren in België vóór 11 september 2001 reeds van kracht om de personen te screenen die zich inschrijven voor een pilotenopleiding ?

2. Welke controlemaatregelen werden sindsdien ingevoerd ?

3. Bereidt de geachte minister in het licht van de recente arrestaties in Canada eventueel een verscherping van deze veiligheidsmaatregelen voor ?

Antwoord : 1. In de reglementeringen voor het bekomen van vliegvergunningen zijn er voor de verschillende categorieën van luchtvaartuigen (vliegtuigen, helikopters, vrije ballons, ULM/DPM) bepalingen die voorzien dat de aanvrager voor een oefenvergunning een getuigschrift van goed zedelijk gedrag dient voor te leggen, uitgereikt sedert minder dan een maand en met de vermelding « ten behoeve van een openbaar bestuur ». In het koninklijk besluit van 10 januari 2000 tot regeling van de burgerlijke vergunningen van bestuurder van vliegtuigen is deze bepaling voorzien in artikel 28, § 1, 3º.

Daarenboven wordt voor de aanvragers met een nationaliteit die niet behoort tot een van de Lidstaten van de Europese Unie, bijkomend het advies gevraagd van de algemene directie van Vreemdelingenzaken.

2 en 3. De leden van het Belgisch vliegend personeel die toegang krijgen tot de luchtzijde van Belgische luchthavens en voor wie een lucht-havenidentificatiebadge aangevraagd wordt, zijn onderworpen aan een voorafgaandelijk veiligheidsonderzoek. Overigens maakt de problematiek van de background screening van de leden van het vliegend personeel momenteel ook het voorwerp uit van beraadslagingen binnen het EU Security Committee, opgericht in uitvoering van de verordening (EG) 2320/2002 inzake de beveiliging van de burgerluchtvaart. « Dit zou op termijn kunnen leiden tot een Europese regelgeving terzake.