Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-61

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Vice-eerste minister en minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 3-4121 van de heer Van Overmeire d.d. 10 januari 2006 (N.) :
Federale en programmatorische overheidsdiensten. — Betwiste rekeningen. — Advocatenkantoren. — Verwijlintresten.

Uit het recente jaarboek van het Rekenhof blijkt dat de federale overheid zeer veel rekeningen laattijdig heeft betaald. In sommige gevallen zijn de verwijlinteresten daardoor opgelopen tot het tien-, zelfs het twintigvoudige van het oorspronkelijk verschuldigde bedrag. Bovendien is over vele van deze betalingen jarenlang geprocedeerd op kosten van de federale overheid. Het Rekenhof heeft geen raming gemaakt van de advocatenkosten en andere gerechtelijke kosten die daaruit zijn voortgevloeid, maar in acht genomen dat sommige procedures jarenlang hebben aangesleept, moet het om aanzienlijke bedragen gaan.

1. Hoeveel kosten hebben de federale en programmatorische overheidsdiensten die van de geachte minister afhangen, gemaakt voor procedures die voortvloeiden uit betwiste rekeningen ? In hoeveel procent van de gevallen hebben de betrokken overheidsdiensten zulke procedures gewonnen ? Wogen de kosten hierbij op tegen de verschuldigde bedragen ?

2. Hoeveel advocatenkantoren werden ingeschakeld voor zulke procedures ? Wat is de procentuele of absolute verdeling van het aantal dossiers tussen deze kantoren ? Wat is de procentuele of absolute verdeling van de uitbetaalde kosten aan deze kantoren ?

3. Hoeveel verwijlintresten hebben de federale en programmatorische overheidsdiensten die van de geachte minister afhangen, moeten betalen omdat rekeningen laattijdig werden vereffend ? Wat is de verhouding tussen deze verwijlintresten en de oorspronkelijk verschuldigde bedragen ?

Antwoord : Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vraag.

1. In het jaar 2005 werden er twee dagvaardingen gelanceerd tegen de Belgische Staat vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken wegen het niet-betalen van facturen. De kosten hiervoor bedroegen 3 000 euro.

2. In deze procedures werd in 1 dossier een advocaat aangesteld.

3. Voor het jaar 2005 betaalde het departement een bedrag van 488 000 euro als verwijlinteresten.