3-161 | 3-161 |
M. le président. - M. Vincent Van Quickenborne, secrétaire d'État à la Simplification administrative, adjoint au premier ministre, répondra.
Mevrouw Stéphanie Anseeuw (VLD). - Het Belang van Limburg pakte op 31 maart jongstleden uit met een grootscheepse fraude rond werkloosheidsuitkeringen onder allochtonen.
Volgens het artikel kunnen burgers van buiten de Europese Unie, die via gezinshereniging naar ons land komen, krachtens de wet Belgische werkloosheidsuitkeringen krijgen als ze hier welgeteld één dag werken, indien ze in het land van oorsprong - in casu Turkije - voldoende dagen gepresteerd hebben.
Wie die dagen niet had, werd voortgeholpen door een bediende van het ABVV die tegen betaling zorgde voor vervalste Turkse arbeidsbewijzen en voor een dagje fictieve tewerkstelling in België.
Ik vrees dat er niet enkel in de werkloosheid wordt gefraudeerd, maar ook in de ziekteverzekering. Ik ben ook bezorgd over de controle op ziekte- of invaliditeitsuitkeringen wegens langdurige arbeidsongeschiktheid voor personen die via gezinshereniging naar ons land zijn gekomen en een periode van arbeidsongeschiktheid in het land van oorsprong kunnen aantonen.
Immigranten uit diverse landen kunnen Belgische werkloosheidsuitkeringen krijgen op basis van arbeidsprestaties in hun land van oorsprong. Bestaat er een gelijkaardige regeling in de ziekteverzekering waarbij ingezetenen een uitkering ontvangen op basis van attesten die werden opgesteld in het land van oorsprong?
Zo ja, over welke landen en over hoeveel zieken gaat het?
Wordt de authenticiteit van die attesten van het land van oorsprong onderzocht? Zo ja, hoeveel dossiers werden gecontroleerd en wat waren de resultaten?
De heer Vincent Van Quickenborne, staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging, toegevoegd aan de eerste minister. - Ik antwoord namens de minister van Sociale Zaken.
Wanneer een persoon arbeidsongeschiktheidsuitkeringen ontvangt ten laste van een EU-land of van een land waarmee België een bilateraal verdrag inzake sociale zekerheid heeft gesloten, heeft de betrokkene in principe geen recht op uitkeringen ten laste van België, aangezien de betrokkene niet de hoedanigheid heeft van gerechtigde in het kader van de Belgische arbeidsongeschiktheidsverzekering. De EU-verordeningen 1408/71 en 574/72 inzake sociale zekerheid en sommige bilaterale verdragen bepalen wel dat wanneer de betrokkene in België komt wonen, hij zijn buitenlandse uitkering behoudt.
Indien een persoon in België werkt en dan arbeidsongeschikt wordt, schrijven de EU-verordeningen en bilaterale verdragen voor dat de verzekeringstijdvakken in het buitenland moeten worden samengeteld met de tijdvakken van tewerkstelling in België om een eventueel recht op Belgische uitkeringen te openen. Deze samentelling kan alleen wanneer de tijdvakken van tewerkstelling van de betrokkene in België niet volstaan, anders geldt een wachttijd van zes maanden. Wat het Belgisch-Turkse verdrag in het bijzonder betreft, is samentelling enkel mogelijk op voorwaarde dat de tewerkstelling in België begonnen is binnen een termijn van een maand te rekenen vanaf het einde van de tewerkstelling in Turkije. De betrokkene moet voldoen aan de andere voorwaarden om aanspraak te kunnen maken op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, zoals bijvoorbeeld de criteria om als arbeidsongeschikt te kunnen worden beschouwd.
De Dienst voor Uitkeringen van het RIZIV beschikt niet over precieze gegevens om een antwoord te kunnen geven op al uw vragen.
De gegevens die de buitenlandse bevoegde instellingen meedelen betreffende de in hun land gerealiseerde verzekeringstijdvakken, worden als authentiek beschouwd. Er zijn dus geen eensluidende afschriften vereist. De ziekenfondsen of de Dienst voor Uitkeringen van het RIZIV kunnen de betrokken buitenlandse instelling contacteren voor bijkomende informatie of nazicht.
De Dienst voor Uitkeringen heeft geen weet van dossiers waarin de door de buitenlandse instelling meegedeelde gegevens inzake verzekeringstijdvakken fictief zouden zijn.
Mevrouw Stéphanie Anseeuw (VLD). - Ik dank de staatssecretaris voor het antwoord, hoewel ik er niet veel wijzer van ben geworden.
M. le président. - Nous poursuivrons nos travaux cet après-midi à 15 h 00.
(La séance est levée à 12 h 35.)