3-150 | 3-150 |
Mme la présidente. - M. Vincent Van Quickenborne, secrétaire d'État à la Simplification administrative, adjoint au premier ministre, répondra.
De heer Hugo Vandenberghe (CD&V). - Het Finse defensiebedrijf Patria heeft bij de rechtbank van eerste aanleg in Brussel een klacht tegen de Belgische Staat ingediend aangaande de aankoop van 242 nieuwe pantserwagens. Het bedrijf eist de inzage in alle stukken van Landsverdediging. Daardoor ligt de aankoop van de 242 nieuwe AIV-pantserwagens voor 700,7 miljoen euro tijdelijk stil.
Op 27 januari besliste de Ministerraad definitief het order te plaatsen bij het Zwitserse bedrijf MOWAG, een dochter van het Amerikaanse General Dynamics, maar ingevolge de Finse klacht is het contract nog altijd niet beklonken. De Finnen zijn er vooral niet over te spreken dat de Belgische Staat hun op geen enkele manier uitleg heeft gegeven over de redenen waarom zij slechter werden beoordeeld dan de concurrentie.
De directeur-generaal van de juridische dienst van het Belgische leger noemt de dagvaarding van Patria onterecht. Hij heeft laten verstaan niet te zullen nalaten het Finse bedrijf voor de rechter te slepen, indien de opgelopen vertraging de Belgische Staat extra geld kost.
Graag had ik van de minister een stand van zaken gekregen over de aankoop van de 242 nieuwe pantserwagens. Hoe reageert hij op de klacht van de Finnen en op hun verzoek om de keuze van Landsverdediging voor het Zwitserse bedrijf MOWAG grondig te motiveren? Hoeveel vertraging zal de levering van de nieuwe pantserwagens door de Finse dagvaarding oplopen? Overweegt de Belgische Staat effectief het bedrijf Patria voor de rechter te dagen, zoals de directeur-generaal van de juridische dienst laat uitschijnen?
De heer Vincent Van Quickenborne, staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging, toegevoegd aan de eerste minister. - Op 27 januari 2006 heeft de Ministerraad de minister van Landsverdediging de toestemming gegeven om het contract van de 242 armoured infantry vehicles voor het Belgische leger aan de firma MOWAG te gunnen. Op dezelfde datum bekomt de firma Patria, na eenzijdig verzoekschrift, dat de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Brussel de Belgische Staat verbiedt om het contract te sluiten, teneinde de firma Patria de mogelijkheid te geven om binnen de tien dagen een tegensprekelijk debat te organiseren.
Op 1 februari 2006 heeft de firma Patria de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Landsverdediging, voor de rechter in kort geding gedagvaard. Op de inleidende zitting, die plaatsvond op 6 februari 2006, werd de zaak uitgesteld voor pleidooien op 6 maart 2006.
De minister is verbaasd over een eenzijdige procedure in een dossier dat de externe controleautoriteiten gunstig hebben geadviseerd, zowel ten gronde als qua vorm. Eventuele vertragingen zijn afhankelijk van de duur van de procedure, wat momenteel moeilijk in te schatten valt. De Belgische Staat overweegt via elk rechtsmiddel een vergoeding te eisen voor de schade die Landsverdediging zou ondervinden door deze procedure.
De heer Hugo Vandenberghe (CD&V). - We zullen de procedure en haar eventuele gevolgen voor het dossier afwachten. Ik heb geen antwoord gekregen op mijn vraag omtrent de motivering, nochtans een essentieel bestanddeel van een overheidsopdracht.